Racefiets op gasgeld naar goud

Het kabinet gaf eind maart 141 miljoen euro uit aan “innovatieve projecten'. De helft daarvan is volgens het Centraal Planbureau geldverspilling. “Het leek alsof ze onze argumenten gewoon niet wilden horen.“

De ontwikkeling van een nieuwe, aërodynamisch geoptimaliseerde, lichtgewicht racefiets moet Nederland tijdens de Olympische Spelen in Peking helpen een gouden medaille binnen te slepen. Net zoals de klapschaats dat eerder deed.

Het project Innosport van bedrijven, sportkoepel en olympische organisatie NOC*NSF en onderzoeksinstituut TNO krijgt 15 miljoen euro van het kabinet om zo'n fiets, en andere innovaties op sportgebied, te ontwikkelen.

En dat is verspilling van overheidsgeld, volgens het Centraal Planbureau (CPB). Gisteren werd bekend dat van de 24 projecten die eind vorig jaar aanspraak wilden maken op geld uit het Fonds Economische Structuurversterking (FES), dat gevoed wordt door aardgasbaten, het CPB er maar zes goed vond. Vier hadden zowel goede als mindere kanten, en veertien waren volgens het CPB echt onder de maat.

Het project Innosport is één van die veertien. Het CPB vindt dat in de sport zoveel geld omgaat, dat het bedrijfsleven het onderzoek naar nieuwe snufjes zelf wel kan financieren. Bovendien, zo stelt het Planbureau in zijn rapport, zal het onderzoek niet leiden tot “meer oranje op het erepodium“.

Vooral die laatste opmerking steekt Marcel Sturkenboom. Als directeur Sport van NOC*NSF was hij een van de indieners van het project en hij begrijpt niet dat het CPB het niet goed vond. Volgens hem kan het onderzoek wel degelijk leiden tot meer Nederlandse kampioenen.

Sturkenboom noemt als voorbeeld het drankje Peptopro, het meest recente product van een ander samenwerkingsverband met TNO en chemiebedrijf DSM. Daarmee kunnen sporters na een wedstrijd sneller herstellen. Sturkenboom: “De hele Nederlandse ploeg heeft dat in Athene exclusief gedronken en DSM gaat dat op de markt brengen.“ Kortom, economische én sportieve winst voor Nederland, vindt hij.

Het CPB oordeelde anders, maar Innosport krijgt wel geld. Want naast het CPB, dat naar de economische waarde kijkt, worden de projecten ook beoordeeld door een Commissie van Wijzen, die naar de wetenschappelijke verdiensten kijkt. En uiteindelijk beslist het kabinet, waarmee het besluit, zoals Sturkenboom zegt, “een belangrijke politieke lading“ krijgt.

Van de ondermaatse en gemengde projecten honoreerde het kabinet er vijf; ze kregen in totaal 81 miljoen euro. Daarnaast kregen zes andere projecten alvast 22,1 miljoen euro om een beter projectvoorstel te schrijven, zodat ze in de volgende FES-ronde een grotere kans maken. De rest van het bedrag van 141 miljoen euro ging naar projecten waar het belangrijkste economisch adviesorgaan van het kabinet wel positief over was.

“We hebben zo ons best gedaan het CPB te overtuigen“, zegt Alma Schaafstal. De tien miljoen euro is al binnen, maar vanaf haar vakantieadres verdedigt de beoogd zakelijk directeur van het nieuwe centrum voor Advanced Gaming and Simulation haar projectvoorstel nog een keer met verve.

Schaafstal: “Ik zie ons daar nog zitten bij het CPB. Ze waren heel streng, en het leek alsof ze onze argumenten gewoon niet wilden horen.“

Schaafstal deed met enkele partners ook een succesvolle gooi naar geld uit het FES-fonds, voor onderzoek naar computerspellen. En ook dit project leidt volgens het CPB tot een “verlaging van de maatschappelijke welvaart“. Schaafstal: “Gelukkig is het CPB uiteindelijk overruled“.

Het onderzoek van Schaafstal richt zich zowel op games voor entertainment als op games voor onderwijs- of informatiedoeleinden. Zo kunnen bijvoorbeeld aankomend artsen, schoolkinderen of militairen zich door simulatie in nieuwe situaties leren te redden.

Over de eerste categorie vertelt Schaafstal dat in Nederland veel kleine game-ontwikkelaars zitten die erg afhankelijk zijn van grote spelcomputermakers en uitgevers van games. Door onderzoek te doen naar hoe de branche efficiënter kan werken, krijgen deze bedrijven meer financiële armslag, zegt Schaafstal. Maar het CPB denkt dat het effectiever is in te grijpen in de gamemarkt, bijvoorbeeld door maatregelen op het gebied van mededinging. Over de markt voor serious gaming zegt het CPB dat die zo prematuur is, dat overheidsingrijpen alleen maar verstorend kan werken.

Met andere woorden: als het echt zo veelbelovend is, zal het bedrijfsleven er zelf wel in investeren. Volgens Schaafstal is het project juist nodig om de branche van de grond te krijgen.

Schaafstal vindt het jammer dat het CPB niet positief is. Het onderzoek naar games wordt al nauwelijks serieus genomen, zegt ze. “Iedereen begint altijd te lachen zodra je erover begint, terwijl er erg veel geld in omgaat.“ Maar voor het onderzoek heeft het negatieve oordeel geen consequenties. Dat gaat gewoon van start.

Hoeveel geld gaat er naar een kennisproject

NRC Handelsblad 020506 / BG / Bron: CPB