Starters kunnen het lerarentekort zo verhelpen

De overheid spreekt van een tekort aan leerkrachten in het basisonderwijs.

Ondertussen staan recent afgestudeerde docenten te trappelen om te beginnen.

De overheid heeft volkomen gelijk als ze zegt dat voor de klas staan voor sommigen het mooiste beroep is dat er bestaat. Zo bezien is de overheid goed bezig met het pakkende tv-reclamespotje over het leraarschap. Maar waar haalt de staat toch de informatie vandaan dat er een tekort is aan leerkrachten, terwijl nu ongeveer 80 procent van mijn klasgenoten, inclusief ikzelf, nog steeds geen werk heeft voor de klas?

6 juli 2005 was voor mij een mooie dag. Ik behaalde mijn pabo-diploma. Ik had er hard voor gewerkt en was zeer gemotiveerd om aan de slag te gaan. Ik had een LIO-stage (Leraar in opleiding, red.) achter de rug op een leuke school waar ik volledig in het team paste. Er kwamen twee banen vrij. Maar de school mocht mij niet aannemen. Er is namelijk sprake van zogenoemde mobiliteitsregels. Die gelden voor alle dertig scholen die behoren tot de Inos stichting Katholiek Onderwijs Breda. Als één van die dertig scholen leerlingen dreigt te verliezen, moeten er docenten weg. Die krijgen dan de banen die vrijkomen bij andere scholen die deel zijn van de stichting. Op zich een goede regel, omdat er zekerheid blijft voor diegenen die al een baan hebben. Maar hoe komen wij starters ertussen?

Ik ben gaan werken in een kledingzaak. Voor 32 uur per week. Daarna kreeg ik eindelijk de mogelijkheid om twee dagen in de week in te vallen. Nu sta ik dus op donderdag en vrijdag voor de klas en de rest van de week in de winkel. Soms maak ik weken van negen dagen achtereen. Dat is zwaar, maar ik sta wel even voor de klas.

Het vervelende is dat de stichting pas verplichtingen jegens mij heeft als ik dertig weken op een school van de stichting heb gewerkt. Vakanties tellen niet mee. Als mijn contract afloopt, op 1 augustus 2006, kom ik aan 22 weken. Net niet genoeg om ertussen te komen. De stichting speelt het zo slim om waarschijnlijk volgend schooljaar weer iemand anders aan te nemen, zodat ik niet aan die dertig weken kan komen. Onzekerheid alom, dus.

Als ik kijk op een website als www.onderwijsvacaturebank.nl of in een banenoverzicht in een landelijk of regionaal dagblad, kom ik nauwelijks vacatures tegen voor banen in het basisonderwijs. In Groningen en Amsterdam, daar zijn soms banen. Zelfs daar heb ik - inwoner van Breda - gesolliciteerd, omdat ik bereid ben voor mijn werk te verhuizen. Wel wordt veel gevraagd naar docenten voor het voortgezet onderwijs. Mijn hart ligt daar niet, maar ik reageer er wel op. Mijn cv is niet lang, dus ik krijg alleen “dunne' brieven terug. Voor een gesprek ben ik nog niet uitgenodigd.

Over een jaar of vier zal er vast een lerarentekort komen. Tegen die tijd sta ik hopelijk voor de klas. Want hier zit een zeer gemotiveerde starter die alle mogelijkheden aan wil grijpen om deze bizarre situatie te veranderen. Dus voor alle starters die thuis of achter de kassa zitten en staan te springen om les te geven: geef die mensen werk in het onderwijs en het lerarentekort is voor een groot deel opgelost! Tot die tijd vliegt nog regelmatig de afstandsbediening naar de tv. Wat een rotspotje.

Lieve Bögels is afgestudeerd aan de pabo in Breda.

In de rubriek De Praktijk staan stukken die persoonlijk van toon zijn maar handelen over een bredere, actuele kwestie.

    • Lieve Bögels