Neo-spiritualiteit bij Twaalfhoven

Voorstelling: Echoes across the Divide. Muziek: Merlijn Twaalfhoven. Gehoord: 20/4 Domkerk, Utrecht. Inl.: www.vredevanutrecht.nl.

“Waar ben je? Hier!“ Van links naar rechts schalde het gisteren uit kinderkelen door de Utrechtse Domkerk. Een bonte verzameling koren, ensembles en zangsolisten opende zo met Echoes across the divide van componist Merlijn Twaalfhoven het festival “Vrede van Utrecht 2006'.

De echte Vrede van Utrecht werd op 11 april 1713 gesloten, en maakte een einde aan de Spaanse successieoorlog die sinds 1702 gewoed had. Aan die historische gebeurtenis werd verder niet gerefereerd - er zijn in het heden nog genoeg vredes te sluiten. “Vrede' staat hier dan ook vooral voor culturele verdraagzaamheid en verbroedering.

Echoes across the divide is een vervolg op Long distance call, een project dat Twaalfhoven vorig jaar met lokale musici uitvoerde in beide delen van de gespleten Cypriotische stad Nicosia. Die Cyprioten waren gisteren ook weer van de partij, zowel de Turkse als de Griekse. De hele voorstelling bestond uit gearrangeerde toenaderingen tussen hen. Een hoogtepunt was de “dialoog' tussen twee aan de uiteinden van het middenpad opgestelde zangeressen met een imposant stemgeluid. De verbroedering kwam later in een gezamenlijk spel, dat deels geïmproviseerd leek, in het midden van de kerk.

Deze exotische bijdragen waren ingebed in nieuwe koormuziek van Twaalfhoven zélf, uitgevoerd door Nederlandse solisten en Utrechtse amateurkoren. Twaalfhoven liet de koren met inventieve vraag- en antwoordspelletjes door de kerk echoën, met veel overgangen van chaos naar harmonie, soms ook andersom. Wel jammer dat hij zijn materiaal nergens echt verder ontwikkelde; het blijft bij wat vrijblijvende aanzetjes.

Met engelenkoortjes vanuit de nok en een op gezette tijden aangeslagen gong neigde Twaalfhoven erg naar het neo-spirituele. Voorstelling en sfeer deden dan ook geregeld denken aan John Taveners Veil of the Temple, het zeven uur durende neo-spirituele ritueel dat vorig jaar nog in de Oude Kerk in Amsterdam is uitgevoerd.

In vergelijking daarmee miste deze voorstelling een strakke regie. Er werd te veel geslenterd en gedraald, er was te weinig eenheid en onvermijdelijkheid. Een verzorgdere afwikkeling, met meer oog voor detail, had voor de rituele lading kunnen zorgen die eenvoudige handelingen (en muziek) boven zichzelf laat uitstijgen.

Een andere misser lag op het gebied van de culturele verbroedering, in het toch multiculturele Utrecht. Blanke koren, blank publiek - voor een echte “divide' hoef je helemaal niet naar Cyprus.

    • Jochem Valkenburg