Het hele jaar door op pad

Met een kampeerauto hoef je niets te plannen voor de vakantie. In Frankrijk en Duitsland mag je gaan staan waar je wil, in Nederland zorgen ook steeds meer gemeentes voor plekken met water en stroom.

garderen bijeenkomst bestuur kampeerwagen eigenaren de familie borgdorff tel 06 52063875 foto rien zilvold Zilvold, Rien

Hij is er al mee naar de Noordkaap in Noorwegen gereden. Een tocht van 10.000 kilometer, in tien weken, op zijn dooie gemak. De laatste reis was naar Kroatië. Een week heen, vier weken daar, een week terug. 'De eerste dag rijd ik misschien 400 kilometer, daarna 100 of 200 per dag. Met een kampeerauto ga je de volgende dag pas plannen als je bent gestopt met rijden. Dat is de grote charme; vrijheid, blijheid.'

Paul van Zwieten is bestuurslid van de NKC, de Nederlandse Kampeerauto Club waar 13.000 van de ruim 40.000 Nederlandse eigenaren van een kampeerauto lid van zijn. Van Zwieten is ook het prototype van de kampeerauto-kampeerder: met pensioen, en met een technische achtergrond, zodat hij zelf kan sleutelen en knutselen als er iets stuk is of iets handigs aan het interieur moet worden toegevoegd.

'De meeste leden zijn 55-plus', zegt Van Zwieten, die zelf 68 jaar is. 'Maar ook de groep jongeren met een omgebouwd Volkswagen-busje groeit hard. Die willen dezelfde vrijheid als met een vakantie met een klein tentje, zonder dat ze dat tentje in de regen hoeven op te zetten. Dat is een soort luxe rugzakvakantie.'

Het aantal kampeerauto's in Nederland is nog relatief klein - voor Duitsland is de schatting 550.000 stuks, voor Italië en Frankrijk ieder zo'n 200.000 stuks. Een deel van de verklaring ligt in de BPM, de extra hoge belasting die Nederland heft op auto's en die daarom ook kampeerauto's vaak 10 tot 15 procent duurder maakt dan in de rest van Europa.

De andere verklaring is dat Nederlanders hun vakantie met een tent of caravan projecteren op een vakantie met een kampeerauto. 'Ze zeggen: als ik ergens ben, heb ik mijn auto niet bij me om ergens heen te gaan', zegt Patrick van der Burgh, de importeur van Hymer-kampeerauto's en Eriba-caravans.

Tenten en caravans hebben meestal maar één of twee bestemmingen. Een gezin met een De Waard-tent wil die maar één keer per vakantie opzetten en rijdt daarom in één dag naar Zuid-Frankrijk, blijft twee, drie weken staan, en rijdt weer in één dag terug. Eigenaren van campers slapen het liefst iedere avond ergens anders. De ene keer op een camping met ruime douches en een zwembad, de andere keer in het 'wild' langs een beekje. Met een camper kun je ook 's avonds om zeven uur wegrijden. In het Duitse Goch, net over de grens, is altijd plaats voor een eerste overnachting. Daarna begint de vrijheid.

'Eenderde van onze leden komt nooit op een camping', zegt Van Zwieten. In Duitsland, Frankrijk en Italië mag je, zeker in de bebouwde kom, overals staan - tenzij het door de gemeente verboden is. De kampeerautoclub zou graag hetzelfde zien in Nederland, maar dat ligt in handen van de gemeentes. Die mogen vanaf 2008 helemaal zelf gaan bepalen hoeveel plekken ze aanwijzen voor kampeerauto's. Nu zijn dat er vaak vijf of tien, bijvoorbeeld bij een gemeentelijke jachthaven waar al water en wc's en douches zijn, en vaak ook een stortplaats voor afvalwater en voor het chemisch toilet.

'Nederland heeft nu zo'n 500 plekken, verdeeld over zo'n vijftig gemeentes', schat Van Zwieten. 'Daarnaast ben je vaak welkom bij restaurants als je daar eet en 's ochtends weer vertrekt. En er zijn veel NKC-leden die een plek in hun tuin aanbieden aan andere leden.'

Meer aanbod van plekken zou ook meer vraag opleveren, weet Van Zwieten. 'Er zijn plaatsen in Nederland, bij de Afsluitdijk of in Zeeland, waar je wel honderd kampeerauto's kwijt zou kunnen. Dan komt bijvoorbeeld een deel van die 550.000 Duitsers daar staan.' Niet oninteressant, rekent hij voor. 'Een kampeerauto kost aan brandstof en verblijfskosten gemiddeld 75 euro per dag.'

Eenmaal op pad is de kampeerautovakantie relatief goedkoop. De meeste Duitse of Franse staanplaatsen kosten 3 tot 5 euro, exclusief water en stroom. En ook steeds meer campings richten een hoek in voor campers die vaak pas 's avonds komen en 's ochtends om acht uur weer opbreken. 'Wij vinden een camping campervriendelijk als je er kan staan voor 8 euro, en met water en stroom voor 10 euro per nacht.'

De kosten zitten hem in de aanschaf, de afschrijving, het onderhoud en de verzekering. 'Voor minder dan vier weken per jaar kan je beter huren', zegt Van Zwieten. 'Maar de meeste eigenaren gaan niet alles uitrekenen. Als je een kampeerauto hebt, zit daar vaak je ziel en zaligheid in. Ik schat dat hooguit 10 procent zijn kampeerauto zelf heeft omgebouwd en dat 90 procent fabrieksmatig is geproduceerd. Maar ook die campers zijn bijna altijd naar eigen wensen aangepast en opgeknapt en ingericht.'

Het helpt om een beetje technisch aangelegd te zijn, zodat je niet voor ieder wissewasje naar de garage hoeft, zegt Van Zwieten. En anders dan met een caravan of tent kan je met een kampeerauto het hele jaar door op pad. Een weekeindje weg hoeft dan niets meer te kosten dan een weekeindje thuis.

Veel informatie over kampeerauto's, inclusief een aanbod van tweedehands auto's, is te vinden op de website van de NKC: www.kampeerauto.nl

    • Remmelt Otten