Alsof je een schilder zijn verf afpakt

Foto's en films die op Kodachrome zijn gemaakt blinken uit in kleurenrijkdom, scherpte en diepte. Maar door het oprukken van digitale fotografie wordt de film nog maar amper gebruikt. “In een digitale wereld groeit alles naar eenvormige kleuren.“

Kodachrome-dia voor publiciteitsdoeleinden uit de jaren ’60 foto Kodak

Een van de bekendste fotoportretten, het Afghaanse meisje met de indringende groene ogen dat Magnum-fotograaf Steve McCurry in 1984 vastlegde voor National Geographic, is onbedoeld ook een reclamefoto. De gestoken scherpte, de kleurstelling, de doortekening van textiel, haar en huid, de manier waarop de kleurvlakken van elkaar loskomen - het is allemaal een ode aan de gebruikte diafilm: Kodachrome, vaak genoemd als de mooiste beelddrager ooit. Bij alle andere kleurenfilms zitten de kleurstoffen in de emulsie, de lichtgevoelige laag van de film. Bij Kodachrome worden de kleuren later toegevoegd; het is de enige film die bij het ontwikkelen door bakken met verf gaat. Kodachrome ontwikkelen kan alleen in gespecialiseerde laboratoria, waarvan er wereldwijd nog maar drie zijn.

National Geographic stond decennialang vol Kodachrome-foto's, en bij het Nederlandse mode- en fotoblad Avenue was Kodachrome ook lange tijd de norm. De tijden zijn veranderd. Dennis Dimmick, adjunct-hoofdredacteur van National Geographic, meldt dat het aandeel digitale fotografie in het blad steeg van twintig procent een jaar geleden naar tachtig procent nu. “Het is ironisch dat sommige filmemulsies nu beter zijn dan ooit. Maar de markt verdwijnt doordat digitale camera's snel beter worden“, aldus Dimmick.

De digitale hype doet fotografen wereldwijd vergeten dat film nog steeds veel voordelen heeft. Vooral Kodachrome is nu een ernstig bedreigde filmsoort - maar voor een herontdekking is het nog niet te laat. Voor twaalf euro, inclusief ontwikkel- en inraamkosten, kan iedereen aan de slag met de film waarmee Steve McCurry nog steeds graag werkt. “Ik hou van de look van Kodachrome, van het kleurenpalet“, laat hij telefonisch vanuit zijn studio in New York weten.

Er is meer. Meer pixels dan bij digitale fotografie, bijvoorbeeld (zie kader). Maar de belangrijkste reden om Kodachrome en andere films tegen uitsterven te beschermen is behoud van variëteit. Vergelijk het met de schilderkunst: het afschaffen van olieverf en waterverf omdat acrylverf zo geweldig is, zou door niemand worden toegejuicht.

Badkamer

In 1917 bezochten twee Amerikaanse jongens, Leopold Mannes (18) en Leopold Godowsky (17) de bioscoopfilm Our Navy, die als kleurenfilm was aangekondigd. Maar het gebruikte procédé was zo gebrekkig dat Mannes en Godowsky zich bekocht voelden. Ze besloten er wat aan te doen. Hun lange zoektocht naar de heilige graal van natuurgetrouwe kleurenfotografie begon in badkamers thuis en in hotelkamers. Ze deden het allemaal in hun vrije tijd, want beiden waren musicus van beroep. Godowsky speelde later samen met violist Jascha Heifetz en trouwde met een zuster van George en Ira Gershwin.

Na jaren van experimenteren met emulsies trokken Godowsky en Mannes, “God and Man', de aandacht van investeerders. In 1930 werd het hele project gekocht door Eastman Kodak in Rochester bij New York. Deze filmfabrikant was met het Duitse Agfa verwikkeld in een wedloop naar de eerste bruikbare kleurenfilm. De beide Leopolds leken de sleutel te hebben gevonden voor een techniek die Kodak en anderen al hadden opgegeven, omdat het onhaalbaar zou zijn: de kleurstoffen werden niet ingebakken in de film en geactiveerd bij het ontwikkelen, maar pas tijdens het ontwikkelen toegevoegd.

Na achttien jaar waren Mannes en Godowsky eruit: op 12 april 1935 werd Kodachrome gelanceerd als 16 millimeter-film voor bewegende beelden. Het typeerde de uitvinders dat ze Kodak daarna verlieten en zich weer op de muziek stortten. In 1936 kwam Kodachrome beschikbaar voor fotografie, op de filmbreedte die we nu kennen als kleinbeeld of 35 mm-film.

Zeventig jaar later ligt Kodachrome op het sterfbed, onopgemerkt door de digitale nabestaanden. Wel heerst er grote bezorgdheid onder amateur- en beroepsfotografen, die de unieke kwaliteiten van de film kennen, en onder bijzondere gebruikersgroepen zoals orchideeënkwekers (wegens de kleurechtheid) en vliegtuigspotters (voor de uiterst scherpe detaillering). Het enige Europese Kodachrome-lab, in Lausanne, kreeg in 2002 nog een miljoen films per jaar binnen, nu een kwart daarvan.

