'Mijn manier is enige weg'

De volleybalvrouwen van Martinus kunnen vandaag landskampioen worden. Een succesje voor bondscoach Avital Selinger, en pijnlijk voor Longa'59 dat afzag van een verbond met Selinger.

Avital Selinger van Martinus Avital Selinger, bondscoach Volleybal vrouwen Foto NRC H'Blad, Maurice Boyer 040519 Boyer, Maurice

Als de speelsters van Longa '59 trainen, ligt de hond van coach Mathias Eichinger in de zaal. En tijdens de drinkpauzes schuifelt het dier doodgemoedereerd tussen de speelsters door. Niemand die zich eraan stoort; het beest hoort bij de groep en is geadopteerd als mascotte. Bij Martinus traint Avital Selinger zonder hond; zo'n frivoliteit past niet bij de ernst van zijn aanpak. Eichingers metgezel symboliseert het cultuurverschil tussen de ploegen die in de finale van de play-offs een fel gevecht om de Nederlandse titel in het vrouwenvolleybal voeren. Vandaag valt mogelijk de beslissing, want bij winst is Martinus kampioen.

Hoe onderscheidend de finalisten ook zijn, ze hebben één belangrijke overeenkomst: hun ambitie. Martinus uit Amstelveen heeft een verbond gesloten met het Nederlands team, dat toewerkt naar de Olympische Spelen van 2008 in Peking. En Longa '59 uit Lichtenvoorde wil zich dusdanig verbeteren, dat het winnen van een Europa Cup tot de mogelijkheden behoort.

In de Achterhoek is voor die weg gekozen, nadat vorig jaar gesprekken met bondscoach Selinger over samenwerking met de nationale ploeg waren stukgelopen. En daar zegt manager Theo Hofland van Longa '59 nog geen seconde spijt van te hebben, ook al dreigt zijn club de play-offs, en daarmee de titel, van Martinus - lees het Nederlands team - te verliezen.

Hofland: 'Selinger stelde eisen die voor ons acceptabel waren; zoals trainen in Amsterdam, terwijl wij onze volleybalschool in het buurtdorp Zieuwent volledig voor het team hadden willen inrichten. Zijn idee zou in feite neerkomen op het afstaan van onze eredivisielicentie. Bovendien vonden we zijn plan te veel op de korte termijn gericht. Wij wilden de opleiding garanderen, zodat wij bij terugtrekking van het Nederlands team uit de competitie met een eredivisiewaardig team zouden achterblijven.'

Positief effect van Selingers vrijage met Longa '59 en de toegenomen rivaliteit met Martinus is volgens Eichinger het voortschrijdende inzicht bij de club de zaken een stuk professioneler aan te pakken. Schamper: 'Wat we vorig seizoen deden was amateuristisch. We werden kampioen met vier trainingsuren per week. Ik zou echt niet zijn gebleven als er niet het nodige was verbeterd.'

De Duitse trainer heeft zijn contract intussen met twee jaar verlengd, omdat manager Hofland per 1 augustus fulltime bij de club in dienst treedt, hij drie ochtenden in de week extra gaat trainen, de kern van de selectie blijft en wordt aangevuld met vijf zeer talentvolle speelsters. Manager Hofland met een sneer naar Martinus: 'Met die mix zijn wij de kampioen van de toekomst.'

Zo'n opmerking laat Selinger onberoerd. De bondscoach streeft doelen na die de Nederlandse competitie ontstijgen. Hij is de man van de rechte lijn, die zich niet door briesjes laat wegblazen. Het gaat om de 'bigger picture', zegt Selinger. 'Mijn systeem is de enige manier om het Nederlandse volleybal internationaal op een hoger niveau te krijgen. Zie waar het nationale mannenteam nu staat; dat is terug bij het model van vijftig jaar geleden, waarmee niets is bereikt. Toen wij twintig jaar geleden als Nederlands mannenteam met het zogenoemde Bankrasmodel begonnen, was er veel kritiek. En dat herhaalt zich nu bij de vrouwen. Hebben de mensen dan niet geleerd van het verleden?'

Schijnbaar niet, want recentelijk uitten speelster Mered de Vries en manager Harry de Haas van eredivisieclub AMVJ felle kritiek op de bundeling van alle internationals bij Martinus. Selinger vol onbegrip: 'Waar hebben we het over? Het niveau van de Nederlandse competitie is in de breedte zo laag, dat onmogelijk acht gelijkwaardige ploegen zijn te formeren, met als gevolg dat er altijd wel een ploeg dominant is. Dat gold lange tijd voor Pollux en tot vorig jaar voor Longa '59. En nu is dat Martinus.'

Opvallend genoeg krijgt Selinger steun van Eichinger, die begin jaren tachtig als assistent van bondscoach Andrej Niemczyk betrokken was bij een soortgelijk traject van het Duitse vrouwenteam. 'Selingers weg is de enige manier om de wereldtop te bereiken. Maar het is Blödsinn te denken dat Nederland in Peking goud zal winnen. Een plaats bij de eerste vijf zou al een fantastische prestatie zijn. Vergeet niet dat er op wereldniveau meer Selingers zijn.'

Minder begripvol is Eichinger voor de mens Selinger. Het stak hem vooral gestoken dat Selinger hem niet had gefeliciteerd bij het bereiken van de final four van de Top Teams Cup. 'Hij had zijn verantwoording als bondscoach moeten nemen en ons moeten gelukwensen. Bovendien hielpen we met die prestatie Nederland aan een plek in de Champions League, waarvan mogelijk Martinus gaat profiteren. Ik heb Selinger daar ook op aangesproken. Hij had geen tijd gehad, was zijn antwoord. Onzin, hij had moeiteloos vijf minuten kunnen vrijmaken.'

Daarnaast verbaast Eichinger zich over de argwaan van Selinger. 'Als ik hem voor een wedstrijd aanspreek en bijvoorbeeld vraag of hij die ochtend nog heeft getraind, schiet hij in de stress en vraagt: 'Waarom wil je dat weten.' Rustig Avital, zeg ik dan, ik ben je vijand niet. Ik ben daarin beroepsmatig geïnteresseerd. Dan ontdooit hij wel weer, maar het blijft een merkwaardige reflex.'