Hogere vogeltaal

Spreeuwen hebben gevoel voor grammatica. De organisatie van het vogelbrein wijkt dus niet zoveel af van die van zoogdierhersenen. Sander Voormolen

Dat de spreeuw een fantasierijke zang heeft en snel nieuwe wijsjes kan leren, was al bekend. Maar dat de vogel ook een begrip heeft van elementaire grammatica verbaast wetenschappers, die dachten dat dit iets uniek menselijks was. foto ap ** HOLD FOR RELEASE UNTIL 1 PM EDT WEDNESDAY APRIL 26 2006 AND THEREAFTER ** This photo provided by the University of California at San Diego shows an undated photo of a starling, the sturnus vulgaris. According to a study published in the April 27, 2006, journal "Nature" , the songbirds can learn a basic grammar form, and differentiate between a regular bird "sentence" and one interrupted by a clause or a phrase. (AP Photo/University of California at San Diego, Daniel Baleckaitis) Associated Press

Er was flink wat geduld voor nodig, maar na tien- tot vijftigduizend trainingssessies slaagden onderzoekers erin spreeuwen het verschil tussen twee soorten grammatica te leren. Daarmee is bewezen dat de spreeuw de enige diersoort is naast de mens die in staat is om complexe grammatica te herkennen. Zoiets was na lang proberen zelfs bij apen (Gewone pinché, Sanguinus oedipus) niet gelukt, meldt een team van psychologen en biologen onder leiding van Daniel Margoliash van de Universiteit van Chicago deze week met enige trots in Nature (27 april).

Spreeuwen staan bekend om hun variabele zang en om het makkelijk aanleren van nieuwe en soms soortsvreemde wijsjes. In het wild imiteren ze mobiele telefoons en autoalarmen en bij spreeuwen in gevangenschap is het zelfs voorgekomen dat zij hele zinnetjes van hun menselijke huisgenoten imiteerden (zie bijvoorbeeld www.starlingcentral.net). Overigens lijkt het er niet op dat de vogels ook begrijpen wat ze zeggen.

Maar dat zij nu ook een gevoel voor elementaire grammatica blijken te hebben, wekt toch wel enige verbazing. De Amerikaanse taalwetenschappers Marc Hauser, Noam Chomsky en Tecumseh Fitch hielden vier jaar geleden in Science (22 november 2002) in een overzichtsartikel over de evolutie van taal nog vol dat grammatica met inbeddingsregels (recursie) iets unieks menselijks was. Maar nu blijkt de spreeuw zo'n grammatica te herkennen.

chomskyanen

Zonder grammatica, regels voor de woordvolgorde, ontbeert een taal structuur en worden zinnen onbegrijpelijk. Om nieuwe uitdrukkingen te maken, zijn dus grammaticaregels nodig. Alle volken op aarde, met hun verschillende talen, kennen grammatica. Chomskyanen gaan er mede om die reden vanuit dat grammatica een universele, aangeboren menselijke eigenschap is, maar dat idee is omstreden. De nieuwe ontdekking van de spreeuwengrammatica valt er ook lastig mee te rijmen.

De onderzoekers onder leiding van Margoliash maakten combinaties van acht 'ratel'- en acht 'jodel'-motieven tot 4.096 sequenties. Daarbij volgden ze twee verschillende soorten grammaticaregels; een volgens het patroon ABn, de ander volgens het patroon AnBn, waarbij n staat voor het aantal herhalingen. Dat resulteerde dus in wijsjes als 'ratel-jodel-ratel-jodel' (ABAB) of 'ratel-ratel-jodel-jodel' (AABB).

De vogels werden getraind op deze duo-combinaties. Ze werden onderverdeeld in twee groepen die ieder beloond werden voor het herkennen van één soort grammatica. Bij het horen van de juiste grammatica moesten zij met de snavel een handeltje naar beneden duwen, en alszij het goed hadden gedaan kregen ze een voedselbeloning. Na de training konden de spreeuwen ook trio- en zelfs kwartet-combinaties van elkaar onderscheiden. Van de elf volwassen spreeuwen die de onderzoekers maandenlang met engelengeduld trainden, leerden er negen het onderscheid te maken tussen de twee grammaticavormen.

Mensen kunnen duidelijk meer dan de spreeuwen. Zij kunnen het geleerde patroon moeiteloos uitbreiden naar nieuwe elementen (bijvoorbeeld CCCDDD of JJJKKK). Dat konden de vogels (nog) niet, maar zij reageerden wel anders als een geluidssequentie ten gehore werd gebracht die niet voldeed aan een van de twee geleerde grammaticaregels (bijvoorbeeld ABBA of BBAB).

Onderzoek als dit maakt duidelijk dat vogelhersenen veel complexer zijn dan lang werd gedacht. Veel cognitieve capiciteiten die voorheen alleen bij primaten en andere zoogdieren werden herkend, blijken ook bij vogels voor te komen, schrijven gedragsbiologen Johan Bolhuis (Universiteit Utrecht) en Manfred Gahr (Max Planck Institut, Seewiesen) in een overzichtsartikel dat zojuist is verschenen (Nature Reviews Neuroscience, mei 2006).

leermeester

Met name op het gebied van zang zijn er grote overeenkomsten tussen mens en vogel. Vogelzang wordt door wetenschappers gezien als een dierlijk fenomeen dat het dichtst in de buurt komt van menselijke spraak. Net als bij de menselijke taalverwerving bijvoorbeeld slaan jonge vogels de zang van een leermeester op in hun langetermijngeheugen. De gedachten over de intellectuele vermogens van de vogel zijn flink aan het schuiven.

Overigens is niet bekend wat de spreeuw nu eigenlijk aan zijn primitieve grammaticakennis heeft. Mogelijk kan hij met deze eigenschap sneller nieuwe varianten van zijn zang vormen, wat een positief effect kan hebben op zijn seksuele aantrekkingskracht. Commentator en psycholoog Gary Marcus van de New York University schrijft in Nature dat 'de intrigerende mogelijkheid bestaat dat het vermogen om recursie te herkennen mogelijk alleen zal worden gevonden in soorten die nieuwe zangpatronen kunnen ontwikkelen, zoals zangvogels, mensen en misschien ook walvissen en dolfijnen.'

    • Sander Voormolen