Boot Camp voor watjes

Voor de deur kijk ik één huizenblok naar links. Drie sportscholen. Een blok naar rechts: nog eens twee. New York Sports Club. Steel Gym. Ze zitten er allemaal. En ik? Ik stap enthousiast de metro in. Bewegen? Blergh.

'No more!', brult Ray Salomone. 'Give me twenty!'

Ray hoort bij het groeiende leger van veteranen dat in New York burgers voor dag en dauw aanpakt. Als persoonlijk trainer of in een sportschool.

Na Vietnam werden veteranen vaker taxichauffeur of bedelaar. Nu kost Ray 135 dollar per uur. 'Het leger is goed voor me geweest. Ik verdien er nu prima door.'

Ray schreeuwt zijn klanten het liefst in het park toe, in de nog donkere ochtend, op het gras nat van de dauw. Maar het kan harder. Zoals bij Pure Power Boot Camp. Daar hebben ze vier veteranen. Camouflagenetten. Touwen om te klimmen. Muren om tegenaan te rennen. En overal grote woorden. Loyalty. Wisdom. Power.

Kom je te laat, is je peloton de klos. Moeten ze rondjes rennen. Kom je niet, bezoeken de uniformen dezelfde ochtend nog je kantoor. Waarom je eigenlijk geen dispensatie hebt aangevraagd?

Pure Power doet aan cardio en krachttraining. Ray vindt variatie maar overdreven. Het leger is ook niet altijd spannend en afwisselend. In een uur laat de trainer zo'n 200 push-ups doen. 'Basis.'

Liever nog speelt hij machtsspelletjes. 'Ik vertel een verhaaltje over hoe het was. Ze ontspannen. Op dát moment ga ik er keihard in.'

Door hem krijgt de stad betere artsen, advocaten, makelaars. Iedereen die graag de baas speelt wil wel eens in de hoek gezet worden. Blijven ze scherp van. Dat vertellen ze hem zelf nadat ze diep zijn gegaan. 'Je geest wil eerder stoppen dan je lijf aankan. Ik duw graag door.'

De veteraan laat je op zoek gaan naar reserves die je niet eens kende. Je vroeg er zelf om, zo vlak voor het strakke-shirtjesseizoen.

Maar daarmee moet je bij Ray niet aankomen. Uiterlijkheden zijn irrelevant. Het gaat om de soldier shape, de krijgsconditie.

Hoe waren ze eigenlijk, zijn legerjaren? Veel fluitende kogels om de oren? 'De mooiste tijd van mijn leven. Ik zat in Duitsland, eind jaren tachtig. In de frontlinie van de Koude Oorlog.'

Freek Staps

    • Freek Staps