Website toont “DNA' Nederlandse filmcultuur

Op de website cinemacontext.nl is de “verborgen geschiedenis' van de Nederlandse film te vinden. Met gegevens over pioniers, films en bioscopen sinds 1896. “Het maakt patronen van filmbezoek zichtbaar.“

Amsterdam, 21 april. - Het Leger des Heils mag dan al heel lang de bioscoop afwijzen als voos en werelds vermaak, in de oertijd van de cinema gaven de heilsoldaten zelf filmvoorstellingen. Eind 1905 trok de “Bioscoopbrigade' drie maanden lang door Nederland om Gods woord te verkondigen met filmbeelden. “Het Leger des Heils was heel goed in het gebruiken van de populaire cultuur voor het verspreiden van het evangelie“, zegt Karel Dibbets, historicus bij de vakgroep mediastudies van de Universiteit van Amsterdam.

Op het computerscherm van Dibbets verschijnt een landkaart met de marsroute van de heilsoldaten van Haarlem tot Kampen. De gegevens zijn afkomstig van de website cinemacontext.nl, die gisteren officieel is gelanceerd. Op deze website staan alle filmvoorstellingen in Nederland, van 1910 tot 1960: de vertoonde film, het gebouw (met architect), de mensen in de bioscoop en het bedrijf erachter. “Deze elementen vormen het DNA van de filmcultuur“, zegt Dibbets. “De website is een Hubble-telescoop die patronen van filmbezoek zichtbaar maakt.“

Tot de komst van de geluidsfilm waren de vaak korte films ingebed in theatervoorstellingen met musici en explicateurs. “Bioscoopdirecteuren moesten als een impresario artiesten boeken“, vertelt Dibbets. Tot die artiesten behoorde ook de vermaarde Louis Davids. “Louis Davids heeft rondom de Eerste Wereldoorlog een lange bioscoopcarrière gehad.“

Deze “verborgen filmgeschiedenis' is blootgelegd bij archiefonderzoek voor Cinemacontext.nl. De 400.000 euro voor de website - het NWO gaf 300.000, de rest komt van de UvA - zijn onder meer gebruikt om studenten te laten zoeken in oude lokale kranten. In de bioscoopadvertenties staan vaak de optredens van podiumartiesten.

Bij het napluizen stuitten de onderzoekers wel op het probleem, dat tot in de jaren zeventig buitenlandse films met een Nederlandse titel de bioscoop in gingen. Welke films gingen schuil achter Ter wille van haar kind, De aanhouder wint of Oog om oog? Soms bood de naam van een hoofdrolspeelster uitkomst, maar vaak werd die niet eens vermeld. De oplossing lag bij het archief van de Filmkeuring, waar tot 1960 alle films werden bekeken: 40.000 titels in totaal. “In de keuringsrapporten stond naast de Nederlandse ook keurig de oorspronkelijke titel.“

De gegevens van de Filmkeuring staan daarom op de website, vaak met verwijzing naar archiefstukken over brandende kwesties van vroeger. Zo valt over de Amsterdamse bioscoop Rialto (1921) niet alleen te lezen dat de Amsterdamse jeugdbioscoop er ooit onderdak had, maar ook dat uitbater Du Mée een rechtszaak aanspande tegen de Filmkeuring. “Hij slaagde er in een concurrentieslag met het chique Tuschinski en de volkse Cinema Royal in overeind te blijven. Hij schuwde het conflict niet, ook niet met de Filmkeuring.“

Du Mée was een pionier van de filmcultuur, net als de heilsoldaten en Frederik Keizer. Wie? Ook een ontdekking, Frederik Keizer. “Hij was een volksprediker, een rode dominee, vergelijkbaar met Domela Nieuwenhuis.“ Hij trok met films door het land om het socialisme te verkondingen. “Bij de boeren hield hij een christelijker verhaal dan bij stakende arbeiders - met dezelfde beelden.“

Met de geluidsfilm kwamen eind jaren twintig de blockbusters, die het publiek de hele avond gevangen hielden - steeds weer ergens anders. Op Cinemacontext.nl is goed te zien hoe een film in één theater in première gaat, daar doorgaans een week draait en dan het land in gaat. Dibbets: “Soms duurde het een jaar voor de film dan werd gedraaid in pakweg Kampen - met nog steeds dezelfde kopie, maar dan zeer versleten.“ Opvallend is dat in de vooroorlogse jaren de Nederlandse film erg populair was: naast De Jantjes was er veel belangstelling voor de seksuele-voorlichtingsfilm De hygiëne van het huwelijk.

Hoe het filmbezoek er nu uitziet, is op cinemacontext.nl nog niet te vinden. Er is even geen geld om recente gegevens in te voeren. Duidelijk is wel dat het bioscoopbezoek in Nederland terugloopt. Hedendaagse bioscoopexploitanten hopen het tij te keren door het filmbezoek tot een “evenement' en “ervaring' te maken. Sommige theaters werken al met explicateurs en musici. Dat lijkt op de revue-avondjes van weleer. “Zeker“, zegt Dibbets: “Dat is regressie.“

www.cinemacontext.nl

    • Karel Berkhout