Toeristenoord Dahab bleef kleinschalig

De Egyptische toeristenplaats Dahab in de Sinaï die gisteren doelwit van een aanslag werd, is relatief kleinschalig gebleven. Het hippie-oord is echter verdwenen.

Voor gevorderde duikers is Dahab (Goud), een voormalig Bedoeïenendorp in de Noord-Sinaï een begrip, want het koraalrif in de Golf van Aqaba bevindt zich hier in goede staat, het water is schoon en het zicht ook bij een ruwe zee goed.

Befaamde duikplaatsen als het Blauwe Gat, vlakbij de kust, of Gabr al-Bint (Het graf van de dochter) en verder gelegen onderwaterprotectoraten zijn makkelijk bereikbaar en van grootschalig toerisme is door de geïsoleerde ligging en het ontbreken van een vliegveld nauwelijks sprake.

Ook niet na de door president Mubarak verordonneerde modernisering. Die leidde ertoe dat de hoofdstraten werden verhard, hasjiesj blowende Amerikanen, Europeanen en Israëliërs geweerd, de halve maanvormige boulevard werd gerestaureerd, en Hilton, Swiss Inn en Novotel het steriele “Dahab Village' bij de baai ten zuiden van Dahab bouwden.

Dahab, het hippie-oord uit de jaren zestig van de vorige eeuw, is nagenoeg verdwenen. Europese expats, Egyptische investeerders en zelfs een enkele gefortuneerde Bedoeïen hebben hun kampementen omgevormd tot duikhotels, internetcafés en winkels met artisanale Bedoeïenenproducten, parfums en juwelen. Maar vergeleken met Sharm al-Sheikh in de Zuid-Sinaï bleef Dahab kleinschalig.

Voor honderden, vooral jonge Egyptische migranten uit Kairo, Alexandrië en Aswan biedt Dahab werk in de horeca en de middenstand die werd opgebouwd met Egyptische investeringen na het vertrek van de Israëliërs in 1982. De plaatselijke Bedoeïenenfamilies met wie de Egyptenaren een onderkoelde relatie onderhouden, profiteerden in aanzienlijk mindere mate van de opbloei. Met hun taxi's, jeeps en kamelen hebben zij slechts een marginaal marktaandeel veroverd.

De Egyptenaren hebben grote delen van de Sinaï afgesloten voor nomadisch verkeer. Langs de wegen naar Taba bij de grens met Israël en naar het zes uur rijden westelijk gelegen Kairo staan checkpoints, waar de binnenlandse veiligheidsdienst alleen toeristen, Egyptenaren en Bedoeïenen laten passeren die over geldige papieren en visa beschikken.

En na aanslagen zoals gisteren, weten de Bedoeïenen uit ervaring, begint de Egyptische politie het onderzoek meestal met massale arrestaties. Met de keuze van hun doelwitten raken de daders de Egyptenaren en de Bedoeïenen in fysiek en economisch opzicht het hardst. Dat moet ook de bedoeling zijn geweest.

De getroffen supermarkt, de juwelenwinkel, een restaurant en een falafelzaak vlakbij het politiebureau waren bovendien aanzienlijk makkelijker bereikbaar dan de de beveiligde hotels. Dat verklaart het relatief lage aantal buitenlandse slachtoffers. Bij Sharm al-Sheikh, het paradepaard van de president, is na de aanslag van vorig jaar een grote muur in aanbouw. Maar het langgerekte Dahab, dat via de talrijke valleien vanuit de bergen benaderbaar is, laat zich niet afsluiten.

    • Oscar Garschagen