Handelsronde in moeilijkheden

Gesprekken over wereldwijde handelsliberalisering missen een door de onderhandelaars zelf opgelegde uiterste datum voor harde resultaten. Dat hebben de 149 lidstaten van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) gisteren erkend. Een bijeenkomst van handelsministers in Genève, gepland voor eind deze week, is daarom afgelast.

Toch wilde directeur-generaal Pascal Lamy van de WTO gisteren niet spreken van een mislukking. “Er is geen sprake van een impasse“, zei Lamy. Hij hield de onderhandelaars in Genève voor, dat er de afgelopen tijd “daadwerkelijke en belangrijke vooruitgang“ is geboekt, “maar niet snel genoeg om een akkoord over concrete cijfers te sluiten eind deze maand.“

De zogenoemde Doha-ronde van handelsbesprekingen is in 2001 begonnen en ligt al meer dan twee jaar achter op schema. Nu dreigt wederom tijdnood. Eind juli moet er een allesomvattend akkoord zijn, wil dat uiterlijk een jaar later nog kans maken om door het Amerikaanse Congres te worden aanvaard. De ronde is vooral bedoeld om de armste landen vooruit te helpen. Ook voor de grote handelsblokken Europese Unie en VS staat er veel op het spel.

“Voor Nederland is mislukking van de ronde geen optie“, schreven minister Brinkhorst en staatssecretaris Van Gennip (Economische Zaken) eind vorige week in een brief aan de Tweede Kamer. “Een mislukking van deze ronde zal het multilaterale handelsstelsel ernstig beschadigen.“ De Kamer spreekt donderdag met de bewindslieden van EZ over de WTO.

Alom wordt aangenomen dat bij het uitblijven van een akkoord in de Doha-ronde het jaren zal duren voor een nieuwe wereldronde van handelsliberalisering kan worden gestart. “De vraag is: wat is de prijs van falen?“ zegt een hoge ambtelijke bron die nauw betrokken is bij de onderhandelingen.

De alternatieven voor een wereldwijd akkoord zijn bilaterale en regionale handelsverdragen. “Die veroorzaken hogere kosten voor het bedrijfsleven, want dat krijgt met veel meer regels te maken“, aldus de ambtelijke bron. Hij verwacht bij het uitblijven van een multilateraal akkoord ook verzwakking van de WTO als gezaghebbend instituut, inclusief de succesvolle arbitrage in handelsgeschillen tussen landen.

De Doha-besprekingen gaan vooral over de handel in agrarische en industriële producten, en in diensten. Onder andere Brazilië en India eisen meer markttoegang voor hun landbouwproducten in de Europese Unie. De EU wil beperking van de binnenlandse landbouwsubsidies in de VS, en toegang tot de dienstenmarkten in de grote ontwikkelingslanden.

Volgens vertegenwoordigers van de Amerikaanse Kamer van Koophandel in Europa die onlangs in Genève de stand van zaken peilden, is er met name op het jarenlang voortsukkelende onderwerp diensten de laatste tijd veel vooruitgang geboekt. Europa en de VS zijn vooral diensteneconomieën en kunnen hier winst behalen.

Maar voor diensten geldt de uiterste datum van 30 april niet. De onderhandelingen haperen nu vooral bij cijfermatige doelstellingen voor landbouw en industriële producten, erkende WTO-topman Lamy gisteren.

Alom wordt met de beschuldigende vinger gewezen naar Europa, dat onder Franse druk niet verder zou willen toegeven op landbouwgebied. Toch “zullen de Fransen wel inzien dat ze moeten bewegen op landbouw“, verwacht de ambtelijke bron. “Als ze er maar genoeg voor terugkrijgen.“

    • Reinoud Roscam Abbing