Boorman en Laarmans, twee open brieven: U staat tussen lijmer en gelijmde

Met het verschijnen van Nagelaten werk, vorige week, is het 11-delige Volledig werk van Willem Elsschot compleet. Bij die gelegenheid en vooruitlopend op Elsschots 125-jarige geboortedag, volgend jaar, vroeg het Willem Elsschot-genootschap aan de schrijvers Arnon Grunberg en Tom Lanoye zich met een open brief in te leven in de hoofdpersonen uit Lijmen/Het Been, Boorman respectievelijk Laarmans.

Mijn waarde vriend Laarmans,

Weinigen zullen, wanneer het woord “held' valt, denken aan u. Ook gij niet. Daarin schuilt reeds uw heldendom. Uw argeloosheid is uw pantser. Zij doet u zaken ondernemen die getuigen van onverschrokkenheid en zin voor avontuur. Om maar te zwijgen van de eeuwige menselijke drang om te veranderen, of toch minstens om te dolen. Van klerk tot kaasboer, en terug. Gij volbrengt zo'n tocht. Een hedendaagse Odysseia aan de Schelde. Niet eens vanwege een beeldschone Helena.

Een dwaallicht kan voldoende zijn.

Of een hoger inkomen dan uw broer, de dokter.

Alleen het echte ondernemen wil u niet lukken. Of beter gezegd: het lukt u niet helemaal. Dat maakt u net tot de perfecte gids van ons tijdvak.

De blinde ziener Theiresias zag haarscherp hoe de antieke wereld in elkaar zat, en hij legde daarvan zozeer bezwerend getuigenis af dat niemand hem durfde tegen te spreken. U bent niet blind, toch ziet u de wereld voor het eerst. Desnoods in de huiskamer waar u al twintig jaar uw dagen slijt. Of in de salon van uw vriend Van Schoonbeke, waar u zich een gerespecteerd lid van de goegemeente waande. U bent het type ziener bij wie, op een kwade dag, “de schellen van de ogen vallen'. De getuigenis van dit slag ziener heet verstomming.

Met u zien ook wij onze wereld voor het eerst. Niet alleen de liefde komt op het eerste gezicht. Ook het huiveren. Ook het gruwen. En er is veel om bij te huiveren, als je het voor het eerst ziet, van dichtbij.

Het lijmen, bijvoorbeeld. U kent het niet uit uzelf. Het moet u aangeleerd worden. U kent het ook niet uit ervaring. U dient het aan te leren oog in oog met iemand als Lauwereyssen, die in uw plaats het lijmen aan den lijve moet ondervinden, deels door uw toedoen.

Zo toont u ons de twee, lijmer en gelijmde, en hoe ze niet kunnen bestaan zonder elkaar. De lijmer heeft goedgelovigen nodig om te slagen in zijn enige roeping - het lijmen. De gelijmde heeft lijmers nodig om de hoogste status te bereiken die onze samenleving in pacht kán geven. De status die komt met de rol van slachtoffer.

Een slachtoffer hoeft geen rekenschap af te leggen voor de ijdelheid die mede een slachtoffer maakte van hem. Hij ís slachtoffer, dat is voldoende. Hij draagt zijn onrecht als een duur gewaad. Hij eist geen eerherstel, zelfs wanneer hem daartoe de kans wordt geboden. Hij aanvaardt geen terugbetaling van de geleden schade, al dan niet met interest. Hij eist een overwinning, die het liefst gepaard gaat met vernedering. Met andere woorden: hij eist dat de ander slachtoffer wordt.

U staat in het midden van dat merkwaardige verbond tussen lijmer en gelijmde. Maar u bent geen buitenstaander. Door uw aanwezigheid verschaft de lijmer meer uitleg dan hem lief is, en vinden de gelijmden in u, leerling van de lijmer, een gemakkelijke prooi voor hun emotionele chantage. Dankzij u zien we hoe groot en hoe correct de mensenkennis is van de lijmer. En hoe diep de haat is van de ander - en hoe dieper nog zijn ontkenning van het eigen aandeel in zijn ondergang.

Er zijn weinig lessen pijnlijker, en leerrijker. U schenkt ze ons, terwijl u zelf leert, en zelf lijdt.

Uw tegenhanger, de romantische held - de koene ridder, of zijn moderne broer de vrijheidsstrijder - is zich te zeer bewust van zijn kwaliteiten om een held als gij te kunnen zijn. Zijn kwaliteiten bestaan uit edelmoedigheid en vechtlust, gecombineerd met een aantrekkelijk uiterlijk en maatschappelijk succes, vooral bij maagden. Zo'n valse held kent perfect het onderscheid tussen goed en kwaad, hij handelt navenant, en leert ons uiteindelijk bitter weinig over het werkelijke leven.

U daarentegen, beste Laarmans, bént het werkelijke leven. Alleen al omdat u de zopas genoemde kwaliteiten van de valse held ontbeert.

Nee, u bent niet edelmoedig. U bent gewoon geen slecht mens. Dat is al erg genoeg, als noodlot. Te meer omdat u toch vooruit wilt komen in het leven. Maar niet ten koste van de anderen! Dat wilt u niet, dat kunt u niet. Waardoor u nooit zoveel vooruit geraakt als zij doen, en nooit zoveel als u zelf gehoopt had. Zoiets heet: tragiek.

