De muziek van het toeval

Welke boeken zijn aanraders voor beginnende en geoefende lezers? Een tweewekelijks rondje langs de eeuwige jachtvelden van de wereldfictie brengt Pieter Steinz bij City of Glass van Paul Auster

Paul Auster, Foto Freddy Rikken 13/5/2004 Foto Freddy Rikken Paul Auster schrijfer Rikken, Freddy

Toeval is het lievelingsthema van de Amerikaanse schrijver Paul Auster (1947); in zijn romans, en ook in de films waarvoor hij het scenario schreef, speelt het een sturende rol. Persoonsverwisselingen, onverwachte erfenissen en onwaarschijnlijke ontmoetingen bepalen het bestaan van zijn personages, die niet zelden op keerpunten in hun leven besluiten om zich volledig aan het toeval over te geven. Marco Stanley Fogg, de romanheld van Moon Palace leert het lot kennen als een leermeester die hem met beide benen op de grond zet. Jim Nashe, in Austers toepasselijk getitelde roman The Music of Chance, slaagt er maar niet in zijn leven in eigen handen te nemen. En ook in het recente Oracle Night is de verteller niet meer dan een schakel in een keten van toevalligheden.

'It was a wrong number that started it...' luiden de eerste woorden van Austers tweede roman City of Glass. Het sober vertelde verhaal - over de detectiveschrijver Quinn die bij toeval zelf detective wordt en al speurend verstrikt raakt in het mysterie dat hij probeert op te lossen - vestigde in 1985 Austers naam als aanstormend schrijver, en maakte hem tot een geliefd alternatief voor de Dirty Realists en de yuppie-nihilisten die in de jaren tachtig de Amerikaanse literatuur domineerden. Bij Auster geen streekgebonden verhalen over de keerzijde van de Amerikaanse samenleving of boeken vol stadse types die slikken en spuiten. Zijn literaire wortels liggen in Europa, zijn standaard is de beklemmende en onwerkelijke precisie van Franz Kafka, de schrijver aan wie hij ooit zijn doctoraalscriptie wijdde.

In City of Glass, het als 'Broze stad' vertaalde eerste deel van The New York Trilogy, wordt de eenzame Quinn aangezien voor een private eye met de naam Paul Auster (!), waarna hij zich laat inhuren om een wetenschapwaanzinnige man te schaduwen die zijn zoon als proefkonijn negen jaar lang in een donkere kamer heeft opgesloten. Quinns opdracht wordt een kennismaking met theologie, wereldliteratuur en schimmige hoekjes van de Amerikaanse geschiedenis, maar ook een zoektocht naar zijn eigen identiteit, die langzaam afbrokkelt te midden van alle geheimzinnige verdwijningen en onverwachte ontmoetingen.

Uiteindelijk verdwijnt Quinn helemaal uit beeld, maar je zou kunnen zeggen dat zijn verhaal op een andere manier wordt voortgezet in de twee andere delen van The New York Trilogy. In Ghosts krijgt detective Blue van een zekere White de opdracht om ene Black in de gaten te houden, terwijl hij steeds minder snapt waarom. En in The Locked Room gaat de ik-figuur op zoek naar een oude vriend, de schrijver Fanshawe, die hem na zijn verdwijning niet alleen zijn manuscripten maar ook zijn vrouw en kind heeft nagelaten. In alle verhalen gaat de hoofdpersoon aan zijn eigen identiteit twijfelen, is het einde open en wordt de lezer op een verrukkelijke manier op het verkeerde been gezet.

City of Glass is een magisch boek, in de betekenis die de hoofdpersoon van Austers roman Mr. Vertigo daaraan geeft: 'hoe dieper je erin afdaalt, hoe meer er is, en hoe meer er is, hoe langer je erover doet om het te lezen.' In de twintig jaar na verschijning is het onder meer geïnterpreteerd als een postmodernistisch puzzelboek, een kafkaeske parabel over toeval en vrije wil, en een moderne variatie op de hard-boiled crime novel. Die 'openheid' van de roman komt ook voort uit de eigenzinnige stijl van Auster, die er plezier in heeft zijn koele, hoekige zinnen af te wisselen met pastiches van wetenschappelijke tractaten, negentiende-eeuwse romans en Raymond Chandler-achtige oneliners. Als er één schrijver is wiens romans recht hebben op de veel misbruikte aanprijzing 'literaire thriller' dan is het Paul Auster.

Reacties: steinz@nrc.nl
    • Pieter Steinz