20 doden Sri Lanka

Vredesonderhandelingen door een Noorse delegatie hebben de afgelopen dagen het recent opgelaaide geweld op Sri Lanka niet kunnen stoppen. In het oosten van het eiland zijn de afgelopen dagen zeker twintig doden gevallen bij aan de Tamil Tijgers toegeschreven geweld.

Vanmorgen werden in de havenstad Trincomalee vier burgers en een legerofficier gedood door een landmijn. Volgens een politiewoordvoerder was de mijn bedoeld voor een patrouille van de marine. De aanslag is niet opgeëist. Aanvallen met landmijnen op het leger zijn vaak het werk van de Tamil Tijgers.

In het district Batticaloa hebben de Tijgers zaterdag drie kampen aangevallen van de beweging van kolonel Karuna. Hij was eens een van de leiders van de Tijgers in hun strijd voor een onafhankelijke staat voor de Tamils, maar splitste zich in 2004 met 6.000 strijders af. De Tijgers vermoeden dat de regering Karuna steunt.

Vorige week voerde het leger twee dagen raketaanvallen uit op Tijgerbases, als vergelding voor een zelfmoordaanslag in Colombo, waarbij een vrouwelijke zelfmoordenaar probeerde de legerleider te doden. Hij overleefde de aanslag, elf anderen kwamen om. Tienduizenden sloegen op de vlucht als gevolg van de legeraanvallen, die twaalf levens kostten.

De regering heeft gisteren woedend gereageerd op de verklaring van de Europese monitoringmissie dat het leger zich schuldig heeft gemaakt aan het buitenrechtelijk doden van burgers tijdens de raketaanvallen. Volgens de missie, die eveneens kritisch was over de aanslagen van de Tijgers, was sprake van een duidelijke schending van het staakt-het-vuren uit 2002.

Beide partijen hebben dat akkoord veelvuldig geschonden. In februari kwamen ze in Genève overeen het akkoord weer in acht te nemen, maar het geweld is sindsdien alleen verder opgelaaid.