Nederlandse agent gebruikt z'n mond

In aantal zijn ze niet indrukwekkend, maar dat hoeft ook niet. De Nederlandse politiemensen die straks bij het WK voetbal in Duitsland worden ingezet moeten het niet hebben van machtsvertoon en grof geweld. De 'spotters' die de Oranje-supporters in de gaten gaan houden, zijn meer van de Dutch approach. Hun wapen: de mond.

Henk Groenevelt, sinds 1997 hoofd van het Centraal Informatiepunt Voetbalvandalisme (CIV), gaat in deze functie voor de vierde keer naar een groot voetbaltoernooi. Hij leidt een 18-koppig team van spotters en coördinatoren, dat de lokale autoriteiten bijstaat.

Het voordeel: ze kennen de (probleem)supporters, spreken dezelfde taal en zijn bekend met hun gedrag. 'Zo pikten mensen van ons er twee jaar terug bij het EK in Portugal een paar zakkenrollers uit', herinnert Groenevelt zich. 'Het waren Portugezen die zich in het oranje onopvallend tussen de Nederlandse fans dachten te begeven.' Vaak zijn incidenten te voorkomen door tijdig met de betrokkenen te praten.

Groenevelt merkt dat men in Duitsland wel gecharmeerd is van deze Dutch approach. 'De Duitsers willen tijdens het WK een bepaalde sfeer creëren, ze zijn vast van plan het vriendelijk te gaan doen. Agenten worden nu ook getraind als 'communicator', dat geeft mij hoop dat men erin slaagt die feestelijke sfeer te maken.'

Groenevelts team kwam niet zo maar tot stand. 'De selectie was twee jaar geleden, nog voor het Nederlands elftal zich had gekwalificeerd. Ik werk nu aan een team voor 2008. De mensen die naar Duitsland gaan, houden zich dagelijks bezig met voetbal.'