Het eeuwig Russisch leed als folklore

De Boris Godoenov die Klaus Michael Grüber nu regisseert bij de Nationale Opera Brussel staat haaks op de ensceneringen van Moesorgski's monumentale werk over de Russische 'Tijd der Troebelen' zoals die waren te zien bij de Nederlandse Opera. Die bracht de onderling zeer verschillende producties van Harry Kupfer (1986) en Willy Decker (2001). Niet alleen oogt de Brusselse voorstelling minder zwaar, ook muzikaal is die vaak lichter. Dat zal niet alleen zijn te horen via de Belgische radio-uitzendingen, maar ook tijdens de concertante uitvoering op 7 mei in het Amsterdamse Concertgebouw.

Boris Godoenov (Vladimir Baykov) en Fjodor (Maria Gortsevskaya) in de Brusselse enscenering van Klaus Michaël Grüber: schaakspel om de macht, die een zeepbel is (Foto Ruth Waltz) BORIS GODUNOV Cast B 0023 (c) Ruth Walz.jpg Boris Godoenov (Vladimir Baykov) en Fjodor (Maria Gortsevskaya) in de Brusselse enscenering van Klaus Michaël Grüber: schaakspel om de macht, die een zeepbel is (Foto Ruth Waltz) Voorstelling: Boris Godoenov van M. Moesorgski door Nationale Opera Brussel o.l.v. Kazushi Ono. Regie: Klaus Michael Grüber. Gezien: 20/4 Muntschouwburg Brussel. Herh.: t/m 6/5. Inl: www.demunt.be. Concertgebouw Amsterdam: 7/5 (concertant) res.: (020) 6712345; Radio: Musiq3: 6/5; VRT Klara 20/5. Waltz, Ruth

De voorstelling van Kupfer was sinister en desolaat: een nimmer eindigende machtsstrijd tussen tsaar, kerkelijke en wereldlijke autoriteiten met het volk als slachtoffer, meedogenloos afgetuigd door leger en politie, onder het communisme gewoon voortgezet. Decker presenteerde Boris als een individu in een psychologische tragedie, een tsaar die ten onrechte op de troon zit en wordt achtervolgd door zijn moord op de rechtmatige kroonprins.

Grüber, in Amsterdam de regisseur van een zeer succesvolle Parsifal (1986) en sterk omstreden voorstellingen van Otello (1996) en Aida (2000), presenteert het eeuwige Russische leed als kleurrijke Russische folklore. De tsaar is een aanbeden icoon, goud geschminkt en gehuld in een gouden mantel, maar niet onbereikbaar: hij loopt gewoon tussen het volk. De ellende van het volk hoort nu eenmaal bij het leven van alledag en wordt dus ingebouwd in het dagelijks leven maar ook gerelativeerd.

En zo oogt de voorstelling in een reeks esthetische helder gekleurde kleine en intieme scènes vaak vrolijk, zelfs karikaturaal en ironisch. Clichés mijdt Grüber niet: de hoofdpersonen in de strijd om de macht worden voorgesteld als stukken op een schaakbord. De wereldse heerschappij wordt verbeeld door een plexiglazen globe, die oogt als een zeepbel. De anders altijd zwaar dramatisch aangezette muziek klinkt hier in vaak vlotte tempi, en niet alleen in de scène met de schooierende monniken.

Maar de Brusselse chef-dirigent Kazushi Ono, die onder volgend jaar aantredende intendant Peter de Caluwe wordt opgevolgd door Mark Wigglesworth, bouwt de muziek uiteindelijk wel op naar een indrukwekkende sterfscène van Boris. En extra opvallend na allerlei vrolijk gedans is ook het klaaglijke lied van de joerodivi, de heilige idioot die aan het slot de onverdraaglijke waarheid vertolkt: 'Vloei bittere tranen, vloei.'

Opmerkelijk is de Brusselse keuze uit de vele versies van Boris Godoenov: hier gaat de lange en epische versie, die eindigt met het dwalende volk in het woud van Kromy. Maar geschrapt is de Poolse scène, die uiteindelijk ook alleen maar is gecomponeerd om een echte sopraan te presenteren.

Er zijn twee casts. De ene telt beroemde zangers als de Belgische bas-bariton José van Dam in de titelrol en Anatoli Kotsjerga als Pimen. Die cast is ook in Amsterdam te horen. De andere, die ik in Brussel hoorde, voldoet uitstekend. De voortreffelijk zingende Vladimir Bajkov is daarin een vrij jonge Boris van het type Wotan, een goddelijke machthebber zonder loze pathetiek, die doorziet dat hem alles tegenzit en ontglipt.

Alexander Kisselev heeft als de monnik Pimen grote delen van zijn lange rol nodig om werkelijk op gang te komen. Maria Gortsevskaja heeft een prachtige en overtuigende rol als Fjodor, Vadim Zaplechny hoeft zich als de bojaar Sjoejski vocaal niet echt in te spannen, zijn louche machinaties zijn hem al op het lijf geschreven.

Voorstelling: Boris Godoenov van M. Moesorgski door Nationale Opera Brussel o.l.v. Kazushi Ono. Regie: Klaus Michael Grüber. Gezien: 20/4 Muntschouwburg Brussel. Herh.: t/m 6/5. Inl: www.demunt.be. Concertgebouw Amsterdam: 7/5 (concertant) res.: (020) 6712345; Radio: Musiq3: 6/5; VRT Klara 20/5.
    • Kasper Jansen