Thuishaven van veelkleurig Londen

Arsenal wil op 17 mei in Parijs voor het eerst de Champions League winnen.

Pas dan kan de club met gerust gemoed afscheid nemen van Highbury.

Fans van het bezoekende team Farnborough Town lopen langs de ingang van het oude Highbury. Foto AFP TO GO WITH AFP STORY IN FRENCH "LIGUE DES CHAMPIONS - ARSENAL : LA +DER+ EUROPEENNE D'HIGHBURY" - (FILES) - File picture taken 25 January 2003 showing two young supporters of Farnborough Town football club arriving at the Highbury stadium to attend a match of their team vs Arsenal. Arsenal will play on 19 April 2006 for the Champions League semi-final vs Villarreal for the last time on Highbury stadium after 93 years before moving to nearby Emirates stadium. AFP PHOTO NICOLAS ASFOURI/FILES AFP

Arsenal verdedigt vanavond in de halve finale van de Champions League een 1-0 voorsprong tegen het Spaanse Villarreal. Maar de fans dromen nu al volop van winst in het belangrijkste clubtoernooi. Want als Arsenal volgende maand de finale wint, herbergt het stadion Highbury alle denkbare voetbalprijzen, En dan kunnen de deuren van Highbury, waar nu al 27 trofeeën in de kast staan, met een gerust gemoed worden gesloten.

Highbury werd op 6 september 1913 in gebruik genomen met een wedstrijd van de Gunners (de bijnaam die verwijst naar de munitiefabriek waar arbeiders Arsenal in 1886 oprichtten) tegen Tottenham Hotspur, ook afgelopen zaterdag de wedstrijd in het stadion in Noord-Londen.

De onderlinge rivaliteit dateert van die dag. Vanaf 1920 bleef Highbury 85 jaar het decor voor voetbal op het hoogste niveau. Dat kreeg geen enkele andere Engelse club voor elkaar.

Aanvankelijk dobberde Arsenal boven de degradatiezone. Alles veranderde met de komst van coach Herbert Chapman in 1925. De “behoudende vernieuwer' bedacht een voor die tijd revolutionaire tactische variant door in elke linie een speler naar achteren te halen om optimaal gebruik te maken van de snelle tegenaanval. “We use a scheme for scoring goals on the break.' Het werd regel één van het huis, door de decennia heen.

Arsenal denkt in essentie defensief. Chapman ontleedde zijn strategie tot op het bot en zocht jarenlang naar “de juiste speler op de juiste plaats'. Hij begreep bovendien het belang van The Genius, de geniale individualist, de cultheld die de fans in extase brengt. Chapman gaf in 1929 de status van genie aan Alex James. De rebelse Schot werd de sleutelspeler in zijn systeem.

Chapmans wist steeds iets nieuws te bedenken. Geen tegenstander kreeg vat op het spel van Arsenal, dat in de jaren dertig vijf keer kampioen werd en twee bekers won. En de paradox voor een verdedigend denkende ploeg: doelpunten aan de lopende band. De Gunners bluften drie jaar de concurrentie af met een century score, meer dan honderd competitiedoelpunten.

De Italiaanse bondscoach Pozzo raakte zo onder de indruk dat hij met een kopie van het Arsenal-raamwerk de wereldbekers van 1934 en 1938 won en daarmee het fundament voor het latere catenaccio legde. Chapmans zucht naar controle paarde hij aan een zekere minachting voor het spektakel, zodat de Engelse pers uit ergernis over de dominantie de term Lucky Arsenal bedacht.

Die titel veranderde later zelfs in Boring Arsenal. Deze kreet rolde vaak spottend van de tribunes en vergezelde de sporadische successen na de Tweede Wereldoorlog. Arsenal kende na 1945 slechts twee mooie periodes. Van 1968-1973, met een dubbel in 1971 en een UEFA Cup in 1970, en van 1987-1993, met twee landstitels, een FA Cup en de Europa Cup 2.

Niemand hield van de Gunners. Slechts de recalcitrante, langharige Charlie George en de swingende kaalgeschoren zwarte spits Ian Wright bekoorden vriend en vijand en traden in de voetsporen van Alex James.

In 1993 schreef auteur Nick Hornby zijn boek Fever Pitch. Hij doet er aan zijn onbegrijpende vrouw zijn onblusbare liefde voor Arsenal uit de doeken, aan de hand van flashbacks over onwaarschijnlijk vervelende wedstrijden. Het herkenningseffect sloeg aan: meer dan 400.000 verkochte exemplaren.

Highbury werd de tempel van progressieve intellectuelen en van verdraagzaam en veelkleurig Londen. Het vertaalde zich in de inspirerende, maatschappelijke activiteiten van Arsenal. Met het Sports Centre for the Homeless, waar voetbalcoaches gedurende de week hun diensten aanbieden aan daklozen en risicojongeren.

En met Arsenal and Maimonades: wedstrijdjes ter verbetering van de relatie tussen joden en moslims in Londen. Arsenal trekt met deze activiteit ook geregeld naar Israël en Palestina.

Ateur Tom Watt legt in zijn boek 80 Years of Life on Arsenal's North Bank, over de legendarische staantribune die in 1992 werd neergehaald, uit hoe de verschillende migrantengemeenschappen rond Highbury zich als het ware in een natuurlijke beweging mengden met de traditionele Engelse fan: “joden, Ieren, Grieken en Afro-Caribeanen maakten van de North Bank een gezellige smeltkroes. Met een gezamenlijke passie, zij het met zin voor ironie, want “we schaamden ons ook voor de spelstijl.' Boring Arsenal werd een geuzennaam.

Het tij moest keren, vond de clubleiding een tiental jaren geleden. In de herfst van 1996 arriveerde Arsène Wenger, de Franse globetrotter, vanuit Japan op Highbury. Hij zou Arsenal van zijn oersaaie imago verlossen.

Hij cultiveerde wat hij noemde zijn liefde voor de schoonheid van het spel. Toch toonde Wenger zich de leerling-tovenaar van Chapman. Aan zijn biograaf Myles Palmer vertelde hij dat “hij droomt van de perfecte aanvallende beweging, in balans met verdedigende concentratie.'

Maar ook Wenger dokterde aan zijn elftal en legde de accenten eerst op het defensief denkwerk. Daarbij deed hij zijn bijnaam De Professor eer aan.

De methodiek overvleugelt bij hem de intuïtie. Hij hield het conservatieve en stokoude Engelse kwintet Seaman-Adams-Winterburn-Keown-Dixon jaren in ere en ontfermde zich psychologisch over de jonge Patrick Vieira, de dynamische middenvelder van het Franse nationale elftal.

Tussen 1997 en 2005 stapelde Arsenal opnieuw de prijzen op: drie Engelse titels, vier FA Cups, vijf tweede plaatsen en een recordserie van 49 ongeslagen wedstrijden. In de spits soleerden Dennis Bergkamp en Thierry Henry met insnijdende, briljante en onstuitbare dribbels op snelheid. En zo raakte Highbury eindelijk echt voetbalhigh.