's Gravenvoeren - Teuven

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week in de Voerstreek in België

Wandelen in de Voerstreek heeft zo zijn aangename kanten. Dat weet blijkbaar iedereen want het krioelt van de wandelaars op de kiezelpaden en moddersporen. Goed, ik overdrijf, maar we lopen wel allemaal zo'n beetje suf te grijnzen - o wat is het hier mooi, zoiets, want dat is zo. Er valt ver uit te zien over stevig heuvelend, ruig boerenland. Over de hoge bogen van een klassieke spoorbrug. Over slingerende heggen en bomenrijen en hoeves met het erf achter een poort en samengeklonterde bijgebouwen met gaten in het pannendak en meestal een ladder tegen een muur. Er valt ook gezellig spot te drijven met de taalstrijd. Of mag ik het niet stompzinnig vinden dat de Walen het vlaams op plaatsnaam- en verkeersborden met de graffitispuitbus doorkrasten en de Vlamingen het frans, zodat hun dorpen naamloos door het leven moeten en het verkeer niet meer weet wat het moet? 'Kut wallon' - dat is nog wel te lezen. Op een over en weer onklaar gemaakt verkeersveiligheidsbord bij een schooltje.

De Voer/ Le Fouron is een snelle stroom die het open land verbindt met bossen vol knoestig dood hout en naar de hemel reikende springlevende eiken en berken en nog zo wat. De wegen zijn hol uitgesleten tussen met klimop en ander kruipgewas overwoekerde kanten. Een lam kijkt over de rand, zijn oren roze dankzij het licht dat erdoor slaat. Op de muur van een kerkhof kleven escargots. Mmmm. Maar volgens man smaken deze naar modder omdat ze niet op het juiste dieet staan. ('Hoe wéét je dat?' 'Kookboekenwijsheid.')

Het weer is stil, met een egaal parelketting-getinte hemel, geen wind en trek-die-jas-maar-uit-garantie. De hele bende staat hier in de knop. Boom, struik, mos, alles grossiert in gezwollen puntjes en een treurwilg doet vals bescheiden in groene sluiers. Eindelijk wordt nu het vermoeide gras overruled door frisse glanshalmen. De vroegbloeiers bloeien, die zijn de knoppen voorbij: witte bosanemoon overdekt complete hellingen en in de sector paars zie ik veldjes hondsdraf en verspreide bosviooltjes.

En al zien de bomen nog kaal, ze bloeien ook want in veel kruinen prijken de toverballen van de gouden maretak.

De dag verglijdt, het licht glijdt mee. Hier wandelen is vreemde zaken zien. Een miniatuur Leo XIII (paus) heeft zich verliefd in een antieke Singer naaimachine. Een verroest kruis (zijn Jezus is hij kwijt) is ingegroeid in de bast van een boom - mag ik denken aan een kwellende teennagel?

'Prinsenproclamatie met bekende gastoptredens, bv. dansgroep Hupsakee.'

15 km. Route ontleend aan Paul Mees (ed.) : 'Wandelvakanties dicht bij huis. Uitg. Lannoo, 2002 . I.v.m. soms onheldere routebeschrijving: topografische kaart no. 34/7-8 'Visé-Sint-Martens-voeren', uitg. Nationaal geografisch instituut/Institut géographique national, Brussel/Bruxelles. Geen openbaar vervoer. Tel. dichtstbijzijnde taxibedrijf (Gulpen) 0031434504050.