Ook EU maakt het migrant moeilijker

Het Franse parlement buigt zich deze dagen over voorstellen om de immigratie te beteugelen. Frankrijk staat daarin niet alleen. In vrijwel alle Europese landen woedt een debat over immigratie, al dan niet in combinatie met integratie. De intensiteit verschilt, maar de inzet is steeds dat het strenger moet.

In Europa was asiel en immigratie tot voor kort eigenlijk alleen een onderwerp voor (rechts-) populistische, soms openlijk xenofobe partijen, zoals de Oostenrijkse FP-, de Deense Volkspartij, Front National in Frankrijk en Lega Nord in Italië. Ze hadden vooral twee dingen gemeen: ze waren tegen en ze kregen niet al te veel politieke voet aan de grond.

De aantallen immigranten en asielzoekers - jaarlijks tussen de 2 en 3 miljoen - baarden wel zorgen. Na de val van de Muur in 1989 werd steeds vaker geopperd dat Europa behoefte had aan een gemeenschappelijke asiel- en immigratiepolitiek. De eerste aanzet daartoe formuleerden de Europese regeringsleiders in het Finse Tampere in 1999.

Veel is daar tot dusver niet van terechtgekomen. Integendeel, de aanhoudende migratiedruk, de aanslagen van 11 september 2001 en de langdurige economische malaise hebben er beslissend toe bijgedragen dat in de meeste EU-landen het accent kwam te liggen op een nationale aanpak.

Voor Nederland vormde daarin de opkomst van en de moord op Pim Fortuyn (“Nederland is vol') het omslagpunt. Maar ook elders in Europa konden gevestigde partijen niet langer om het migratievraagstuk heen. Ze konden niet geruststellend blijven vertrouwen op een Europese oplossing.

Sindsdien tekenen zich twee beleidslijnen af: restrictiever en selectiever. Met navenant stoerdere woordkeus: “Wie niet van Frankrijk houdt, moet maar weggaan“, aldus de Franse minister van Binnenlandse Zaken, Nicolas Sarkozy, vorige week. Het Amerikaanse weekblad Time roept hem én zijn Nederlandse collega Rita Verdonk (Vreemdelingsenzaken en Integratie) deze week uit tot architecten van de nieuwe Europese “exitstrategie'.

De gereserveerdheid jegens nieuwkomers beperkt zich niet tot “derdelanders'. Zij treft ook de binnen-Europese migratie. Vrije personenverkeer mag gelden als een van de hoekstenen van de Europese Unie, twee jaar na haar oostwaartse uitbreiding houdt een handvol “oude' EU-landen zijn grenzen dicht voor werknemers uit Oost-Europese lidstaten.