HET LAATSTE MODELDORP

Vijftig jaar geleden werd Nagele gesticht, een modeldorp in de Noordoostpolder. De crème de la crème van de Nederlandse architectuur ontwierp een ruime nederzetting waar de landarbeiders op adem konden komen. Nu wordt het dorp bevolkt door forensen, immigranten en een enkele nazaat van de oorspronkelijke pioniers. Theo Baart en Cary Markerink fotografeerden het dorp in 1986 en 1987 en keerden er onlangs weer terug. Portret van een dorp waar alle daken plat zijn.

De a6 loopt in een rechte lijn door de Flevopolder, en daarna door de Noordoostpolder. Je komt langs Almere, Lelystad en Emmeloord. Veel wind- molens onderweg en hier en daar een kunstwerk in de berm. Uitzicht op vlak land en flinke stukken water.

Vlak na de Ketelbrug, de verbinding tussen de Flevopolder en de Noordoostpolder, is een afslag met een bord: Nagele, Schokland. Schokland was een eiland dat zesduizend jaar geleden al bewoond was. Nagele is nieuwer: het bestaat binnenkort vijftig jaar.

'Wij zijn het modernste dorp van Europa', zegt Johan van der Slikke. Hij heeft een makelaarskantoor in Nagele. Hij zegt het met een twinkeling in zijn ogen, maar hij meent het ook wel een beetje. Als het weer meezit, zo in het voorjaar, als het gras groen is, de bomen weer in blad staan en de inwoners langs de Ring kuieren, dan begrijp je wel wat hij bedoelt. Op het eerste gezicht ziet Nagele er niet zo nieuw uit. De stoepen zijn hier en daar verzakt, de huizen en de winkels soms wat verveloos. Maar wat je wel ziet is dit: het wás ooit modern, het ademt modernisme. Op dezelfde manier als een Citroën ds uit 1956 nog steeds modern is, of een radiotoestel van Braun uit dezelfde periode.

Want een gewoon dorp is Nagele niet. De kern van het dorp is een enorm grasveld, waarop vier kerken en drie scholen staan: de gemeenschap. Om het grasveld heen loopt een straat die de Ring heet, maar die gezien zijn vorm beter de Rechthoek had kunnen heten. Aan de buitenkant van de Ring staan de huizen, die allemaal in hofjes zijn gegroepeerd. Daar wonen de leden van de gemeenschap. Om de hofjes, aan de buitenkant van het dorp, ligt een beschermende bosrand.

Het duurt even voordat je het ziet, maar dan valt het op: alle huizen, alle winkels en alle andere gebouwtjes hebben een plat dak.

De huizen aan de Vlashof, het makelaarskantoor van Van der Slikke en café-restaurant 't Schokkererf. En nóg iets bijzonders: de jaren zeventig, tachtig en negentig zijn aan dit dorp voorbijgegaan. Alles is sober en eenvoudig, nergens heeft de middenstandsvereniging of een bewonersgroep een beeldje neergezet of een fontein laten aanleggen. Het is hier ruim en leeg, net als in de polder, en toch is het beschut.

Bedacht en ontworpen

De ruimte, de leegte, het groen, het is allemaal bedacht en ontworpen. Ruim dertig architecten en stedenbouwkundigen hebben er bijna tien jaar lang over gepraat en aan getekend, van 1947 tot 1956. Aldo van Eyck, Mart Stam, Gerrit Rietveld, Benjamin Merkelbach, Cornelis van Eesteren en anderen, allemaal kopstukken van het Nieuwe Bouwen. Ze waren verenigd in de groep 'de 8' en later kregen ze nog gezelschap van Rotterdamse architecten uit 'Opbouw', zoals Jaap Bakema. Tuinarchitecte Mien Ruys ontwierp de groene ruimten in het dorp.

De huizen zijn niet groot, ze waren vooral voor landarbeiders bedoeld, en die woonden nu eenmaal klein. Maar de woonblokjes staan royaal in het groen. Vijf woningen per hectare, dat vind je alleen in villawijken. 'Als ik er kom ontroert het me nog steeds', zegt planoloog Zef Hemel, die een boekje schreef over het ontwerp van Nagele, en nu adjunct-directeur is van de dienst Ruimtelijke Ordening in Amsterdam. 'Als geheel is het wonderschoon. Een van de weinige ideaal-nederzettingen die er zijn. En het staat cultuurhistorisch nog steeds overeind.'

