Blangé wil wel, nu de bond nog

De volleyballers van Nesselande zijn voor derde keer op rij kampioen.

Aanstelling Peter Blangé als bondscoach in dubbelfunctie is zo'n slecht idee nog niet

Kristian van der Wel, Allan van de Loo en Marko Klok (vlnr) vieren de zege van Nesselande. Foto Pro Shots ProShots

De uitbundigheid van het feest leed er niet onder bij VC Nesselande, maar hét gespreksonderwerp na het behalen van de derde landstitel in het mannenvolleybal op rij, was niet het kampioenschap, maar de vraag wie bondscoach van het nationale team moet worden. Er is nog steeds geen witte rook, terwijl de eerste centrale training over exact een week (8 mei) is gepland.

Algemeen wordt verondersteld dat Nesselande-trainer Peter Blangé de toekomstige bondsoach is, maar de man die daar uitsluitsel over kan geven, verkoos gisteren in het Rotterdamse Topsportcentrum - waar Nesselande de finale van de play-offs tegen Dynamo met 4-1 in zijn voordeel besliste - te zwijgen.

Niet dat van Joop Alberda, technisch directeur voor een half jaar bij de Nederlandse volleybalbond (NeVoBo) en belast met de benoeming van een bondscoach, een naam werd verwacht, maar wel dat hij enige toelichting over de voortgang van zijn zoektocht zou geven. Maar niets van dat. Alberda smoorde elke poging iets aan de weet te komen met een big smile en de mededeling: 'Ik ben hier niet gekomen om het feestje van Nesselande te vervuilen.'

Die opvatting kan gemeend zijn, maar ook een strategie om lastige vragen te ontwijken. Want inmiddels is wel duidelijk dat zelfs de naam en faam Alberda geen garantie is voor een snelle benoeming. Ook wel logisch, gezien de onzekerheid over het budget. Daarover komt pas meer duidelijkheid als bekend is voor welk bedrag de NeVoBo de ontslagen bondscoach Harry Brokking schadeloos moet stellen. Maar de Amsterdamse kantonrechter, bij wie Brokking zijn ontslag heeft aangevochten, komt pas met een uitspraak na 15 mei, de dag dat hij terugkeert van vakantie.

Alberda mocht dan zijn kiezen op elkaar houden, Blangé en speler Marko Klok, twee sleutelfiguren, deden dat niet. Blangé vertelde nog maar eens, dat hij graag wil, maar wel onder zijn voorwaarden. Zijn belangrijkste eis is, dat de bond een dubbelfunctie moet accepteren, want de oud-international wil de komende twee jaar coach van Nesselande blijven. Met lichte ironie: 'Voor zover ik weet, word ik niet ontslagen. En ik ben zelf ook niet van plan voortijdig te stoppen. Een vertrek als clubtrainer is niet im Frage, nooit geweest ook trouwens. Alberda kent mijn standpunt, dus wacht ik maar af. Ik ben beschikbaar, want vanaf deze week heb ik een lege agenda.'

Buiten de geringe financiële manoeuvreerruimte heeft de NeVoBo zich een tweede beperking opgelegd door te kiezen voor een fulltime bondscoach. Een begrijpelijk standpunt, omdat daarmee de lijn van de laatste twintig jaar wordt voorgezet. En ook verdedigbaar gelet op de ambities met het nationale team aan grote toernooien deel te kunnen nemen.

Maar afgezet tegen de zwaar teleurstellende resultaten van het laatste jaar ligt het meer voor de hand wat lager in te zetten. Nederland is afgegleden tot een niveau waarmee topcoaches niet worden gepaaid. Om die reden is het zo slecht nog niet met Blangé in een dubbelfunctie te beginnen. Hij kent de cultuur en de kwaliteiten van de spelers. Bovendien heeft hij het gezag dat de NeVoBo na de instabiele periode onder Brokking van een coach verlangt. Een laatste reden om Blangé aan te stellen is een voor de hand liggende: bij de vrouwen functioneert Avital Selinger naar volle tevredenheid als bondscoach en trainer van landskampioen Martinus. En niemand bij de bond die je daarover hoort klagen.

Van Klok, het laatste jaar aanvoerder van de nationale ploeg, is bekend dat hij een uitgesproken voorkeur voor Blangé heeft. Bij Nesselande werken ze voortreffelijk samen. Maar Klok kan ook leven met een andere, bekwame coach. Dan bedoelt hij een trainer die meer te bieden heeft dan Brokking, die hij verwijt door een starre houding de benoeming van een bondcoach te gijzelen. 'Zo lang Brokking geen handreiking doet, staat hij de toekomst van het nationale team in de weg. Ik had op iets meer begrip van zijn kant gerekend, want we hadden als spelers ook na de EK van vorig jaar de bom kunnen laten barsten. Toen hebben we aangegeven dat hij zich moest verbeteren. We hebben hem daar de tijd voor gegeven, maar vervolgens heeft hij daar niets mee gedaan.'

    • Henk Stouwdam