Nooit meer wachten voor een rood licht

Onnodig wachten voor rood licht is een dagelijkse irritatie voor verkeersdeelnemers.

Het kan ook anders: geen lichten en verkeersborden, maar 'shared space'.

In Drachten zijn alle stoplichten (op twee na verdwenen) en vervangen door rotondes. Foto Jacob van Essen Drachten foto dd 06-01-2005 Onmarked pedestrian- and bicyclistcrossing. Trafficcircle at the Laweiplein (Laweisquare) in Drachten, The Netherlands. ©Foto: Hoge Noorden / Jacob Van Essen info@hogenoorden.nl Hoge Noorden

De fonteinen aan weerszijden van het Laweiplein spuiten aan het eind van de middag dat het een lieve lust is. Dit betekent drukte op het kruispunt: via een chipje in de weg komt het water hoger naar mate er meer verkeer is. Automobilisten, fietsers en voetgangers zoeken schuchter hun eigen weg. Op dit plein mag iedereen het zelf uitzoeken: er zijn geen verkeerslichten en -borden, hier heerst het concept van Shared Space.

'Die fontein is een geintje', zegt verkeerskundige Hans Monderman, 'ik ken mensen die er speciaal voor omrijden, maar het gaat om de doorstroming van het verkeer en om de leefbaarheid.'

Monderman is een bevlogen 'verkeersgoeroe' en geestelijk vader van het Shared Space-idee, met de provincie Friesland als belangrijkste toepassingsgebied. Verder lopen er nog zeven Europese proefprojecten op dit gebied, met subsidie van de Europese Commissie: in Nederland, Duitsland, Denemarken, België en Engeland.

In Drachten werd tien jaar geleden voorzichtig begonnen met het nieuwe verkeersconcept. 'Drachten was een autostad, geschoeid op Amerikaanse leest', zegt Monderman, 'iedereen racete door de stad, van stoplicht naar stoplicht en het verkeer liep voortduren vast.' Nu zijn alle stoplichten (op twee na) verdwenen en vervangen door rotondes. Het aantal ziekenhuisopnames als gevolg va ongevallen in Drachten is sindsdien gehalveerd. 'Nu stroomt het verkeer veel beter door en zijn er minder ongelukken. De openbare ruimte is weer teruggeven aan de mensen.'

In een onderzoek naar de situatie op het Laweiplein, dat de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden vorige maand publiceerde, staat dat het aantal ongevallen op het kruispunt in drie jaar tijd is gehalveerd. In de drie jaren voorafgaande aan de reconstructie van 2001 hadden 27 ongelukken plaats, in de drie volgende jaren 13.

Uit hetzelfde onderzoek blijkt echter dat de meeste mensen - er werd ook een enquete gehouden onder verkeersdeelnemers - desondanks het gevoel hebben dat de veiligheid is verminderd. Alleen op het gebied van de doorstroming komen beleving en werkelijkheid met elkaar overeen. 66 procent van de ondervraagden vond in 2000 de doorstroming slecht, vorig jaar was dat nog 5,5 procent.

De cijfers geven hen hierin gelijk: de gemiddelde wachttijd voor automobilisten op het plein is, op het drukste moment van de dag, gedaald van 50 seconden naar 30 seconden. En op rustige momenten is er door het ontbreken van verkeerslichten vrijwel geheel geen oponthoud meer. Nooit meer wachten voor het stoplicht. 'Veel fietsers en voetgangers kunnen zonder veel vertraging de rotonde oversteken en krijgen veelal voorrang van de automobilisten', schrijven de onderzoekers.

Ook in Haren, ten zuiden van de stad Groningen, is het hele centrum heringericht volgens de principes van shared space. Asfalt heeft plaatsgemaakt voor rode sierklinkers; er zijn geen trottoirs of verkeerslichten en nauwelijks markeringen. Niet iedereen is er enthousiast over. De bejaarde mevrouw Legger (81), die met haar rollator door Haren loopt, vindt dat de straten gevaarlijk zijn geworden, vooral voor fietsers.

Legger: 'Wat mij betreft komen de stoplichten terug. Dan weten automobilisten tenminste wanneer ze moeten stoppen. Ook de aparte fietsstroken zijn veel beter. Nu weten fietsers niet waar ze het moeten zoeken en dweilen overal maar tussendoor.'

Een delegatie uit het Britse Ipswich bezoekt Friesland, nieuwsgierig naar het nieuwe verkeersconcept. Het gezelschap rijdt in de bus over een provinciale weg, met een keurig geasfalteerd vrijliggend fietspad ernaast. 'Dit is het ideaalbeeld dat wij hebben van Holland en het bestaat ook nog. Van zo'n situatie kunnen wij alleen maar dromen', zegt gemeenteraadslid Sandy Martin, 'Shared space? Waar is dat voor nodig?'

Maar volgens Hans Monderman is het schijnveiligheid. 'Op provinciale wegen gebeuren juist de meeste ongelukken, omdat op kruisingen de verschillende verkeerssoorten elkaar onvermijdelijk weer tegenkomen.'

3VO, de vereniging voor veilig verkeer, is niet onverdeeld gelukkig met shared space. 'Er zijn situaties waarin de gelijkwaardigheid van fietsers en automobilisten vast goed werkt', zegt Geert Hendriks van 3VO, 'maar het is niet overal zomaar toepasbaar. Amsterdam is een ander verhaal dan Zuid-Oost-Friesland.'

    • Lolke van der Heide