Dan maar vissen op inktvis

De Nederlandse kottervisserij heeft grote problemen. Geld wordt er niet verdiend door torenhoge olieprijzen en dalende vangstquota. Vandaag ontving minister Veerman een rapport dat een nieuwe toekomst schetst.

Urker vissers brengen een lading spiering naar de visafslag op Urk. Voor spiering geldt een visquotum van 1.500 ton. Volgens Urker visser Lukas de Vries is de winstgevendheid in de visserijsector geheel verdwenen. Foto WFA WFA25:SPIERINGVISSERIJ IJSSELMEER VAN START:URK;04APR2006- Urker vissers brengen dinsdag een verse lading spiering naar de visafslag op Urk. Voor het eerst in twee jaar mag er weer op spiering gevist worden in het IJsselmeer. Het ministerie van LNV heeft toestemming gegeven voor een quotum van 1500 ton. Spiering is bestemd voor de export en is een lucratieve bijvangst voor de grotendeels gesaneerde IJsselmeervloot. Om in korte tijd zoveel mogelijk te kunnen vissen, worden werkweken van 80 uur gemaakt. WFA/mc/str. Vidiphoto/ Gert Janssen WFA WFA

Opeens kreeg kottervisser Anton Dekker van de Stellendam 9 grote hoeveelheden inktvis in zijn netten toen hij zocht naar nieuwe wegen om te overleven. Onbekend met inktvis, reisde hij enkele jaren terug de wereld rond op zoek naar de beste methoden om met deze nieuw gevonden schat om te gaan. In Argentinië, Vietnam en Taiwan voer hij mee met squid jiggers - bij gebrek aan 'inktvisvissers' op de Noordzee bestaat er nog geen Nederlandse term. Zes weken terug verkocht hij zijn eurokotter en laat nu speciaal voor de inktvisvisserij zijn 'droomschip' bouwen. Binnenkort is ook voor de Nederlandse kust een inktvisvisser te zien die diep in de nacht met felle lampen inktvissen naar zich toe lokt, zoals in heel Azië gebruikelijk is.

Dekker was vandaag een van de sprekers bij de presentatie van het adviesrapport 'Vissen met Tegenwind' aan minister Veerman. Het rapport analyseert uitdagingen en toekomstperspectief van de sector die in grote problemen verkeert.

Twee jaar terug, vertelt Urker visser Lukas de Vries, ging hij uit van een brandstofprijs van 22 cent per liter. Maar nu betaalt hij het dubbele. Winstgevendheid is daardoor geheel verdwenen in de sector. Voeg daar een perspectief van verminderende vangstquota aan toe en het is duidelijk dat de visserij 'zonder veranderingen geen toekomst heeft', zoals directeur visserij Albert Vermuë van het ministerie van Landbouw en voorzitter van de task force verantwoordelijk voor het rapport, het verwoordt. In de task force zaten verder vertegenwoordigers van de visserij, de handel en milieugroepen.

Verhoging van het rendement en werken aan duurzame visserij houdt in, stelt het raport, dat er geen toekomst is voor de gangbare boomkorvisserij waarmee de Nederlandse kottervloot vanouds met name op schol en tong vist. Vangstquota voor deze vissoorten zullen alleen maar dalen. Probleem met deze vangstmethode is bovendien de grote hoeveelheden bijvangst. De stichting Noordzee stelt dat er per gevangen kilo tong ongeveer 8 kilo andere vis en 4 kilo ongewervelde dieren doodgaat. In totaal zou het gaan om zo'n 400.000 ton dode bijvangst per jaar. Bovendien wordt er grote schade aan de zeebodem veroorzaakt.

In de commissie gaven milieugroepen 'stem aan stemlozen, aan de vis', zegt minister Veerman in reactie op het rapport. De visserij moet zich dat realiseren en streven naar 'maatschappelijke acceptatie'. Milieugroepen als medestanders dus, niet als tegenstanders met andere belangen. Zodoende werkt men in de sector om te beginnen aan andere vangstmethoden. Ook meent visser Lukas de Vries dat de consument kritischer is geworden: 'We kunnen niet meer met een B-product aan wal komen.'

Nederland telt nog slechts 340 kotters, die hoofdzakelijk op de Noordzee naar tong en schol vissen. Acht jaar geleden waren dit er nog 407. De sector is dus al krimpende, en heeft desondanks grote problemen. Geld voor investeringen is er niet, en men is dus ook doodsbang voor verdere vangstbeperkingen op tong en schol. De presentatie van het rapport vandaag wordt dan ook aangegrepen om Veerman te vragen hoe de onderhandelingen binnen de EU er voor staan.

Voor investeringen in nieuwe ontwikkelingen, zoals geschetst in het rapport, is volgens de taskforce 300 à 400 miljoen euro nodig. Minister Veerman maakt echter onmiddellijk duidelijk dat de sector van hem niets moet verwachten. 'Wij kunnen hooguit zorgen voor borgstelling en rentesubsidie', aldus Veerman. Niet voor niets spreekt het rapport consequent over 'ondernemers' als het verwijst naar de vissers. 'Ondernemen is risico nemen', zegt Veerman. Als de overheid honderden miljoenen in de visserij zou steken 'dan zou de overheid ondernemer worden'.