Jaarboekje 2005

In een stemmige zaal zaten ze ter vergadering bijeen: de dames en heren leden van de Onderwijsraad. De agenda kende slechts één punt van bespreking: het jaarverslag. De voorzitter leidde het in met een uiteenzetting over het probleem van de ontlezing. Het fenomeen ontlezing doet, zo zei de voorzitter, zich niet alleen voor onder jongeren. Ook wij volwassenen nemen steeds minder vaak een boek ter hand, nietwaar? De reactie was een beschaamd zwijgen slechts onderbroken door het gemompel van een der leden dat naar voren bracht net te zijn begonnen aan een boek over violen van Siebeldink. Goed, vervolgde de voorzitter, gunstige uitzonderingen zijn er natuurlijk altijd, maar het leek me goed het probleem van ontlezing ook te bezien in relatie tot ons jaarverslag. Een orgaan dat anderen voortdurend de les leest, moet niet schromen ook zichzelf ter discussie te stellen althans zijn jaarverslag, voegde hij er geschrokken aan toe. Wordt ons jaarverslag, hoe verdienstelijk ook, wel gelezen? En, als dit te weinig het geval is, dient zich de vraag aan: wat dan wel? Zouden de leden daar, geheel vrijblijvend, hun gedachten over willen laten gaan.

Het oudste lid bracht naar voren dat wat hem betrof het stoffige jaarverslag mocht worden vervangen door iets ludieks. Deze suggestie werd onmiddellijk van de hand gewezen als te veel de geest ademend van de jaren zeventig, nee, er diende juist iets eigentijds te komen, iets dat aansloot bij het probleem van de ontlezing. Het moet dus dun worden, begrijp ik dat goed, peilde de voorzitter. Ja zeker, heel erg dun, zo dun dat je het met enige goede wil nog net een boekje kunt noemen, opperde het jongste lid, en dan, wat mij betreft, ook met weinig tekst, meer in de trant van Fokke en Sukke die bijvoorbeeld een stuk of drie themaatjes visueel verbeelden. Dus toch ludiek, want zo noemden wij dat, haalde het oudste lid zijn gram. De meesten ging dit voorstel toch te ver. Niet dat van die drie onderwerpen, dat vond iedereen wel een goed idee, maar plaatjes, dat was misschien iets voor later als ook het nieuwe verslag nog steeds te moeilijk zou blijken te zijn. Geen plaatjes, maar in plaats daarvan korte, aan het reële onderwijs ontleende voorvallen.

Als ik de lijn van de gedachtegang tot nu toe probeer samen te vatten, dan zijn we het met elkaar op een aantal punten eens, zo vatte de voorzitter de stand van zaken samen: het jaarverslag wordt dus vervangen door een dun boekje, met een drietal thema's (de voorzitter vermeed uitdrukkelijk te spreken van themaatjes), geïllustreerd niet met plaatjes maar met praatjes. Rest ons nog de vraag: hoe gaan we dat vorm geven?

Hierover werden de verzamelde leden van de Onderwijsraad het spoedig eens: het moest gedrukt op fraai kleurrijk papier. Op voorstel van het fijn christelijke lid werd besloten het eerste thema, dat zou gaan over normen en waarden én het bevorderen van integratie, af te drukken op een oranje ondergrond. De titel, Jaarboekje 2005, was snel gevonden en omdat de klok al bijna vijf uur wees, werd besloten de rest van de vormgeving over te laten aan een eigentijds bureau. Resultaat: een fraai, maar bepaald niet de leeslust bevorderend boekwerkje. De uitbundige combinatie van kleuren en lettertypen, riep bij deze welwillende lezer steeds weer de vraag op of hij een verkeerde bril op had. Over de inhoud een volgende keer.

lgm.prick@worldonline.nl