Voor Kodachrome super 8-smalfilm is het doek al gevallen. De beroemdste smalfilm ooit, geschoten door Abraham Zapruder op 22 november 1963 van de moord op president Kennedy, was een Kodachrome. Onderzoekers naar de moord, op zoek naar onthullende details, zijn daar altijd dankbaar om geweest. Maar het aantal films daalde tot 100.000 in 2005, te weinig om door te gaan, oordeelde de Kodak-directie. In september worden in Lausanne 's werelds laatste Kodachrome smalfilms ontwikkeld. Is dat erg?

Kodak heeft inmiddels een nieuwe smalfilm op de markt gebracht, de Ektachrome T64 die veel makkelijker is te ontwikkelen. Smalfilmers wereldwijd kunnen hun hobby of werk gewoon voortzetten. Toch? Nauwelijks, vindt Erwin van 't Hart van de Filmbank. Hij was een van de organisatoren van het filmfestival Starting from Scratch, in februari in De Balie in Amsterdam, met het onderdeel Kodachrome: geboren 1935 - gestorven 2006. Van 't Hart: “Kodachrome is extreem scherp. De kleuren komen helemaal los van elkaar, en dat geeft samen met die scherpte een grote dieptewerking. De nieuwe Ektachrome smalfilm is niet lelijk, maar het beeld is afgezwakt.“

Chris Cottrill, hoofdredacteur van het Amerikaanse tijdschrift Super 8 Today, noemt Ektachrome “inferieur aan Kodachrome. Ik test nu de resultaten van T64 van vijf verschillende labs. Maar zelfs het allerbeste lab kan T64 niet de fijnkorreligheid geven van Kodachrome.“ Kodaks aankondiging om met Kodachrome smalfilm te stoppen, leidde tot een stortvloed aan petities. Een greep uit ruim vijfduizend oproepen aan Kodak:

“You kill a language.'

“Don't let the digital era destroy beauty.'

“You can't get those colors anywhere else.'

It's beautiful and we need to have a choice.'

Tevergeefs dus. “Een ramp“, zegt Van 't Hart. “De schoonheid van Kodachrome is onnavolgbaar, alle kenners weten het. Kodachrome is een standaard, ook voor video. Dus de hele standaard zal gaan dalen, ook voor filmers die met digitale methoden werken.“

Kodachrome bestellen kan nog bij elke goede Nederlandse fotozaak, de allerbeste hebben het op voorraad. De diafilms die de gemiddelde fotowinkelier wel verkoopt zijn allemaal van het E6 type, met de kleurstoffen al voorgekookt in de emulsie, zoals Fujichrome en Ektachrome.

E6 heeft drie bezwaren in vergelijking met Kodachrome. De kleuren van E6-films hebben de neiging een beetje op elkaar te lijken, ze zwemen een beetje naar elkaar toe. Bij Kodachrome is rood echt rood, en paars echt paars, als in geen andere film.

Dan is er de duurzaamheid, één van de redenen waarom McCurry graag met Kodachrome werkt. De kleuren van een E6-film begonnen traditioneel na een jaar of tien te verbleken, tegenwoordig duurt dat aanzienlijk langer. Dia's van Fujichrome Velvia, volgens velen de beste E6-film, gaan 75 jaar mee, mits koud en donker bewaard. Maar bij Kodachrome verbleekt de minst stabiele kleur, geel, pas na 185 jaar met maximaal twintig procent. Dat zegt het gezaghebbende Wilhelm Imaging Research instituut in Amerika, waar wordt berekend hoe lang allerlei beelddragers, digitale prints bijvoorbeeld, kleurecht blijven. De extreme duurzaamheid van Kodachrome contrasteert met cd's en dvd's die eens per tien jaar of vaker moeten worden vervangen om de bestanden te behouden.

In 2002 verscheen het fotoboek Kodachrome 1939-1959 The American Invention of Our World, met Charles de Gaulle op een slagveld, Hitler aan de lunch, Marilyn Monroe voor een waterval. Vrijwel alle kleurenfilms die in die periode waren belicht, zoals Agfacolor en Ektachrome, waren onbruikbaar, schrijft samensteller Els Rijper in het voorwoord. En ook: “Alleen de Kodachrome-beelden uit de jaren veertig en vijftig zijn vrijwel niet verbleekt, daardoor was dit boek mogelijk.“

