'Advocaten moeten privileges houden'

Advocaten dienen al hun privileges zoals het beroepsgeheim te behouden. Dat stelt de commissie advocatuur, die vorig jaar werd ingesteld door minister Donner (Justitie, CDA).

De commissie wijkt daarmee op belangrijke punten af van de wensen van de minister.

Donner stelde, in een brief van eind 2004 aan de Tweede Kamer, dat de 'privileges' van advocaten nader onderzoek behoefden. Zo stelde hij dat onafhankelijkheid weliswaar in de Advocatenwet was geregeld, maar dat 'onafhankelijkheid niet verward mag worden met een gebrek aan verantwoordelijkheid.' Donner vond dat advocaten soms te veel het belang van hun cliënt dienen en daarmee het maatschappelijk belang, namelijk de goede procesorde uit het oog verliezen. Daarnaast vond hij dat de geheimhoudingsplicht en het daarbij behorende verschoningsrecht (een advocaat kan niet gedwongen worden vertrouwelijke informatie over zijn cliënt te verstrekken) niet misbruikt mag worden voor het beschermen van de verkeerde belangen. Volgens Donner werd het bovendien tijd ook anderen dan advocaten het recht te geven om te procederen bij de rechter. Daarmee tornde hij aan het procesmonopolie van de advocatuur.

Donner reageerde met zijn brief op een motie van Tweede Kamerlid De Vries. De Vries vroeg om een grondige evaluatie van de beroepsgroep. Donner stelde daarop een commissie samen onder voorzitterschap van hoogleraar P. van Wijmen. Vanmiddag zal het rapport 'Een maatschappelijke orde' worden aangeboden aan de minister. Uit het rapport blijkt dat de commissieleden toch adviseren de advocatuur niet te wijzigen op de door de minister gewenste punten. De commissie erkent dat het beroep van advocaat de afgelopen vijftien jaar grondig is veranderd. Het aantal advocaten is met 60 procent toegenomen, het zijn er nu rond de 13.000.

De commissie stelt dat het beroep van advocaat niet meer behoort tot 'het betere soort beroep', zoals vroeger. 'Vertrouwen en autoriteit zijn geërodeerd.' Advocaten zijn nu professionals die worden gezien als 'op winst gerichte zakenlieden.' Ze zijn ondernemer én belangenbehartiger. Dit 'spanningsveld' maakt toezicht belangrijk. Nu wordt het toezicht door de beroepsgroep zelf geregeld. De commissie bepleit een 'Regelgevende raad voor de advocatuur' met onafhankelijke deskundigen, te benoemen door de minister.

    • Rinskje Koelewijn