Wellustige metamorfosen van lichaamsdelen

De Duitse kunstenaar Hans Bellmer besloot in 1933, toen Hitler aan de macht kwam, om te stoppen met welke vorm van nuttig werk dan ook. Als daad van protest fabriceerde hij een pop die hij omschreef als 'een kunstmatig meisje met veelvoudige anatomische mogelijkheden, in staat om de hoogten van de passie op te roepen en zelfs om nieuwe verlangens te creëren.' Dit kunstmatige meisje zou hem de rest van zijn leven vergezellen en werd de inspiratiebron van een obsessief oeuvre vol erotiek, dood en verlangen. Het Centre Pompidou in Parijs heeft een tentoonstelling gewijd aan een groot aantal tekeningen en fotowerken van Bellmer (1902-1975). Ook enkele van zijn poppen worden getoond.

De eerste pop die Bellmer ontwierp had een scharnierend houten skelet. Hij maakte van papier maché afneembare ledematen, een tors en een masker, en ook een pruik met lang haar. Kort hierna ontdekte hij in het Kaiser Museum in Berlijn twee kleine ledepoppen uit de Duitse Renaissance. Deze poppen hadden kogelgewrichten en maakten hem duidelijk hoe hij een volledig flexibele pop kon maken. Van nu af aan construeerde hij zijn pop rondom een dikke 'bal-buik'. De buik kreeg een afneembaar, dubbel stel benen die alle kanten op konden bewegen. Het was een monsterlijk, grotesk speelobject, al dan niet voorzien van witte sokjes en zwarte lakschoenen, of van een hoofd met een grote kinderstrik in het haar.

Bellmer publiceerde foto's van zijn eerste pop in het boekje Die Puppe. De Surrealisten herkenden in Bellmer een geestverwant en namen een aantal van deze foto's op in hun tijdschrift Minotaure. Desalniettemin bleef Bellmer, die zich in 1938 in Parijs vestigde, altijd een buitenstaander in de kunstwereld. Hij voorzag in zijn levensonderhoud door het maken van portretten. Echte erkenning kreeg Bellmer echter pas in 1959, toen zijn werk werd opgenomen in de grote Exposition Internationale du Surréalisme in Parijs.

Bellmer is zeer virtuoos als lijntekenaar. Hij hanteerde een anachronistische tekenstijl die teruggaat op een oude Duitse tekentraditie van kunstenaars als Altdorfer en Grünewald. Zijn hyperrealistische portretten, met hun zeer gedetailleerde belijning van golvende haren en bontkragen, hebben een hallucinerend effect. In de erotische tekeningen liet hij zijn morbide fantasie de vrije loop. Bellmer was op zoek naar de ultieme wellust en werd tegelijk gefascineerd door alles wat het lichaam aantast: rimpels en spataderen, verval, het wegrotten van een lijk, wulpse vrouwenlichamen ingesnoerd door touwen, skeletten half aangevreten door wormen. 'Ik ken de schoonheid door de angst', zei Bellmer, een uitspraak die niet letterlijk genoeg genomen kan worden. In zijn tekeningen ondergaat het lichaam allerlei obscene metamorfosen. Oog, oksel of gezicht wordt vagina, octopus-achtige lichaamsdelen zijn onontwarbaar met elkaar verstrengeld. Het is één onafgebroken erotisch delirium, grenzend aan de waanzin.

De obsessieve herhalingen van hetzelfde thema leidt in de tekeningen tot een overkill. Met de foto's is dit anders. Dit medium legt Bellmer, doordat het aan de werkelijkheid gebonden is, grenzen op die het artistieke resultaat ten goede komen. De foto's zijn concreter en harder, minder symboliserend dan de tekeningen. Bellmer was een getalenteerde fotograaf, zoals blijkt uit de kadrering van de beelden en de licht-en schaduwwerking. De serie Les jeux de la Poupée is absurd en humoristisch. Bellmer fotografeerde de pop op allerlei plaatsen in en rondom zijn huis: leunend tegen een deur met het bovenste stel benen ondersteboven wijd gespreid, half ontkleed liggend op bed, of opgehangen aan een boom. Hier en daar kleurde hij de foto's in met ecoline. Waterige regenboogkleuren voor een pop zonder hoofd, maar met blonde haren, of grote donkerrode borsten, of een vreemde gele weerschijn in de lucht.

Het meest interessant zijn de poppen zelf. De Mitrailleuse en état de grâce belichaamt het koude mechanisme van de seks. De poppen zijn metaforen voor een machinemens die onderworpen is aan machten die groter zijn dan hijzelf. Bellmer is een kille ingenieur van de erotiek. Hij heeft het lichaam in een procédé van fragmentering en montage volledig ontmenselijkt, in een niet-aflatende poging om tastbare beelden te scheppen voor de ongrijpbaarheid van het erotische verlangen.

Tentoonstelling: Hans Bellmer: Anatomie van het verlangen. In Centre Pompidou, Parijs. Tot 22 mei. Dagelijks 11-21 uur. Dinsdag dicht. Catalogus, 260 blz., 39,90.