Onder de 21 is verkoop alcohol onverantwoord

In de VS worden jongeren onder de 21 jaar die alcohol gebruiken hard aangepakt.

Dat is goed, ook ons kabinet moet met betere wetgeving de drankzucht beteugelen.

In de Verenigde Staten wordt de jeugd beter beschermd tegen alcohol dan in Nederland. Uit recente cijfers van het Trimbos Instituut (de Nationale Drug Monitor) blijkt dat 45 procent van de Nederlandse scholieren van 15 en 16 jaar meer dan veertig keer in hun leven alcohol had gebruikt en 25 procent dat de laatste maand meer dan 10 maal had gedaan. Daarmee behoren zij in Europa tot de top wat betreft alcoholgebruik. Niet alleen de gezondheidsrisico's zijn ernstig (steeds meer en steeds jongere Korsakov-patiënten) maar op deze manier wordt ook het human capital van Nederland aangetast. Acute en chronische effecten van alcoholgebruik op zo'n jonge leeftijd tasten de intellectuele capaciteiten aan.

Alle reden dus voor het kabinet om effectieve maatregelen te nemen tegen dit veel te hoge alcoholgebruik door de jeugd. Het bestrijden van alcoholgebruik door jongeren is naar eigen zeggen een belangrijk doel van het kabinet, maar er mankeert veel aan de maatregelen die tot nu toe genomen zijn. Ze zijn onlogisch en oncontroleerbaar, met alle gevolgen van dien.

Uit cijfers van het Trimbos Instituut blijkt dat de Amerikaanse regering het in dit opzicht veel beter heeft gedaan; niet 45 procent, maar slechts 12 procent van de Amerikaanse scholieren van 15 en 16 jaar had in hun leven meer dan 40 keer gedronken, en niet 25 procent maar slechts 4 procent had de laatste maand gedronken. Daarmee scoren de VS niet alleen beter dan Nederland maar ook beter dan enig ander land in Europa.

Het is belangrijk vast te stellen dat het drankgebruik in het algemeen niet verschilt tussen de VS en Nederland; het alcoholgebruik in termen van aantal liters zuivere alcohol per hoofd van de bevolking is in beide landen ongeveer 8 liter. Dus het verschil in alcoholconsumptie wat betreft de jeugd is niet het gevolg van een andere drinkcultuur, maar moet worden toegeschreven aan een effectievere bescherming van de jeugd tegen alcoholgebruik; de wetgever in de VS heeft het probleem gewoon veel beter aangepakt.

Wát heeft de Amerikaanse wetgever dan zoveel beter gedaan? Het antwoord is dat de wet dienaangaande helder en controleerbaar is en de niet malse straffen op het niet naleven ervan strikt worden toegepast.

In Nederland is de wet op alcoholverkoop onlogisch en niet goed te controleren. Er is dan ook nagenoeg geen controle op de naleving ervan. Zo heeft de wetgever in Nederland bepaald dat het verboden is aan jongeren beneden de 16 jaar licht-alcoholische dranken (bijvoorbeeld bier en breezers) te verkopen. Aan jongeren beneden de 18 jaar mag geen gedistilleerd worden verkocht. In de VS mag aan jongeren beneden de 21 geen alcohol worden verkocht, of het nu bier is of whisky.

Een belangrijke reden daarvoor is dat de hersenen van jongeren beneden de 21 nog in ontwikkeling zijn en alcohol de hersenen, in bijzonder hersenen in ontwikkeling, kan beschadigen. Bij de ene jongere zullen de hersenen met 18 'uitontwikkeld' zijn, maar bij een andere pas bij het twintigste jaar. De grens leggen bij 21 biedt derhalve een betere bescherming dan bij 18. Bovendien is het Nederlandse onderscheid tussen 16- en 18-jarigen onlogisch, want in een glas bier zit evenveel alcohol als in een glas jenever, namelijk ongeveer 10-12 gram. De blootstelling aan de verslavende en giftige eigenschappen van alcohol is in beide gevallen even groot. Het is daarom beter dit onderscheid uit de wet te verwijderen. Bovendien kan men, om de bescherming effectief te maken, ook beter de verkoop van alcohol aan jongeren beneden de 21 verbieden.

Het is voor winkelpersoneel geen eenvoudige opdracht om 18-jarigen te onderscheiden van 16-jarigen, of om een 18-jarige te onderscheiden van een 19-jarige. Bovendien is het niet voor iedere koper duidelijk dat het winkelpersoneel op leeftijd behoort te controleren in het geval van alcohol verkoop. De wetgever heeft het winkelbedrijf willens en wetens met een wet opgescheept die inhoudelijk niet deugt en in de praktijk niet goed uitvoerbaar is.

Naast het feit dat in de VS de wet inhoudelijk deugt, heeft men er ook voor gezorgd dat deze goed uitvoerbaar is. De, niet geringe, straffen bij overtreding zijn helder, zowel voor de koper als voor het winkelpersoneel als voor het bedrijf. De wetgever heeft bedrijven verplicht boven de kassa goed zichtbaar een bord te hangen waarop staat dat het winkelpersoneel verplicht is een ieder die jonger lijkt dan 27 (in sommige winkels zelfs 35) en alcohol wil kopen naar het identificatiebewijs te vragen. Door de leeftijd zo hoog te stellen vangt de caissière iedere jongere beneden de 21 jaar. Geen onduidelijkheid voor de klant en ook geen excuus ('hij/zij leek echt 21') voor het winkelpersoneel.

De koper jonger dan 21 krijgt een aanzienlijke boete, het winkelpersoneel dat alcohol verkoopt aan een persoon die jonger is dan 21 krijgt dezelfde straf en het winkelbedrijf in kwestie loopt het risico dat de vergunning voor alcoholverkoop wordt ingetrokken. Bovendien weet het winkelpersoneel dat als het betrapt wordt op de verkoop van alcohol aan jongeren beneden de 21, het er zonder pardon uitvliegt.

Prof. dr. M.N.Verbaten is emeritus hoogleraar psychofarmacologie aan de Universiteit Utrecht.

    • M.N. Verbaten