IMF is jaren te laat

Het onmiddellijke vooruitzicht van een ophanging kan de geest scherpen. Maar ontsnappen is zelden een optie tegen de tijd dat de galg in zicht is. Het Internationaal Monetair Fonds riskeert deze pijnlijke les nu het tracht de grote financiële onevenwichtigheden in de wereld aan te pakken.

Het IMF kan zeker een nieuwe missie gebruiken. Zijn primaire rol als verstrekker van (nood-)leningen aan de onverantwoordelijke regeringen van arme landen is niet langer erg belangrijk. Dat komt doordat de meeste van die landen nu grote overschotten op hun handelsbalans kennen, grotendeels dankzij het enorme handelstekort van de VS. Slechts een handvol zeer onbekwame of van alle grondstoffen verstoken landen zijn nu nog van het IMF afhankelijk voor hulp en advies.

Het IMF realiseert zich nu dat dit systeem buitengewoon riskant is. De Amerikanen leven ruim boven hun stand en boeten langzaam in aan industrieel vermogen. De industriële crediteurennaties hebben zeer omvangrijke exportsectoren in het leven geroepen. De grondstoffenexporteurs hebben tot nu toe hun dollaroverschotten grotendeels in hun afnemers belegd, maar zij bouwen tevens grote dollarreserves op. Die kunnen uiteindelijk de mondiale markten voor goederen en beleggingen destabiliseren. In het slechtst denkbare geval zijn er rampen nodig om de wereldeconomie weer in balans te krijgen, zoals een grote dollardevaluatie of een pandemie van financiële crises in de vele op geleend geld draaiende economieën in de wereld.

Het IMF wil helpen voorkomen dat zich zoiets beangstigends voordoet. Dat zal niet makkelijk zijn. Om te beginnen is de organisatie niet sterk genoeg om haar grotere lidstaten de wacht aan te zeggen. En geen van de zich misdragende landen lijkt op dit moment bereid zijn leven te beteren.

Maar het grootste probleem is dat het misschien al te laat is voor goede raad. Zelfs als het IMF erin zou slagen een hard beleid erdoor te drukken - bijvoorbeeld een hogere rente in de VS, in combinatie met op waardevermindering van de dollar gerichte valuta-interventies - dan zouden dat wel eens niet meer kunnen werken. Weliswaar brachten soortgelijke noodmaatregelen de wisselkoers van de dollar in 1987 zonder noemenswaardige ontwrichtingen met 30 procent omlaag, maar het tekort op de Amerikaanse handelsbalans bedroeg destijds slechts 3 procent van het bruto binnenlands product. Nu is het ruim twee keer zo hoog. Het IMF is jaren te laat.

Voor meer nieuws uit Londen: www.breakingviews.com Vertaling: Menno Grootveld

    • Edward Hadas