Het is waar, de andere dorpen van de Noordoostpolder, zoals Espel, Tollebeek, Kraggenburg, Bant of Luttelgeest, liggen er een stuk ongeïnspireerder bij.

De planning van Nagele beperkte zich niet tot de huizen en de grasvelden. Bij de bewoners werd evenmin iets aan het toeval overgelaten. Zoals dat ook in de rest van de Noordoostpolder het geval was, werden de aspirant-bewoners zorgvuldig gekozen. Er was een grote honger naar land zo vlak na de oorlog. Boerenzoons, landarbeiders, avonturiers, iedereen wilde wel een toekomst in de polder. Maar de eisen waren streng.

Je moest tussen de 26 en 50 zijn, in de landbouw werkzaam, van onbesproken gedrag en getrouwd zijn of ver gevorderde trouwplannen hebben. Een leger van selecteurs ging op het oude land op huisbezoek en koos uit de vele gegadigden de beste kandidaten. Als het erf er slordig bij lag, de bedden 's middags nog niet waren opgemaakt of als de vrouw des huizes gezellig een sigaretje opstak, dan velden de selecteurs een negatief oordeel. Naar gelang hun geschiktheid kregen de kolonisten 12, 24, 36 of 48 hectare in pacht.

De staat bleef eigenaar van de grond, pas veel later zouden de boeren het land kunnen kopen.

Onderduiker

Henk te Raa was een van de pioniers die uiteindelijk een boerderij konden pachten. In 1943 vertrok hij uit zijn geboortedorp Borculo naar het nieuwe land, als onderduiker. 'Toen zag ik het geweldige van dat land', zegt Te Raa nu. 'Daar wilde ik blijven.' In 1955 kreeg hij 31 hectare van de overheid in pacht en begon hij zijn eigen boerenbedrijf. Te Raa is nu 83 en woont met zijn vrouw Reintje aan de Havenweg, even buiten Nagele.

Actievere tachtigers zijn moeilijk te vinden. 'Maar', zegt Te Raa, 'in het verenigingsleven zit ik niet meer zo. Alleen nog in de Bijenvereniging, en de Aardappelkwekersclub. Man! Ik had zo'n mooi aardappelras gekweekt. Het zou naar mijn vrouw gaan heten. Reintje. Maar die aardappel kon niet door de machine gerooid worden. En dan heb je dus niks!

'Verder ben ik lid van het cda, en van de Vrienden van Schokker.

En vrijdagavond ga ik naar de soos.' Bij zijn vrouw is het ook minder geworden. 'Ik ben nog wel lid van de tuinclub, en van de kunst- en cultuurclub. En ik zit in een bijbel-gespreksgroep, op een boekenclub en ik doe aan aquagym. En verder de wandelclub, de vrouwenvereniging, en gewone gymnastiek. En dan doe ik nog vrijwilligerswerk in het museum.'

Het museum is de voormalige rooms-katholieke kerk, ontworpen door architect Jaap Bakema. Bij gebrek aan kerkgangers herbergt het monumentale gebouw nu een permanente expositie over de architectuurgeschiedenis van het dorp, ook zijn er wisselende tentoonstellingen te zien.

Het museum wordt bemand door meer dan honderd vrijwilligers, die bij toerbeurt en met zijn tweeën de bezoekers ontvangen. Het dorp is trots op zijn architectuur en koestert de platte daken als een kostbare schat.

'De gemeenschapszin is hier heel groot', zegt Cees van der Sar, voorzitter van Vereniging Dorpsbelang Nagele. Dorpsbelang behartigt de belangen van het dorp bij het gemeentebestuur, dat in Emmeloord zetelt. 'Ik schat dat de helft van het dorp wel vrijwilliger is bij het een of ander. Als we een feest hebben, dan timmert de aannemer voor niks en de loonwerker graaft pro deo. 'Dat komt', zegt Harm Piet Smith, Nagelees sinds 1978 en nu voorzitter van museum Nagele, 'doordat iedereen die hier is komen wonen niet dat behoudende had, dat geborgene. Ze hadden allemaal de moed gehad om te verkassen, om met elkaar een nieuw leven te beginnen. Hier heerst sterk het idee: we kennen elkaar allemaal en dat knappen we even op.'

