Voorvechter shi'ieten gaat Irak leiden

President Bush heeft zaterdag het nieuwe Iraakse leiderschap toegejuicht. De komende premier is echter geen vriend van Washington, en evenmin van de sunnieten. Of het tot nationale eenheid komt, is de vraag.

Javad Maliki, de komende premier van Irak, zaterdag in Bagdad. (Foto AP) New prime ministerial candidate Jawad al-Maliki, right, speaks at a news conference along with outgoing prime minister Ibrahim al-Jaafari, second left Saturday April 22, 2006 in Baghdad, Iraq. A breakthrough in months of political deadlock cleared the way Saturday for Iraq's parliament to launch the process of putting together a new government aimed at pulling the country out of its sectarian strife.(AP Photo/Mohammed Hato) Associated Press

De Amerikaanse regering heeft afgelopen weekeinde zeer enthousiast gereageerd op de totstandkoming van een nieuw Iraaks leiderschap. Het Iraakse parlement bevestigde zaterdag president Jalal Talabani in zijn ambt, met een nieuwe shi'itische en een nieuwe sunnitische vice-president. Het presidentschap benoemde vervolgens de shi'itische kandidaat Jawad al-Maliki als premier. Die heeft nu 30 dagen de tijd om de door Washington gewenste regering van nationale eenheid te vormen die het escalerend sunnitisch-shi'itisch geweld een halt gaat toeroepen. President Bush sprak van een 'historisch succes' dat 'Amerika veiliger zal maken', 'een belangrijke mijlpaal' op Iraks weg naar democratie die 'compromis en consensus vertegenwoordigt'.

Het is een opmerkelijk positieve reactie. Niet alleen omdat het nieuwe leiderschap het resultaat is van viereneenhalve maand bitter geruzie tussen de leiders van de shi'ieten, Koerden en sunnieten, Iraks dominante gemeenschappen, dat niet veel goeds voor de toekomst belooft. Ook omdat de nieuwe premier, in principe de machtigste man in het Iraakse systeem, bepaald niet bekendstaat als vriend van Washington, noch van de sunnieten; eerder als krachtig voorvechter van de belangen van de shi'itische meerderheid.

Maliki (56) is na huidig premier Ibrahim Jaafari, wiens aanblijven door de andere gemeenschappen én de VS werd geblokkeerd, tweede man van de fundamentalistische Dawapartij. Dit is een van de belangrijkste partijen van de Verenigde Iraakse Alliantie, het shi'itische blok dat 128 van de 275 parlementszetels bezet. Net als Jaafari heeft hij vele jaren in ballingschap in het buurland Iran doorgebracht. Maar in tegenstelling tot zijn voorganger en de meeste andere ballingen was hij tegenstander van de Amerikaans-Britse militaire interventie in zijn land. Niet omdat hij Saddam wilde beschermen, zei hij in december 2002, maar wegens de repercussies voor het Iraakse volk. Haast alle ballingen waren indertijd uitgesproken vóór Amerikaans ingrijpen, vanuit het pragmatische standpunt dat anders Saddam Hussein aan de macht zou blijven.

Nadat Saddam in 2003 ten val was gebracht, werkte Maliki wel met het nieuwe, door Amerika gesteunde regime mee. Maar ten aanzien van het Amerikaanse optreden in Irak nam hij geen blad voor de mond. Eind maart beschuldigde hij de Amerikanen nog van een 'afschuwelijke misdaad' na een aanval op een moskee van de radicale shi'itische geestelijke Muqtada Sadr waarbij 16 doden vielen. 'Een ernstige misdaad [..] bedoeld om burgeroorlog uit te lokken', noemde hij die.

Waarom de sunnieten met Maliki's kandidatuur hebben ingestemd, is niet duidelijk. Als prominent lid van de deba'athificatiecommissie, die in 2003-2004 de overheid moest zuiveren van aanhangers van Saddams Ba'athpartij, maakte hij in die gemeenschap weinig vrienden. Voornamelijk sunnieten werden daar immers het slachtoffer van; in sunnitische kringen werd van 'desunnificatie' gesproken. Verder speelde hij een belangrijke rol bij de totstandkoming van de huidige grondwet, die zeer tegen de zin van de sunnieten in federalisering van Irak voorziet. Koerden en shi'ieten kunnen zich straks terugtrekken in hun eigen olierijke autonomieën in het noorden en zuiden, vrezen de sunnieten, terwijl zij zelf gemarginaliseerd in het grondstoffenarme midden achterblijven.

Een van de belangrijkste eisen die de sunnieten dan ook hebben gesteld voor de komende regeerperiode is dat de grondwet ingrijpend wordt gewijzigd. Met steun van de Amerikaanse ambassadeur, Zalmay Khalilzad, die de sunnieten in de regering wil om de sunnitische rebellie de wind uit de zeilen te nemen. Van Maliki hebben ze wat dat betreft echter niets te verwachten. 'De dagen van gecentraliseerd bewind zijn voorbij', zei hij in een recent vraaggesprek met The Guardian. En bovendien: 'Democratie betekent het aanvaarden van de opinie van de meerderheid. De sunnieten moeten daarmee rekening houden.'

Het meest dringende probleem is echter de kwestie van de shi'itische partijmilities, die onder Jaafari nagenoeg de vrije hand hebben gekregen en door sunnieten van massaliquidaties worden beschuldigd. Maliki zei zaterdag in het parlement de milities met de strijdkrachten te willen fuseren. Dat komt min of meer neer op bevestiging van de huidige situatie, waarin het leger grotendeels uit shi'ieten en Koerden bestaat, en de politie door de milities is overgenomen. De sunnieten wantrouwen het leger, en vrezen de politie. Van nationale eenheid zal onder die voorwaarden geen sprake zijn.