Contacten met Hamas

`Hamas verdient geen toenadering`, kopt het opinieartikel van Uri Rosenthal (18 april). Van Hamas en de manier waarop de jongste Palestijnse verkiezingen zijn verlopen, blijft geen spaan heel, zozeer heeft Rosenthal het op deze organisatie en die verkiezingen gemunt. Hoezeer hij ook gelijk mag hebben, door met geen woord het Israëlische beleid jegens de Palestijnse gemeenschap(pen) in zijn betoog tegen de WRR te betrekken, verkrijgt zijn benadering het kenmerk van eenzijdigheid. Rosenthal verwijt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid gebrek aan inzicht, maar hij zou meer recht van spreken hebben, als hij de abominabele Palestijnse positie in zijn betoog had betrokken. Gebrek aan democratie aan Palestijnse kant is zeker niet ernstiger dan de ondemocratische Israëlische politiek jegens de Palestijnen onder bezetting, en de Israëlische Arabieren - nifkadim nohamim - binnen de joodse staat. Het door de WRR bepleiten van contacten met Hamas getuigt van meer inzicht, dan het eenzijdige relaas van Rosenthal. De laatste schijnt de status quo te appreciëren, waarmee Israël wel kan, maar de Palestijnen absoluut niet kunnen leven, letterlijk én figuurlijk. Er móet dus iets gebeuren.

    • Egbert Talens