Maar hoe zit dat met de nieuwe bewoners? 'Ze krijgen allemaal een informatiepakket', zegt Cees van der Sar. 'En ze worden bijna allemaal lid van de buurtvereniging.' Toch valt het niet te ontkennen: nieuwe bewoners voelen niet dezelfde verbondenheid met de plaats als de eerste bewoners. Ze werken in Kampen, Zwolle of Lelystad en ze kiezen voor Nagele omdat het er rustig wonen is. Of ze komen uit Polen, Bosnië of Suriname en hebben in Nagele hun tenten opgeslagen omdat daar toevallig plaats was.

Er is een tijd geweest dat woningbouwvereniging Mercatus, die de meeste huizen in bezit heeft, geen huurders voor de goedkope woningen kon vinden of 'moeilijke gevallen' in de woningen plaatste. 'Brandnetels tot aan de vensterbank, dat werk', zegt Smith. Daar heeft Dorpsbelang de woning- bouwvereniging een paar keer dringend op aangesproken. Sinds die tijd gaat het beter. Maar het is onweerlegbaar: met de intrede van de Polen, de forensen en de andere nieuwkomers is Nagele pas echt een modern dorp geworden.

Nil sine labore

Ook op de buitenwegen, waar de boerderijen staan, is het polderleven aan het veranderen. Maar pioniers als Te Raa en zijn vrouw zetten zich nog elke dag in voor de gemeenschap. Toen de uit Aruba afkomstige Azara Mingo met haar man in een verbouwd landarbeidershuis aan de buitenweg kwam wonen, stapten de

Te Raas al spoedig op haar af.

'We zijn heel goed opgevangen. Door de Te Raas, maar ook door een paar andere mensen hier. Onze kinderen zeggen nu opa en oma tegen ze.' Mingo werkt in het theater 't Voorhuys in Emmeloord. Op zondag zingt ze de sterren van de hemel in Nil sine Labore, het koor van de Samen op Weg-kerk in Nagele.

Tegenover inburgeringen als deze staan weer mensen die juist steeds minder met Nagele van doen hebben. Neem Nico Bleeker. Hij is de zoon van een boer die in 1955 een bedrijf in pacht kreeg. Hij woont op de voormalige boerderij van zijn vader, maar alle grond is verkocht, de boerderij is verbouwd en Bleeker heeft zijn vleugels uitgeslagen. 'Nee, ik ben niet meer zo betrokken bij het sociale leven', zegt Bleeker. 'Vroeger wel, maar nu zit ik veel in het buitenland.' Bleeker kan model staan voor een generatie die zijn wortels in de agrarische sector heeft, maar inmiddels iets anders doet. Hij is nu consultant, en brengt zijn kennis van het boerenbedrijf vooral in Indonesië in de praktijk.

Makelaar Van der Slikke bewandelt nog een middenweg. Ook hij is een boerenzoon, en ook hij is in een andere branche beland. Maar hij heeft nog 24 hectare in bezit en het boerenbedrijf doet hij erbij, 's avonds en in de weekenden, met hulp van zijn vrouw. 'Ik probeer het in stand te houden zoals het was.' Om het geld doet hij het niet, het is iets anders. 'Je wordt wel eens wakker en dan weet je: het voorjaar is er! Dat is zo'n boergevoel! Dan ben ik niet meer te houden. Dan zit mijn vrouw op kantoor en rijdt deze jongen op het land.'

'Misschien', zegt Van der Slikke, 'is het wel zo dat door de beperkte grootte van de bedrijven in de Noordoostpolder de boeren al vroeg begrepen dat ze er iets bij moesten doen.' De een werd agrarisch makelaar, de ander consultant en weer een ander begon een fabriekje waar aanhangwagens worden gemaakt.

Dat was de ene strategie. De andere was schaalvergroting. De polder begon met zo'n 1600 landbouwbedrijven, het zijn er nu nog geen duizend en de verwachting is dat over een jaar of tien daar nog de helft van over is. Niet doordat er grond aan de landbouw onttrokken wordt, maar meer omdat een landbouwbedrijf van minder dan 80 hectare nauwelijks nog rendabel te krijgen is. Van der Slikke verwacht dat er de komende tijd nog zo'n 500 boerderijen vrij zullen komen voor particuliere bewoning.

