Groen met een tic

Meer dan eens is de overheid coulant bij het fiscaal stimuleren van belangrijke ontwikkelingen. Neem het bezit van de eigen woning, de voorziening voor de oude dag, de spaarloonregeling en de levenloopregeling, maar ook ons milieu. Die steun ligt vast in de regeling Groen Beleggen, waardoor zo'n 200.000 mensen sparen en beleggen via 4.000 projecten. Zie onder meer deze rubriek van 18 maart ('Groener beleggen') via het digitale archief van NRC Handelsblad.

Of de gratis bochure Groen Beleggen van Senter Novem, Postbus 8242, 3503 RE in Utrecht. Ook de Belastingtelefoon (0800-0543) verstrekt informatie over de aangewezen groene fondsen.

Wie zo wil sparen of beleggen kan alleen terecht bij de websites van de zeven banken die projecten met de zegen van de overheid aanbieden. Dat zijn ABN Amro, ASN Bank, Fortis Bank, ING Bank, Postbank, Rabobank en de Triodosbank.

Regelmatig bieden zij (tijdelijk) nieuwe mogelijkheden. Zo ook de Postbank met het Groenrentecertificaat voor leningen aan diverse projecten op het gebied van duurzame landbouw, wind- en zonenergie. Inschrijven tot 26 mei.

De bank zet de voordelen en nadelen helder uiteen in een brochure, een soort financiële bijsluiter. Maar hoe vertaal je zo'n geschrift naar je eigen situatie? Een voorbeeld voor een deelnemer die optimaal wil profiteren. Liefst nog iets meer verdienen. Groen en veilig sparen met een frivole tic. De regeling biedt drie voordelen.

Wie de maximumperiode van zeven jaar meedoet (drie of vijf jaar mag ook, maar levert iets minder rente op) ontvangt per jaar 1,7 procent rente van de bank; stand per 30 maart 2006. Dat is 894 euro op een inleg van 52.579 euro, de maximale vrijstelling (2006) per belastingplichtige voor maatschappelijk beleggen in box 3. Voor een fiscaal paar geldt het dubbele bedrag van 105.158 euro.

In box 3 bespaar je over die 52.579 euro de heffing van 1,2 procent of 631 euro per jaar. De betreffende fondsen hoef je tot het bedrag van vrijstelling niet op te geven in box 3. Dit is het tweede voordeel. Dat bedrag ontvang je niet, maar je geeft het minder uit aan belasting.

Het derde voordeel betreft een heffingskorting van 684 euro (1,3 procent) die je kan aftrekken van je inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen over het totale inkomen in box 1, 2 en 3 samen. Ook dit bedrag ontvang je niet, maar je geeft het minder uit.

Bij elkaar kom je op een voordeel van 2.209 euro per jaar. Dat is 4,2 procent (1,7 + 1,2 + 1,3) rendement.

Het is zaak de rit tot het afgesproken eind van naar keuze 3, 5 of 7 jaar uit te zitten, anders berekent de bank een strafkorting, De genoten belastingvoordelen worden niet teruggedraaid door de fiscus. Bij voortijdig overlijden wordt het spaarbedrag volledig en zonder kosten uitgekeerd.

Wat doe je met het voordeel van 2.209 euro per jaar per persoon of 4.418 per paar voor een paar? Die kan je risicovol beleggen in aandelen. Een soort gegarandeerd beleggen, want de hoofdsom van 52.579 euro wordt aan het eind terugbetaald.

Het opgebouwde beleggingssaldo valt overigens in box 3. Je kan het eindbedrag bijvoorbeeld bestemmen voor je (klein)kinderen, want die mogen hierop best risico lopen.

De eenvoudigste strategie is elke maand automatisch een vast bedrag (hier: circa 200 euro) in een aandelenbeleggingsfonds te storten; dat heet middelen. Welk fonds, blijft hier buiten beschouwing.

Maak je daar in zeven jaar tijd gemiddeld 8 procent netto op, dan zit er straks zo'n 23.000 euro in de (klein)kinderpot. Daar kan je mee op visite komen.

    • Adriaan Hiele