Voorkomen is beter dan herdenken

Nederland moet morgen stilstaan bij het eerste genocideproces ooit in Bosnië-Herzegovina. Aldus wordt, terugblikkend op het drama van Srebrenica, een goede invulling gegeven aan de 4 mei- herdenking, betoogt David Hein.

Morgen, 4 mei, om 10 uur's ochtends, begint het eerste genocideproces ooit in Bosnië-Herzegovina. Elf mannen staan terecht voor de moord op meer dan duizend mannen en jongens uit Srebrenica.

Morgenavond om acht uur is Nederland twee minuten stil om de doden uit de Tweede Wereldoorlog te herdenken.

De Tweede Wereldoorlog en Srebrenica behoren tot de grootste trauma's van onze moderne geschiedenis. Door het begin van het proces komen beide trauma's samen. In een tijd waarin het “Nationaal Comité 4 en 5 mei' zich beraadt op een extra invulling van de 4 mei-herdenkingen, zou het een gemiste kans zijn als in Nederland geen aandacht aan dit proces geschonken wordt. Het is een manier om de open wond Srebrenica stukje bij beetje te helen, en om een actuele invulling aan de 4 mei-herdenking te geven.

De oorlog in het voormalige Joegoslavië heeft de wereld geleerd dat alleen het bewijzen van lippendienst aan het idee Nie Wieder absoluut niet voldoende is om mensenrechtenschendingen te voorkomen. Het “Nie Wieder' moet meer zijn dan een slogan, het moet een oproep zijn tot voorkomen, niet tot louter herdenken. Los van de vraag of de gebeurtenissen in Srebrenica voldoen aan de juridische vereisten voor genocide, hadden de tragische gebeurtenissen voorkomen kunnen worden.

De “Nie Wieder'-gedachte heeft gevolgen gehad waar de wereld trots op kan zijn: het huidige mensenrechtenregime, toegegeven, met al zijn tekortkomingen, is er een rechtstreeks gevolg van.

“Nie Wieder' heeft echter ook geleid tot een vorm van cognitieve dissonantie, waar mensen in conflictgebieden nu de wrange vruchten van plukken: de holocaust was Het Ergste Kwaad Ooit, luidde de afspraak na 1945.

Als het nog eens zou gebeuren, zou de hele wereld ingrijpen, en ook dat sprak iedereen af. Het mocht nooit meer gebeuren - dus sprak iedereen dat ook af. En daarom is Het Ergste Kwaad Ooit na 1945 nooit meer gebeurd. Immers, dat was geweest en we hadden afgesproken dat het nooit meer zou gebeuren.

Deze gedachtegang bevrijdde de wereld van de plicht tot ingrijpen bij mensenrechtenschendingen op keinere schaal zonder de “Nie Wieder'-gedachte te schaden; het begrip erodeerde langzaam maar zeker.

Als Nederland, in casu Den Haag, de juridische hoofdstad van de wereld wil worden, zal het een voortrekkersrol moeten spelen wanneer het om rechtvaardigheid gaat. Het proces dat op 4 mei begint geeft Nederland die kans.

Na de Tweede Wereldoorlog was verzoening met het eigen Nederlanse oorlogsverleden pas mogelijk toen de echte daders hun rechtmatige straf gekregen hadden.

Pas lang daarna, en pas nadat het moderne Duitsland zijn excuses had gemaakt voor wat gebeurd was, kon Nederland eerlijk naar zijn eigen rol in de Tweede Wereldoorlog kijken, en proberen ermee in het reine te komen.

De regering van de Republika Srpska, het Servische deel van Bosnië-Herzegovina, heeft erkend dat er verschrikkelijke dingen in Srebrenica gebeurd zijn. Dat is een begin. Het begin van de rechtszaak van de mannen die ervan beschuldigd worden de trekker overgehaald te hebben in Srebrenica, is een ander begin. Het biedt Nederland de kans zijn rol te onderkennen zonder zelf als dader gezien te worden. Vanaf dat moment kan Nederland, met eerlijk gemoed en open vizier, het begrip “Nie Wieder' het leven inblazen dat het verdient en kan Nederland een voortrekkersrol op juridisch gebied gaan spelen.

Wellicht hoeft 4 mei dan voortaan niet alleen nadrukkelijk een dag van herdenken meer te zijn, maar zal het een dag worden waarin “herkennen en voorkomen' een belangrijker thema is.

Laat 5 mei dan waarlijk een dag zijn waarop vrijheid gevierd wordt - een vrijheid waar we zelf aan werken - door het voorkomen van onvrijheid.

David Hein (28) is als jurist werkzaam voor het Hof van Bosnië-Herzegovina te Sarajevo. Dit Hof houdt zich bezig met de berechting van oorlogsmisdaden begaan tijdens de burgeroorlog van 1992- 1995 in Bosnië-Herzegovina.

    • David Hein