Het derde voordeel van Kodachrome is de hoge “randscherpte'. Doordat de kleurstoffen niet in de film zitten, kan de emulsie superdun blijven. De Nederlander Erwin Puts, fotograaf en internationaal bekend als schrijver van boeken over Leica-camera's, zegt desgevraagd: “In E6-films heb je zeer fijne kleurvlokken die het licht behoorlijk verstrooien, het gaat alle kanten uit en dat geeft een zacht beeld. De korrels in Kodachrome zijn niet kleiner maar hebben scherpere randen. Daardoor krijg je niet die dichtgeplamuurde structuur van E6-films en zijn de vlakscheidingen en de randscherpte veel beter. Samen met de heldere kleuren geeft dat een sterk driedimensionaal effect.“ Erwin van 't Hart: “De kleuren kunnen bij Kodachrome niet naar elkaar overlopen. Ze komen daardoor geheel los van elkaar en dat geeft een grote dieptewerking.“

Het grote bezwaar van Kodachrome is dat de belichte films op de post moeten en dat ze een dag of tien weg zijn. Wie haast heeft, vliegt met easyJet naar Genève/Lausanne en heeft de dia's vier uur later in handen, maar dat loont pas vanaf een film of veertig tegelijk. Puts: “Ik ken veel fotografen die graag met Kodachrome zouden werken, maar er vanaf zien door deze belemmering.“ McCurry heeft dezelfde ervaring. Hij doet tweederde van zijn werk op film, de rest digitaal. En van de film is weer eenderde Kodachrome. “Opdrachtgevers vragen me nooit welke beelddrager ik gebruik, maar vaak zijn ze wel geïnteresseerd in de levertijd. Moet het heel snel, dan werk ik digitaal. Maar ik werk liever op film. En ik zou veel meer Kodachrome gebruiken als het sneller ontwikkeld kon worden.“

Kodachrome kan gered worden door het te promoten. Stabilisatie van de aantallen films van nu zou al genoeg zijn. Maar adverteerders, fabrikanten en winkeliers hebben iets anders aan hun hoofd: zoveel mogelijk digitale camera's verkopen. Dat gaat goed, het publiek hapt massaal toe in de veronderstelling dat digitaal superieur is aan film. De superieure kwaliteiten van film zijn ook geen sexy onderwerp voor fotobladen, want de lezers aanbidden enen en nullen. En zo gaat de variëteit onder de beelddragers teloor. Puts: “In deze digitale wereld groeit alles naar eenvormige kleuren, alle foto's zien eruit als prints in een glossy tijdschrift. Het woord film gebruiken in de huidige fototijdschriften is vloeken in de kerk. Film is ouderwets en een moderne adverteerder wil daar niet tussen staan. Vandaar dus dat niemand er meer een zinnig woord over zegt of wil zeggen.“

Campagnes

In het Amerikaanse hoofdkwartier van Kodak ligt dat anders. Om te overleven moest het bedrijf wel zwaar inzoomen op digitaal, maar niet geheel ten koste van film. Tom Mooney, chef filmfabricage bij Kodak, verwacht dat de filmsectie nog zeker vijftien jaar blijft bestaan, verder durft hij niet in de toekomst te kijken. En hij heeft nieuws: na jaren van niet-adverteren voor film komt Kodak binnenkort met nieuwe campagnes. Ook Mooney benadrukt het belang van variëteit voor de fotografie, en dus voor film naast digitaal. En dus voor Kodachrome, te midden van veel andere Kodak-films. “Het is een film met unieke eigenschappen en we weten dat veel fotografen ervan houden. Wij zullen Kodachrome blijven maken, al is het een van de moeilijkst te verkopen producten. Wij maken het, maar winkeliers moeten het wel verkopen.“

Daar hapert het dus. Javier Henserson in Boston, die tien jaar geleden een Kodachrome-discussiegroep op internet startte, meldt dat hij de film bijna nergens meer kan kopen en alleen nog maar kan bestellen. “Waar ik ook ga, het is bijna allemaal digitaal in fotowinkels.“

Mooney signaleert twee gebruikersgroepen: een kleine groep amateurs die verslingerd is aan Kodachrome, en veel beroepsfotografen die Kodachrome er graag bij willen hebben. “Ik praat veel met profs en de meeste van hen gebruiken een reeks producten, digitaal en film. Wat ze wanneer gebruiken - E6, Kodachrome, kleurennegatieffilm of digitaal - hangt af van de situatie.“ Mooney, en ook chef voorlichting Charlie Smith, herhalen een paar keer dat Kodak Kodachrome zal blijven maken. Tot wanneer? “We blijven het maken.“ Klinkt geruststellend, ware het niet dat de Kodachrome-familie al gedecimeerd is. De smalfilm is weg, in 2002 verdween Kodachrome 200 ASA professional en de Kodachrome 25. Vooral die laatste verdwijning kwam hard aan bij de kenners. De combinatie van 25 ASA (extreem dunne emulsie) en de reguliere Kodachrome-kwaliteiten maakten het tot de scherpste kleurenfilm aller tijden. “Oh, Kodachrome 25“, verzucht McCurry. “Daar werkte ik veel mee, dat was een geweldige film.“

Nu resteren alleen nog drie Kodachrome-diafilms (de 200 ASA amateur, en de 64 ASA in amateur en professionele editie). Kodak blijft ze maken - zolang er vraag is.

    • Michiel Hegener