'Italië heeft behoefte aan smeerolie'

Van alle landen in West-Europa kampt Italië misschien wel met de grootste problemen - sociaal, economisch en financieel. 'Je ziet een tweedeling ontstaan.'

Tito Boeri, hoogleraar economie aan de Bocconi Universiteit van Milaan

Het Italiaanse volk heeft gesproken. Romano Prodi wordt de nieuwe premier van het land. Hij staat voor de vraag hoe de jeugd weer vertrouwen te geven in de toekomst?, hoe de ondernemers weer te verlokken tot investeringen?, en hoe het buitenland weer te overtuigen van de betrouwbaarheid van Iralië?

Econoom Tito Boeri heeft 'gemengde gevoelens' over de uitslag van de verkiezingen. 'De kleine meerderheid van de centrum-linkse coalitie in de Senaat maakt het heel moeilijk om de grote en dure hervormingen te realiseren die nodig zijn', zegt hij.

Gelukkig, aldus Boeri, heeft Prodi niet te veel beloofd en bijvoorbeeld niet uitgesloten enkele belastingen te verhogen. 'Dat geeft de nieuwe regering wat extra ruimte om het land te saneren. De export moet gestimuleerd, Italië's concurrentiepositie op de wereldmarkt moet worden verbeterd en het begrotingstekort moet worden teruggebracht.'

Berlusconi, vindt Boeri, heeft het land hopeloos verdeeld. 'Hij heeft alles laten ontaarden in ideologie.' De econoom, werkzaam aan de universiteit van Milaan, hoopt dat Italië, de 'zieke man van Europ', nu eindelijk de moeilijke keuzes kan maken waar het voor staat. Want van alle sociale modellen die in Europa gehanteerd worden, staat volgens Boeri het zuidelijke model het meest onder druk.

'Zuid-Europa had tot voor kort nog niet zo veel last van de keiharde internationale competitie. In Italië speelde de familie de rol van de verzorgingsstaat. Het inkomen werd onderling verdeeld binnen de traditioneel grote gezinnen. Werklozen werden binnen de familie opgevangen. Nu de families kleiner zijn geworden, kan dat niet meer. Je ziet een tweedeling ontstaan: er zijn families waar iedereen werkt en een inkomen heeft en families waar niemand een baan heeft.'

Is de rol van de familie in Italië uitgespeeld?

'Ja. Het familiesysteem is bovendien zeer inefficiënt. Wil je profiteren van de familie, dan moet je wel binnen het netwerk blijven en dat belemmert de nu zo noodzakelijke mobiliteit. De concurrentie van de lagelonenlanden dwingt ons de traditionele sectoren te verlaten en ons meer te gaan richten op technologie en innovatie.'

Zijn er, naast de familiestructuur, nog andere belemmeringen?

'Net als in sommige andere landen is ook in Italië de ontslagbescherming heel sterk. Daardoor kunnen wij niet flexibel reageren op de uitdagingen van de globalisering.'

Wat gebeurt er als een werkgever in Italië iemand wil ontslaan?

'Als een rechter besluit dat een werknemer onterecht is ontslagen, kan hij de werkgever dwingen hem weer in dienst te nemen. Dat weerhoudt werkgevers ervan mensen te ontslaan. Om dat probleem op te lossen zijn in de jaren '90 de tijdelijke arbeidscontracten in zwang geraakt. Maar die hebben een nadeel: ze dwingen de werkgever niet te investeren in een langdurige relatie met zijn werknemers. Er is dus een grote kloof ontstaan tussen de werknemers die vastzitten in het oude inflexibele systeem en de vogelvrije contractanten, veelal jongeren. Die hebben dan ook een zeer instabiele inkomenspositie en krijgen dus ook op termijn een probleem met hun pensioen. Net als in Frankrijk is hier ook veel verzet tegen veranderingen in de verzorgingsstaat. De hervormingsvoorstellen van De Villepin deugden niet: ze creëren alleen maar steeds fellere competitie tussen vaste banen en flexibele contracten.'

Maar wat is dan de oplossing?

'Je moet enerzijds flexibiliteit creëren, maar tegelijkertijd werknemers het vaste systeem intrekken. Je moet als het ware de tandraderen voor het betreden van de arbeidsmarkt oliën. Mensen komen op een contract binnen, maar langzaamaan voer je de protectie op om te stimuleren dat mensen bij het bedrijf blijven. Zo investeer je in mensen en dicht je die kloof. Het maakt de industrie wél competitiever, maar maakt het tegelijkertijd makkelijker schokken flexibel op te vangen.'

Er zijn meer problemen met de Italiaanse verzorgingsstaat - 'Europa kan van Italië op dit moment echt niets leren', grapt Boeri. Het uitkeringensysteem stimuleert mensen niet aan het werk te gaan. 'We hebben een erg genereus uitkeringensysteem voor een héél beperkte groep werknemers. Als er in de grote industrieën een arbeidsoverschot is, dan wordt een werknemer heel geleidelijk en met doorbetaling van aanzienlijk deel van hun salaris het arbeidsproces uitgemanoeuvreerd. Sommigen gaan al op hun 50ste met pensioen. Let wel: dit geldt alleen voor de grote industrieën. De mensen in de kleine familiebedrijfjes zijn heel slecht verzekerd. Als je daar je baan kwijtraakt, krijg je maar zes maanden 35 procent van je laatstverdiende salaris. Ons systeem is té genereus voor een té kleine groep. Met dank aan de vakbonden.

'Diezelfde vakbonden creëren een regionaal probleem. We hebben voor heel Italië gecentraliseerde arbeidsovereenkomsten, die de werkgevers verplichten in het noorden en zuiden hetzelfde loon uit te betalen. Maar in het zuiden kampen we met een schreeuwende werkloosheid. Ik ben voor decentralisering, zodat ze in het zuiden de lonen kunnen verlagen om de economie te stimuleren. Twee van de drie grote vakbonden zijn daar inmiddels ook voor.'

Kan Italië wat leren van de andere Europese modellen?

'Overal in Europa groeit de economie, maar de onze krimpt. Natuurlijk kijken wij naar het buitenland. Onlangs gingen er stemmen op dat we het Deense model zouden moeten kopiëren, dat is gebaseerd op 'flex-security', maar kan Italië niet betalen. Daar komt nog iets bij: in Denemarken wordt misbruik van sociale voorzieningen als sociaal onwenselijk gedrag beschouwd en bestraft, maar hier bestaan geen sancties. Integendeel: mensen die misbruik maken van uitkeringen worden hier juist als slim beschouwd.'

Wat zou u de nieuwbakken premier Prodi adviseren?

'In de eerste plaats die geleidelijke versteviging van de band met de werknemer, een opbouw van een stabiele relatie. Er moet een eind komen aan de kloof tussen de mensen mét en zonder een vaste baan. Dan moeten we eindelijk eens het minimumloon en de bijstand invoeren, die bestaan nog steeds niet in Italië! Vervolgens moeten de uitkeringen gelijkgetrokken worden, de verschillen zijn veel te groot. Het pensioenstelsel is net hervormd. Er is een spaarsysteem ingevoerd, dat gekoppeld is aan de pensioenpremie die je je hele leven betaald hebt. Dat is een stap voorwaarts, maar er zitten nog haken en ogen aan. Als mensen ouder worden, moet hun pensioen langer worden uitgekeerd. Dan zullen ze dus langer moeten doorwerken. Maar ook in Italië hebben vooral de jongeren het zwaar. Onder de jeugd is de armoede en uitzichtloosheid het grootst.'

    • Bas Mesters Laura Starink