Omroep lijdt onder kortzichtige politici

Na Wouter Bos heeft nu ook Maxime Verhagen gepleit voor terugdraaien van de plannen voor de publieke omroep. Misschien goedbedoeld, in ieder geval ondoordacht, onnozel en rampzalig, vindt Marc Nelissen.

De publieke omroep moet reclamevrij worden - dat is de nieuwste mantra in discussies over de toekomst van de tegenhanger van de “commerciëlen'.

Wat dat moet opleveren qua kwaliteitsverbetering en aantrekkelijkheid van de omroep is onduidelijk. De commerciële omroepen mogen zich in grote belangstelling verheugen ondanks een veelvoud aan reclame, dus de kijker lijkt er niet echt door weerhouden te worden.

Dat is ook niet zo vreemd: men kiest voor programma's die men wel wil zien, en niet zozeer tegen reclame die men niet wil zien. De publieke omroep heeft geen programma-onderbrekende reclame, en dat wordt volgens onderzoeken door kijkers zeer gewaardeerd. Vooral zo houden dus. Dat men massaal voor de publieke omroep zal kiezen als er helemaal geen reclame meer is, is echter een nergens op gebaseerde veronderstelling.

Daarentegen is wel zeker dat het afschaffen van alle reclame op de publieke omroep een inkomstenderving van een slordige 200 miljoen euro per jaar betekent. De PvdA mag dan nu wel heel stoer roepen dat dat bedrag dan maar gecompenseerd moet worden, maar waarvan, onder welke voorwaarden en hoelang is nog niet helemaal duidelijk.

Een tweede gevolg van het reclamevrij maken van de publieke omroep is dat de commerciëlen in dat geval van de adverteerders een prettige financiële impuls zullen krijgen van eenzelfde bedrag. Goed voor zeker nog een zender (Talpa 2?) en voor een hele rits nieuwe, opvallende programma's om daarmee de publieke omroep nog beter te beconcurreren.

Een nogal dom plan dus, tenzij je John de Mol of Fons van Westerloo heet. En zelfs die zullen een dergelijke quasi-daadkrachtigheid van de politiek waarschijnlijk onzinnig vinden, omdat zij behalve ondernemers ook gewone burgers zijn en heel goed begrijpen dat een krachtige publieke omroep van levensbelang is voor de democratische rechtsstaat die wij proberen te blijven.

Het krankzinnige van de hele situatie is dat politici de eerste belanghebbenden zijn bij een onafhankelijke, sterke, succesvolle publieke omroep. Maar dat juist zíj degenen zijn die sinds jaar en dag uit eigen (groeps)belang en stuitende kortzichtigheid diezelfde publieke omroep de vernieling in helpen.

Ooit was de publieke omroep een gezellige, diverse, vertederende, knusse lappendeken van clubjes en geloofsgenoten, allemaal met hun eigen kleur, geur en meningenrubriek. En allemaal met hun eigen politieke belangenbehartigers, die zich in ruil voor hun ruimhartige financiële steun verzekerd wisten van aandacht en ruimte om hun standpunten uit te dragen. Een prettig, niet onredelijk, typisch Nederlands omroepbestel.

Echter, de eens zo machtige publieke omroep is door het langjarige, onophoudelijke en effectieve gebeuk van de commerciëlen veranderd in een aangeslagen, wankelende, gedemotiveerde bokser, die met de komst van Talpa definitief tegen het canvas dreigde te gaan. Om een knock-out te voorkomen werd eindelijk, na jaren van ontkenning, besluiteloosheid en feitelijke uitholling, een besluit genomen om de publieke omroep om te vormen tot drie herkenbare, onderscheidende, elkaar aanvullende in plaats van elkaar beconcurrerende netten.

Met zenders waarop programma's zo goed mogelijk tot hun recht moeten kunnen komen, en kijkers zo goed mogelijk worden bediend. Met een duidelijke leiding van die drie netten, die geen andere opdracht hebben dan het succes van de publieke omroep in het algemeen en van “hun' net in het bijzonder te bevorderen.

Over de veranderingen bij de publieke omroep die per 1 september moeten zijn doorgevoerd, is veel te doen geweest, compleet met stakende programmamakers die achteraf door hun eigen directies niet helemaal volledig geïnformeerd bleken te zijn en omroepen die informeren naar de tarieven voor zendtijd bij de commerciëlen dan wel zichzelf bij onafhankelijke producenten in de aanbieding lijken te gooien. Maar met veel moeite en doorzettingsvermogen, van alle betrokkenen, lijkt deze tanker nu dan toch eindelijk van koers te veranderen.

Er zijn profielen vastgesteld, er worden nieuwe programma's gemaakt, er is zelfs sprake van enig nieuw elan. Dat het beter had gekund (afschaffen van alle omroepen, twee netten volwaardig programmeren en het derde als herhaalnet inrichten, met ruimte voor Elfstedentochten en uitlopende Tweede-Kamerdebatten) doet niet ter zake: er is een besluit genomen en de strijd wordt aangegaan.

Maar kennelijk is buiten de Haagse waard gerekend: Wouter Bos, Maxime Verhagen, Femke Halsema: allemaal van de materie geen kaas gegeten, maar kennelijk vastbesloten de publieke omroep de nek om te draaien. Zij verlammen een al veel te lang uitgestelde hersteloperatie van de publieke omroep met hun opportunistische praatjes voor de vaak. Zouden zij zich willen realiseren dat ze stuurlui aan wal zijn, en de drie nu aangestelde kapitein-netmanagers gewoon hun werk laten doen?

Laten ze vooral hun omroepplannen in hun verkiezingsprogramma's zetten, goed onderbouwd, zodat er te zijner tijd op drie succesvolle netten aandacht aan kan worden besteed. We zullen er op Nederland 1 om lachen, op Nederland 2 serieus over discussiëren en ons op Nederland 3 verbazen over ministers die al rappend op jongeren jagen.

Marc Nelissen is regisseur en producent, (mede) verantwoordelijk voor “In Voor- en tegenspoed', “All Stars', “Lunatic', de Uitmarkt, “Met 1 been in de Finale'.

    • Marc Nelissen