Praten in metaforen over alen en grotten en lotusbloemen

Mijn vriendin M. is iemand tegen wie je kunt zeggen: 'Ik wil vanavond naar de film, maar wel een beetje een domme.' Oké, zegt zij dan, en komt met Memoirs of a Geisha. Zielig verhaal, mooie kimono's, wat wil een mens nog meer?

Ik heb het boek gelezen, dus ik had niet het probleem dat sommigen met de film hadden - dat ze de verschillende geisha's niet uit elkaar konden houden. (Geisha's vinden dat Nederlanders ook allemaal op elkaar lijken, heb ik gehoord.) Ik wist dat Mameha de good geisha was en Hatsumomo de bad geisha. En dat Chiyo, de arme wees, de übergeisha zou worden, zodra ze de 'aal' van een rijke man in haar 'grot' had gelaten.

Niet de minste Chinezen hadden aan deze film meegewerkt. Op de aftiteling zag ik Gong Li en Yo-Yo Ma en Steven Spielberg. Die wel geen Chinees is, maar toch niet de minste. Hij deed de productie, niet de regie. Jammer, want ik had gerekend op een supercliché-Hollywoodfilm waardoor je je toch laat meeslepen. We belandden echter in een supercliché-Hollywoodfilm waarvan je de slappe lach krijgt.

De makers hadden bedacht dat Japan een dromerig bonsaiboompjesland was, waar mensen constant praatten in metaforen over alen en grotten en lotusbloemen die al dan niet openklapten, en waar veel gerend werd op houten slippers over pittoreske keitjes, dat dan close-up in beeld gebracht moest worden. Echt, als er een Oscar was voor 'close-ups van houten slippers die over keitjes rennen', dan wist ik het wel.

Alle personages praatten Engels met een dik Aziatisch accent. Dus toen 'de baron' zijn kimonocollectie aan Chiyo liet zien, zei hij: 'This is my kimono correction. I have corrected kimono's for yeals!' Ik was de enige in de bioscoop die daar om moest lachen. Misschien dachten de anderen dat hij kleermaker was.

Alles wat de personages meemaakten, moest op een houten brug gebeuren, onder bomen waarvan de lentebloesem over de personages heen dwarrelde. Ook zag ik mijn favoriete filmcliché weer voorbijkomen: zodra de Tweede Wereldoorlog uitbrak, trok iedereen zijn grijze kostuumpje aan. Let maar eens op, dit gebeurt in elke film-met-oorlog.

Toen M. en ik weer buiten stonden, in de ijzige aprilkou onder zeer weinig bloesemgedwarrel, besloten we dat we kritischer moeten worden bij het kiezen van domme films. In ieder geval laten we ons niet meer door Japanse draken verleiden.