Geen einde aan zorgen van Hoogervorst

Met de invoering van zijn nieuwe zorgstelsel heeft minister Hoogervorst de belangrijkste horde genomen. Een paar problemen resteren.

Tot 1 mei hadden mensen de tijd om een nieuwe ziektekostenverzekering af te sluiten. Wie begin deze week nog geen zorgpolis had, riskeert een boete. Een van de noviteiten van het nieuwe zorgstelsel is immers dat iedereen verplicht verzekerd is. Nu de eerste vier maanden van 2006 er op zitten, heeft minister Hoogervorst van Volksgezondheid (VVD), de architect van dit zorgstelsel, de belangrijkste horden genomen.

Vorige week evalueerde de bewindsman zijn geesteskind met de Tweede Kamer. Kamerlid Agnes Kant van de SP, een van de grootste tegenstanders, erkende dat de introductie van de nieuwe zorgverzekering “niet helemaal in de soep gelopen was“, ondanks voorspellingen in die richting. Een groter compliment had Hoogervorst niet kunnen krijgen, zei hij. Maar, zo gaf hij toe, het was maar goed dat hij van tevoren niet had geweten wat de lancering van zijn stelsel precies met zich zou meebrengen. Dan was hij er misschien wel nooit aan begonnen. Want het aantal in- en uitschrijvingen van verzekerden is boven alle verwachtingen uitgekomen op meer dan 6 miljoen. Circa 3 miljoen mensen wisselden van zorgverzekeraar. Daarnaast hebben veel mensen hun polis bij hun oude verzekeraar gewijzigd. Opmerkelijk is dat slechts vijf procent van alle verzekerden een eigen risico heeft gekozen. Dat komt omdat verzekeraars daar (door de risicoverevening) relatief lage kortingen tegenover stellen.

Het minst tevreden is Hoogervorst over de problemen die hij gepensioneerden in het buitenland bezorgde. Maar voor deze groep ontwikkelt hij een wetswijziging die aan hun grieven tegemoetkomt. Ook gaf hij toe dat huisartsen met vervelende declaratieproblemen kampen sinds begin dit jaar. “Dat loopt niet helemaal geweldig.“ Overbelaste verzekeraars blijken niet in staat de rekeningen van huisartsen naar tevredenheid te voldoen, waardoor de dokters het tijdelijk met minder inkomsten moeten stellen of met voorschotten. Zelfs Hoogervorsts eigen huisarts had de minister daarop aangesproken. Sommige huisartsen zouden hun praktijk al hebben gesloten door de administratieve rompslomp, de helft zou binnen een half jaar in financiële problemen komen.

Een “veegploeg' van huisartsen, verzekeraars en ambtenaren moet de onvrede uit de wereld helpen, maar Hoogervorst kon niet aangeven wanneer. Dit tot grote ergernis van een aantal Kamerleden.

Dan zijn er de onverzekerden en de wanbetalers die het Hoogervorst lastig kunnen maken. Vroeger was iedereen verzekerd, zelfs als mensen het nalieten premie te betalen. Nu moeten burgers zelf initiatief ontplooien. Doen zij dat niet, of worden zij wegens wanbetaling geroyeerd door hun verzekeraar, dan raken zij onverzekerd. Volgens verzekeraar OZ zou Nederland met deze nieuwe spelregels bewust op een ramp afstevenen.

Maar Hoogervorst is eerder bang voor mensen die zich aanmelden bij een verzekeraar, geen premie betalen, zich laten royeren en vervolgens naar een nieuwe verzekeringsmaatschappij stappen. Dit kan tot een carrousel van wanbetalers leiden die moedwillig blijven hoppen van de ene maatschappij naar de andere - verzekeraars mogen met de nieuwe acceptatieplicht immers niemand weigeren.

Om dit probleem voor te zijn, studeert het departement nu met de zorgverzekeraars op mogelijkheden om wanbetalers aan te pakken. Hoogervorst zei te kijken naar een “zwaarder incassobeleid“, terwijl zorgverzekeraars zinspelen op loonbeslag. Duidelijk is in elk geval dat de minister weigert toe te geven aan de oproep van verzekeraars om voor deze groep de acceptatieplicht los te laten. Die is immers een van de pijlers van het nieuwe zorgstelsel.

Naar de ontwikkeling van het aantal onverzekerden doet het Centraal Bureau voor de Statistiek tot de zomer onderzoek. Pas dan zal duidelijk zijn of Nederland afstevent op een verveelvoudiging van het aantal onverzekerden tot een miljoen, zoals sceptici vrezen. Voor de tussenliggende periode heeft het ministerie een meldpunt ingesteld, waar zorgverleners met gegevens over onverzekerden terechtkunnen. Daar zijn tot nu toe 27 meldingen gedaan, voornamelijk door huisartsen en verloskundigen. Het betreft vooral mensen tussen de 20 en 65 jaar met een minimuminkomen en schulden.

Volgens Hoogervorst houden gemeenten de uitkeringsgerechtigden al bij de les met collectieve contracten en automatische inhoudingen op uitkeringen.

Zeker niet iedereen is er gerust op. Het zal in elk geval nog tot de zomer duren voordat Hoogervorst echt opgelucht adem kan halen.