De beste grond

Zal de Noordoostpolder wel een landbouwgebied blijven? De Nagelezen hopen het. 'Het is de beste grond van Europa', zegt Henk te Raa. 'Ik denk het wel', zegt Johan van der Slikke. 'De grond is heel goed, en de verkaveling is voor de boerenbedrijven heel praktisch. Alles is recht.' Maar hij voorziet wel een overschakeling op intensievere landbouwvormen, misschien ook glastuinbouw. 'In die bulkproducten als aardappelen, uien en tarwe zit niet heel veel toekomst meer', zegt ook Nico Bleeker. 'Misschien moeten we het zoeken in de alternatieven voor fossiele brandstoffen. Als ethanol aan de benzine wordt toegevoegd, komen de suikerbieten weer in beeld.'

En hoe moet het verder met het dorp? Met Nagele? De noodzaak tot schaalvergroting heeft ook hier toegeslagen. Het winkelpand van woninginrichter Withaar staat te koop. Hij heeft in Nagele geen expansiemogelijkheden meer en is met zijn vloerbedekking naar Emmeloord verkast. Voor café-restaurant 't Schokkererf is Nagele al heel lang te klein en sinds er ook bruiloften en partijen in schuren op het land worden georganiseerd, is de exploitatie penibel geworden. De kapper kan het nog bolwerken en het plaatselijke supermarktje is een soort solidariteitsproject. 'Als je wilt dat de supermarkt blijft', zegt Van der Sar, 'dan moet je er ook je boodschappen doen, zeg ik tegen iedereen.'

Uitbreiding is het enige dat erop zit. De Nagelezen zijn er daarom erg over te spreken dat de gemeente Noordoostpolder onlangs tien hectare aan de oostkant van Nagele heeft aangekocht voor woningbouw. Er zullen zo'n 150 woningen verrijzen. Met platte daken, want dat staat inmiddels in het bestemmingsplan. 'En het moet geen wijkje worden van dertien in een dozijn', zegt Anjo Geluk. Ze woont op een boerderij even buiten Nagele en zit voor de vvd in de gemeenteraad van de Noordoostpolder. 'Ik heb een plan ingediend om er weer een bijzonder architectonisch project van te maken. Daar komen mensen op af.' En aan de bestaande huizen moet nodig iets gedaan worden. 'Die woningen zijn wel erg klein. De huren zijn laag, maar dat betekent weer dat het mensen trekt die alleen daarvoor komen, die verder weinig met Nagele hebben. De gemeenteraad heeft de woningbouwvereniging al gevraagd om eens te onderzoeken of je die woningen niet kunt samenvoegen. Van drie woningen twee maken, of van! vier drie.' Of een puntdak erop? 'Nee, dat moet je niet doen. Ik snap wel dat je de buitenkant zoveel mogelijk intact moet laten.'

Planoloog Zef Hemel heeft een veel radicaler scenario in gedachten: 'Restaureren. Zoveel mogelijk weer in de oorspronkelijke staat terugbrengen. Er is in Nederland zó weinig van het functionalistisch bouwen overgebleven, en het wordt nu overal afgebroken. Waarom zou je het niet op één plaats instandhouden?'

Het is een idee. Dan zou het modernste dorp van Europa nog heel lang zo modern kunnen blijven als het in 1956 ooit was. Maar waarschijnlijk is het niet. De modernisering van het moderne is meestal sterker dan het behoud ervan.

Op 12 mei verschijnt bij NAi-uitgevers het boek 'Nagele revisited. Een modernistisch dorp in de polder', met foto's van Theo Baart en Cary Markerink. Op dezelfde dag wordt in Museum Nagele een expositie geopend, tot 29 oktober.

'Als je wilt dat de supermarkt blijft, dan moet je er ook je boodschappen doen, zeg ik tegen iedereen.'

Theo Baart en Cary Markerink zijn fotografen.

Warna Oosterbaan is redacteur van NRC Handelsblad.

Rectificatie / Gerectificeerd

In het artikel Het laatste modeldorp (M, 6 mei) staat bij de foto op pagina 50 dat de afgebeelde woningen door Gerrit Rietveld zijn ontworpen. De woningen zijn echter van de architecten Bekker en Strobrand. Op pagina 51 staat dat ook café-restaurant ’t Schokkererf een plat dak heeft. Dit gebouw heeft een bescheiden puntdak.

    • Warna Oosterbaan