Matige uitvoering vogelgriepplan dreigt

De meeste Europese landen hebben goede plannen klaarliggen om een grieppandemie het hoofd te bieden, maar het ontbreekt vaak aan mogelijkheden om ze in werkelijke actie om te zetten.

Zo worden de diensten die daarvoor nodig zijn soms niet goed onderhouden. En er zijn maar weinig landen die goede afspraken hebben met buurlanden over een gezamenlijke aanpak, hoewel iedereen erkent dat dat nodig is.

Dat schrijven onderzoekers van gezondheidspolitiek aan de beroemde London School of Hygiene and Tropical Medicine in een vandaag online geplaatst artikel van het medisch-wetenschappelijke tijdschrift The Lancet.

De wetenschappers constateren grote onderlinge verschillen in te verwachten aantallen zieken en doden: de schatting van sterfgevallen varieert van 14 tot 1685 per 100.000 inwoners. Voor Nederland zou dat een variatie geven van ruim 2.200 tot bijna 270.000 doden. Het meestgenoemde cijfer in Nederland is 15.000, hoewel ook het getal 40.000 veel opduikt. De planning van ziekenhuisopnamen varieert eveneens flink: van 40 tot 2707 per 100.000 inwoners.

De onderzoekers vroegen de pandemiedraaiboeken op in de 25 landen van de EU, in twee EU-kandidaatlanden (Bulgarije en Roemenië), en in twee niet-lidstaten (Zwitserland en Noorwegen). Acht van de 29 landen hadden voor eind november 2005 geen beoordeelbare plannen. Daaronder waren België en Luxemburg.

Getoetst aan 169 aan de Wereldgezondheidsorganisatie ontleende criteria zit Nederland in de groep van zeven best voorbereide landen. Aan ruim 70 procent van de criteria is voldaan. Nederland verkeert daarbij in het gezelschap van Duitsland, Ierland, Frankrijk, Zweden, Zwitserland en Groot-Brittannië.

Deskundigen verwachten dat de huidige verspreiding van vogelgriep over de wereld de kansen op een grieppandemie onder mensen vergroot. Vogelgriep is recent nog vastgesteld op een kippenfokkerij in Soedan, waarvan de eigenaar met vogelgriepverschijnselen in het ziekenhuis ligt. Ook in een dorp in Ivoorkust heerst de ziekte waarschijnlijk. In Europa worden sporadisch met het H5N1-virus besmette water- en roofvogels gevonden.