Daarom herkennen wij onszelf in u, en in uw niet aflatende gevecht, dat nooit een overwinning oplevert, maar ook nooit een totale nederlaag. U bent geen mens van zwart of wit. U bent, zonder grijs te zijn, een mengvorm van die twee. Dat maakt u zo echt.

Uw maatschappelijk succes valt ook onder die noemer. U hebt niets te klagen, maar ook weinig om u op te beroemen. Dat maakt u tot een verpersoonlijking van de mensensoort die dit tijdsgewricht domineert, in aantal en in aanzien. De middenklasse. Het ziet er niet naar uit dat haar rijk snel voorbij zal zijn. U zult nog lang het zinnebeeld kunnen blijven van de huidige elite, de kleine burgerman. Weinig zinnebeelden hebben meer toekomst.

Uw vechtlust dan. Die duurt tot het moment dat u zich weerspiegeld ziet in het raam van uw gloednieuwe kaaskantoor - het kamertje boven de keuken, naast de badkamer. Daar zit u dan, met het versgedrukte briefpapier van GAFPA in uw hand. Achter uw rug sluipen uw twee kinderen in pyjama en op hun tenen door uw kantoor, op weg naar de badkamer. Of nee, het is uw vrouw die binnensluipt, met de mededeling: “Ik moet eventjes wat warm water krijgen om een pull-over te wassen.“ Schaamt u zich alstublieft niet voor uw capitulatie. Er zijn in de geschiedenis vestingen gevallen onder de artillerie van minder krachtige wapenen dan een kind in pyjama en een vrouw die dringend haar pull-overs moet wassen.

Tot slot uw uiterlijk, mijn waarde Laarmans. Ofschoon zeker niet afstotelijk, heeft het alles mee om ineens de Moderne Mens te verzinnebeelden, in plaats van alleen de kleine burger: het bezit geen bijzondere kenmerken. Zeker niet sinds u uw baard hebt laten afscheren, op aanraden van Boorman.

Pijpen zijn er, sindsdien, ook genoeg stukgeslagen, godzijdank. Meestal zelfs door hun bezitters. Maar het afscheren van baarden, en het verwerpen van hun bijbehorende ideologie, verdient nog steeds de aanbeveling van uw voorbeeld, of het nu gaat om flaminganten of islamisten.

Zelfs uw naamsverandering - op het oog exotisch en geforceerd, helemaal op maat gesneden van een publicatie die zich Algemeen Wereldtijdschrift noemt - bleek een voorspelling te zijn. De naamsverandering doet zich thans op veel grotere schaal voor in het Vlaamse zakenleven, in het bijzonder bij uitzendbureaus. U veranderde van Frans Laarmans in Texeira de Mattos. Vandaag verandert men van Mohammed Ali Charkaoui in Frans Laarmans.

Boorman, die nooit van naam verandert, zal in beide gevallen ongetwijfeld dezelfde argumentatie naar voren schuiven: “Neutraliteit bestaat niet in het zakenleven.' En: “Wat niet nodig is, dient geweerd.'

Ook andere redeneringen die u hem ontfutseld hebt, bewijzen elke dag nog hun geldigheid. Wij doen er ons voordeel mee, dankzij u.

De opmerkelijkste is deze.

Waar men met één product zijn fortuin kan maken, is een waaier aan producten overbodig, wat ook zogenaamde specialisten mogen beweren inzake “diversificatie' en “merchandising' van bestaande succesnummers. Deze strekken enkel de vervaardigers van zulke afgeleide producten tot voordeel - zoals parasieten het gezonde lichaam tot hun eigen voordeel doen strekken, en verder niets.

De conclusie is duidelijk en universeel. Zij is tegelijk de grote bijdrage, mijn waarde vriend, die van u de Don Quichote maakt van deze én van de vorige eeuw, en misschien wel van alle eeuwen daarvoor. Gij toont ons de tweevork van ons lot. Wij zijn of gezond lichaam of parasiet.

Wees - zo toont gij ons - indien mogelijk het gezonde lichaam. Verzorg het goed, met matige lichaamsoefening, af en toe een goed glas wijn, en een sporadisch wormspoelmiddel. Tot het van ouderdom dood neervalt en het zich niet langer meer om wormen hoeft te bekommeren.

Zijt gij parasiet? Zoek dan een gezond lichaam dat zich gek genoeg laat maken om u te aanvaarden als zaakbehartiger.

Maar wees wie ge zijt.

En wees het voluit.

Vooral in het zakenleven mag niet geprobeerd worden, waarde Laarmans. Probeer niet te acquireren als gij niet kooplustig zijt, niet te verkopen als gij niet houdt van winst, en vernoem geen bedrijf naar uw voorvaderen indien gij niet vol zijt van uzelf. Men kan proberen een brood te bakken maar men probeert geen industrie. Men probeert ook niet te baren. Waar zwangerschap bestaat volgt het baren vanzelf, te gepasten tijde.

Indien gij niet tot baren bereid zijt? Of niet baren kunt?

Baar dan niet.

Blijf klerk. Eet kaas.

Maar verkoop hem niet.

Willem Elsschot, “Volledig werk', bezorgd door Peter de Bruijn, m.m.v. Wieneke 't Hoen en Lily Hunter, elf delen. Uitg. Athenaeun - Polak & Van Gennep, Amsterdam.

    • Tom Lanoye