Protestantse kerken naar de rechter

Ruzie over een naam brengt vanmiddag twee protestantse kerken bij de rechter.

Waarom maken kerken zich druk over een naam?

Twee jaar geleden fuseerden de Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken en de Evangelisch Lutherse Kerk, uit principiële en financiële motieven. Die nieuwe kerk noemde zich Protestantse Kerk in Nederland, PKN.

Vandaag staat de PKN (2,1 miljoen leden) bij de rechter. De kerk wil laten verbieden dat 60.000 hervormden die niet meegingen met de fusie, zich de Hersteld Nederlandse Hervormde Kerk noemen. De PKN claimt het recht op het gebruik van de namen van de samenstellende kerken. De kerk eist een dwangsom van vijfduizend euro per overtreding.

Waarom is een naam zo belangrijk voor een kerk dat zij er een gang naar de rechter voor over heeft? Dat komt, zegt de Leidse kerkhistoricus Wim Verboom, 'doordat de PKN geen nieuwe kerk wil zijn, maar een voortzetting van de drie kerken waaruit ze is ontstaan. Voor de hervormden is de PKN dus de voortzetting van de Nederlandse Hervormde Kerk. Maar door te kiezen voor de naam Hersteld Nederlandse Hervormde Kerk, pretenderen de hersteld hervormden dat zij de echte voortzetting zijn.'

De hersteld hervormden zien dat andersom. Zíj beschouwen de PKN als een nieuwe kerk, waarvan ze geen deel willen uitmaken. Lokale hervormde gemeentes (of delen daarvan) die buiten de fusie bleven, zien zich dan ook als de wettige eigenaar van de plaatselijke kerkelijk goederen, zoals kerkgebouwen en pastorieën. Ze hebben die immers zelf bekostigd.

Dit verschil in opvatting leidde het afgelopen jaar soms tot een compromis, maar vaak ook tot processen. Daarbij kwam de rechter steeds tot het oordeel dat alléén de PKN recht had op het kerkelijk bezit. Zo raakten de hersteld hervormden in het Utrechtse Montfoort onlangs hun oude kerkgebouw kwijt. De zevenhonderd kerkleden komen sinds Goede Vrijdag bijeen in een fabriekshal.

Het kort geding dat vanmiddag dient voor de rechtbank in Arnhem betreft niet de spullen, maar alleen de naam die de hersteld hervormden voeren. Op 31 augustus 2004 kwamen de synodebesturen van de PKN en de hersteld hervormden overeen dat de hervormden die buiten de PKN zouden blijven, zich niet meer zouden bedienen van de naam (Hersteld) Nederlandse Hervormde Kerk. 'Hersteld hervormd', dus zonder 'Nederlands', mocht wel.

Maar de voltallige synode van de hersteld hervormden verwees deze afspraak begin dit jaar naar de prullenbak - tot verontwaardiging van de PKN, die een geding aanspande.

Het gebruik van de naam 'Nederlands hervormd' ligt vooral gevoelig bij de behoudende hervormden, die uiteindelijk wel met de PKN meegingen. Het gaat daarbij vooral om leden en sympathisanten van de Gereformeerde Bond, die zich inzet voor versterking van het orthodoxe karakter van de PKN. Voor hen heeft de kwalificatie een zwaar soortelijk gewicht.

Intussen voelen veel PKN'ers zich ongemakkelijk met de gang naar de rechter. 'De kerk onwaardig', oordeelde de Confessionele Vereniging binnen de PKN. Ook het Evangelisch Werkverband pleitte ervoor het verlies te nemen. De leiding van de PKN houdt echter voet bij stuk, daarin gesteund door de Gereformeerde Bond.

    • Herman Amelink