Gracieuze vechtkunst

Quentin Tarantino werd geïnspireerd door martial atrs-films van de broers Shaw.

De bejaarde Run Run Shaw begon recent weer een studio.

Shaw Brothers-dvd-collectie: scène uit Come drink with me regie Run Run Shaw en Runme Shaw

Wie wil weten waar Quentin Tarantino de mosterd vandaan haalde voor zijn Kill Bill-cyclus kan terecht bij de tiendelige Shaw Brothers Collectie die onlangs op dvd verscheen. Hierin worden staaltjes kung fu en zwaardvechten ten beste gegeven die Tarantino inspireerden tot zijn hommage aan het martial arts-genre.

Run Run Shaw en zijn broer Runme besloten in 1958 een grote filmstudio te bouwen in Hongkong - de beroemde Shaw-studio was geboren. In de hoogtijdagen werden er per jaar zo'n vijftig films geproduceerd en acteurs en technici kregen een langdurig vast (wurg)contract. De studio maakte films van verschillende genres, maar specialiseerde zich in martial arts-films, waarin diverse vechtsporten tentoongespreid worden. Vooral de “wuxia' werd een succes - films die de nadruk legden op prachtig gechoreografeerde zwaardvechtscènes. Come Drink With Me van de legendarische regisseur King Hu is opgenomen in de dvd-collectie en betekende in 1966 de doorbraak van de studio. De film heeft een vrouwelijke hoofdrol, de koelbloedige Cheng Pei Pei, die in diverse scènes haar gracieuze vechtkunsten mag botvieren op een overmacht aan tegenstanders. Ze speelt Golden Swallow, is eerst verkleed als man, en moet haar gevangengenomen broer bevrijden uit de handen van gespuis dat hem wil ruilen voor een van hen. Ze krijgt daarbij de hulp van Drunken Cat, een kungfumeester die dronkenschap veinst om zijn vechtkwaliteiten te verbergen. Met sierlijke camerabewegingen, vreemde camerahoeken en een dynamische montage zette King Hu een standaard - hoe actiescènes op te bouwen en uit te werken - die nog steeds indruk maakt. Bovendien wist hij dat de rustmomenten, de stiltes voor de storm, even belangrijk zijn voor de spanningsopbouw als de vechtsequenties zelf.

Een andere regisseur die uiterst belangrijk was voor het succes van de Shaw Brothers is Chang Cheh, die in 1967 doorbrak met de klassieker The One Armed Swordsman. Deze film zit niet in de dvd-collectie, wel vier andere films van Cheh: The Magnificent Trio (1966), The Boxer from Shantung (1972), The Water Margin (1972) en Shaolin Temple (1976). Cheh haalde zijn inspiratie uit Japanse samoeraifilms, zoals Akira Kurosawa's Yojimbo (1962). Hij moderniseerde het wuxia-genre, verving de vrouwen die vrijwel altijd de hoofdrol speelden door mannen en maakte de vechtscènes nog realistischer en vooral bloediger dan King Hu ooit had gedaan. Het sloeg enorm aan. Hij hield de verhaaltjes simpel en besteedde veel aandacht aan de indrukwekkende vechtsequenties waarin veel ledematen sneuvelen en nog meer mensen het loodje leggen.

De instructeurs voor deze realistisch bedoelde vechtscènes werden niet meer uit de Peking Opera gehaald maar waren vaak mensen die uiterst bedreven waren in martial arts. Zo maakten dansachtige bewegingen plaats voor een veel dynamischer en rauwere stijl. Soms kregen deze gevechtschoreografen promotie en mochten ze zelf films regisseren, zoals Chia Liang Liu, lange tijd in die hoedanigheid de assistent van Chang Cheh. Liu maakte in 1978 The 36th Chamber of Shaolin waarin een boerenzoon in het Boeddhistische klooster van Shaolin de 35 kamers van Shaolin doorloopt - hij leert in zeven jaar kungfumeester te worden, maar vooral dat mentale processen hierbij belangrijker zijn dan fysiek kunnen.

Maar de Shaw Brothers produceerden meer dan alleen kung fu-films, zoals de drie films van Ho Meng-Hua uit de collectie aantonen. Die maakte pure cultfilms als The Mighty Peking Man (1977), een rip-off van King Kong waarin een reusachtige aap het heeft voorzien op schaars geklede blondjes en Oily Maniac (1976) over een advocaat die door aanraking met olie veranderd in een superheld met bovennatuurlijke krachten en een vies, slijmerig pak. Deze films stammen uit de tijd waarin het met de studio slecht ging. De concurrentie met Bruce Lee, die in dienst stond bij de concurrerende studio Golden Harvest, was verloren en daarna werd Jackie Chan de populairste ster. Die had ook geen contract bij de Shaw-studio, er zat dus voor de broers in de jaren tachtig niets anders op dan om televisieseries te produceren. Twee jaar geleden opende de zeer bejaarde Run Run weer een nieuwe filmstudio. Komt de glorietijd weer terug?

dvd

Shaw Brothers Collectie

Dutch Filmworks

    • André Waardenburg