'Visie moet wortelen in liberale beginselen'

Inhoudelijk debat tussen de kandidaat-lijsttrekkers bij de VVD is belangrijk, vindt het wetenschappelijk bureau van de partij. Alleen dan kunnen de leden goed geïnformeerd kiezen.

Den Haag, 19 april. - De VVD moet niet proberen de verschillen te marginaliseren, die er ontegenzeggelijk zijn tussen de twee lijsttrekkerskandidaten Verdonk en Rutte. 'Zij verliezen aan populariteit als ze inboeten op hun imago. Er zijn wel degelijk ideologische verschillen tussen hen en dat moet je niet willen wegpoetsen zoals de kandidaten nu doen.'

Dat 'vriendelijke advies' gaf oud-voorzitter van de PvdA, Ruud Koole, hoogleraar politicologie, gisteren aan de VVD op een nieuwscollege van de Universiteit Leiden en deze krant in Den Haag. Koole reageerde op een betoog van directeur Patrick van Schie van het wetenschappelijk bureau van de VVD. Van Schie pleitte ervoor dat de kandidaat-lijsttrekkers zich zouden uitspreken over een aantal voor liberalen belangrijke onderwerpen. 'Het is zaak dat de nieuwe lijsttrekker zijn of haar visie wortelt in de liberale beginselen', zei hij, 'om vervolgens duidelijk te maken hoe hij staat tegenover bijvoorbeeld de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van godsdienst, de gelijke behandeling van man en vrouw en het wegruimen van hindernissen voor individuen.'

Van Schie, die zich vooralsnog weigert uit te spreken voor een van de kandidaten, zei zich geen zorgen te maken over de gevolgen van de lijsttrekkersstrijd in zijn partij. 'De PvdA heeft het in 2002 ook gedaan en de partij is daar niet slechter van geworden en de uiteindelijke leider heeft een sterk mandaat', zei hij. Over de kandidaten zei Van Schie dat Verdonk zich nog moest verbreden. 'Zij moet niet op één spoor blijven rijden', maar zich ook op andere terreinen bewijzen.

Van Schie refereerde aan het recente verleden toen de leden nog niets te zeggen hadden over de nieuwe lijsttrekker. 'In 1998 droeg Frits Bolkestein de leiding over aan Hans Dijkstal, waarmee we van een ideologisch doortimmerd klassiek liberaal naar een lichtvoetige linksbuiten gingen.' Daarom is het volgens Van Schie nu van belang dat er debatten worden gehouden tussen de kandidaten, zodat de leden geïnformeerd kunnen kiezen. 'Een goed verwoord liberalisme kan een brede schare kiezers trekken, een nieuwe leider moet daarin een eigen lijn trekken. De leider zal ongetwijfeld als rechts weggezet worden, maar moet daarvoor niet terugschrikken.'

Bij de PvdA kozen de leden in 2002 onder voorzitterschap van Koole voor het eerst de lijsttrekker. Zo'n 55 procent van de 60.000 leden bracht toen zijn stem uit en Wouter Bos won. De strijd om het leiderschap van de PvdA was echter niet sterk inhoudelijk, het ging om stijlverschillen.

Van Schie denkt overigens dat het een 'hele toer' zal worden om de VVD bij de komende verkiezingen 'overeind te houden'. De partij heeft nu 27 zetels in de Kamer. Hij sluit echter niet uit dat er toch winst mogelijk is. 'Ik denk dat hoog in de dertig, misschien wel boven de veertig, op termijn mogelijk is.'

Koole denkt dat de VVD met Rutte beter in staat is een breder publiek te bereiken dan met Verdonk: 'Zij zal in het centrum weinig winnen, en daar zitten toch de meeste kiezers. Als ze lijsttrekker wordt, beperkt ze de electorale kansen voor de VVD, met Rutte heeft de partij een grotere kans om door te groeien naar de gehoopte veertig zetels.' Mocht Verdonk het worden, dan zal het CDA voor de kiezer 'het redelijke alternatief' blijven, verwacht Koole, terwijl met Rutte als kandidaat het CDA juist kleiner zal worden als gevolg van de strijd Bos-Rutte.