Jerry Seinfeld is je vriend niet

Het gebeurde op een onbewaakt moment. Seinfeld was mijn favoriete serie: leuke mensen die leuke dingen doen en leuke grappen maken. Maar toen ik zat te kijken, realiseerde ik me opeens - en dat klinkt een beetje raar - dat Jerry, Kramer, George en Elaine mijn vrienden helemaal niet waren. Zíj waren samen een hoop lol aan het maken en ík zat in mijn eentje lijdzaam te wachten op de volgende grap. Ik werd er zelfs boos om: die vrienden van Seinfeld hielden mij juist gescheiden van mijn eigen vrienden. Waarom was ik nu niet bij hén om leuke dingen te doen en leuke grappen te maken?

Dit inzicht trof me op een moment dat ik toch al erg mijn best deed mijn televisie-inname terug te dringen. Ik was een zware gebruiker. 's Avonds zette ik het toestel zomaar aan - uit gewoonte of verveling. Uren later was ik niet een gelukkiger mens. Zelfs als ik alleen de allerbeste programma's keek, bleef mijn onvrede overeind. Meer dan eens nam ik me voor minder tijd voor de televisie door te brengen. Dat duurde nooit lang.

Seinfeld gaf het laatste zetje. Ik beeldde me in hoe hele volksstammen avond aan avond apathisch zaten te turen naar een lichtgevend kastje, met hun geliefden of gezinnetjes naast zich op de bank. Waarom zijn het trouwens altijd series over vriendschap - Friends, Sex in the City, Gilmore Girls, Desperate Housewives - die zo populair zijn? Omdat ze misschien de illusie geven dat wij delen in hun gezelligheid? De volgende dag heb ik de kabel laten afsluiten; ik zou mijn eigen vrienden wel zélf uitzoeken. Bedankt.

Sindsdien heb ik met meer vrienden meer intensief contact. Ik merk dat hun grappen níet zijn ingestudeerd, dat hun belevenissen mij meer boeien dan die van fictieve personages, dat hun meningen interessanter zijn dan die van de zoveelste deskundige in een actualiteitenrubriek. En, niet onbelangrijk: ik ontdekte langzaam dat ik het initiatief van mijn leven in eigen handen nam. Logisch ook. Als het waar is dat een mens gemiddeld zo'n drie uur per dag televisie kijkt, heb je zonder televisie dagelijks ruim tijd over voor andere zaken. Tijd die ik eigenlijk altijd al wilde gebruiken voor zaken die mij nuttiger voorkwamen. Tijd voor een clowncursus bijvoorbeeld, of om muziek te maken, te klussen in huis, te sporten, een nieuwe taal te leren, een boek te lezen, met vrienden af te spreken.

Soms verlangde ik hevig terug naar de televisie. Als ik het te zwaar kreeg, zette ik hem aan en zapte van het ene kanaal naar het andere. Er was alleen maar sneeuw te zien. Met een gerust gevoel kon ik zeggen dat er die avond weer helemaal niets te zien was - om vol nieuwe moed door te gaan met waar ik gebleven was.

Ik dacht altijd dat het ontspannend was, televisiekijken. Is niet zo. Het is als met gapen: je lichaam schreeuwt om zuurstof en dan kan je beter gaan springen en rennen dan in je bed kruipen. Als je geest vraagt om afleiding en ontspanning, zijn er betere methoden dan op de bank te ploffen om naar een kastje te zitten staren.

Alweer een paar jaar geleden viel in Moskou de zendmast van de televisie uit. De inwoners zaten dagenlang zonder televisie. Toen ze van de schrik waren bekomen, gingen de Moskovieten met hun vrienden en huisgenoten leuke dingen doen. Die storing aan de zendmast was een item op televisie. Ik had het niet gezien, maar voor deze ene keer kon ik wél meepraten over een onderwerp dat op televisie was. En ik vroeg me af wie er het meest bij gebaat was toen de zendmast weer was gerepareerd.

Het goede nieuws voor de Moskovieten - en voor iedereen die dat wil - is dat de weg naar hun vrienden en naar hun eigen leven heel kort is: ze hoeven alleen maar op 'uit' te drukken.

Marco Visscher is adjunct-hoofdredacteur van het opinietijdschrift Ode. Van 24 tot en met 30 april is het 'TV Turn-off Week'. Dit initiatief is afkomstig uit de Verenigde Staten, waar de organisatie TV-Turnoff Network sinds 1994 kinderen stimuleert om minder televisie te kijken.