Ontwikkelingswerk van de springtop in Maleisië

Voor het eerst wordt dit jaar een wereldbekerfinale buiten Europa en de VS gehouden. Maleisië heeft de eer gekregen.

De internationale springtop is neergestreken in Kuala Lumpur, waar de finale van de wereldbeker voor springruiters wordt verreden. Twee jaar geleden werd voor het eerst in deze stad een internationaal concours georganiseerd.

Dat de internationale paardensportfederatie FEI vervolgens zo snel de finale aan de Maleisische organisatie toewees, heeft een aantal redenen. In de eerste plaats wil de overkoepelende hippische bond zijn sport graag mondialiseren. In de tweede plaats waren tot nu toe van de 27 finales er vijf in Amerika en de rest in Europa; en geen in het oosten. Niet echt een wereldwijde spreiding dus.

De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat Maleisië nu niet direct een land is waar topsport met paarden mogelijk is. Het is er om te beginnen bloedheet. Verder is veel van het gras dat hier groeit voor de paarden niet erg smakelijk en door de enorme luchtvochtigheid (er valt 2.000 mm regen per jaar) ontstaan gemakkelijk allerlei schimmelinfecties. Het is dan ook maar goed dat net als alle andere wereldbekerfinales ook deze 'indoor' wordt verreden, waarbij de airco's overuren maken om in de hal een temperatuur te creëren van zo rond de 20 graden.

De belangrijkste reden om voor Kuala Lumpur te kiezen is dat Maleisië, ondanks alle problemen, een voor het Verre Oosten unieke infrastructuur heeft voor paardensport. Zo zijn er vijftig clubs die aangesloten zijn bij de hippische sportbond, terwijl er daarnaast nog een honderdtal clubs is waar de leden individueel aan wedstrijden deelnemen. In verhouding tot andere Aziatische landen zijn er daardoor relatief veel faciliteiten op hippisch gebied.

De belangrijkste inspirator van de opbouw van de hippische sport in dit land is oud-premier dr. Mahathir Mohamad, oftewel Dr. M. Zijn passie was jarenlang de politiek, zijn hobby de paarden(sport). Dr. M stichtte ruim tien jaar geleden de Malaysian Equine Council. Deze raad krijgt geld van de organisatie die de paardenrennen organiseert, om de hippische takken van paardensport niet alleen te ontwikkelen, maar ook verder te begeleiden.

Peter Winton, organisator van deze wereldbekerfinale, verwacht dat de prestaties van de springruiters een positieve invloed zullen hebben op de paardensport in eigen land. 'Het zou gekkenwerk zijn om een wereldbekerfinale te organiseren op een plek waar nog geen enkele hippische infrastructuur aanwezig is. Dat is zaaien op dorre grond. Dankzij deze finale worden we nog beter in staat gesteld om deze sport onder de aandacht van veel mensen in Maleisië te brengen, en hopen we vooral de jeugd te inspireren om paard te gaan rijden.'

De Malaysian Equine Council heeft de wind in de zeilen, want tot voor kort was er in Maleisië een grote tweedeling. Je was arm of je was rijk, en rijk betekende weldadig rijk. In het land, dat een stormachtige ontwikkeling doormaakt, groeit nu ook de middenklasse sterk, en juist in deze groep is paardensport bij de jeugd heel populair. 'Voor sponsors was die kleine groep rijke mensen niet interessant, wel de arme groep die voor vijf ringitt een telefoonkaart koopt', zegt Winton. 'Met het groter worden van die middenklasse zal die groep ook aan betekenis winnen voor sponsors, en dan kan het hier met de paardensport alleen maar beter gaan.'

De organisator is blij dat in de wereldbekerfinale ook een ruiter uit eigen land toestemming heeft gekregen van start te gaan. Winton: 'Als wij die toezegging niet hadden gekregen zouden we deze finale niet hebben willen organiseren. Wij willen de jeugd tonen dat met goede paarden en hard trainen - en natuurlijk met geld - ook zij door kunnen dringen tot de wereldtop van de paardensport. Ja, deze wereldbekerfinale mag je rustig zien als een vorm van ontwikkelingswerk zien.'