Uitzichtloosheid in Diyarbakir leidt tot geweld

Bij rellen in Zuidoost-Turkije, waar veel Koerden wonen, vielen de afgelopen tijd 17 doden.

Zakt het gebied opnieuw weg in een spiraal van geweld?

Turkse oproerpolitie schiet traangaspatronen af op de rellende betogers. In totaal vielen bij de onlusten eind maart 17 doden. Foto AFP Turkish riot police fire tear gas 29 March 2006 at demonstrators on the main street of Diyarbakir the central city of the mainly Kurdish southeast. Two Kurdish protestors died in hospital after being injured by firearms in violent street clashes between Kurdish youths and the security forces, Osman Baydemir, the Kurdish mayor of Diyarbakir said. No other details were immediately available. Hospital sources and central government officials could not confirm the deaths. Hundreds of Kurdish youths went on the rampage for a second day hurling petrol bombs at the police and vandalizing shops. The violence broke out Tuesday following the funerals of four Kurdish rebels, who were among 14 militants killed in a major security operation in the region over the weekend. The security forces used tear gas and pressurized water against the protestors, firing also warning shots in the air. AFP PHOTO/IHLAS NEWS AGENCY AFP

Hasan (niet zijn echte naam) geniet weer als hij er aan terug denkt. Ja, natuurlijk gooide hij stenen naar de politie tijdens de rellen van zo'n twee weken terug in zijn buurt in Diyarbakir, wat dacht je.

Maar hij kwam pas echt op dreef toen een informant van de politie Hasan en zijn vrienden naar een afgelegen steeg wilde brengen, waar ze gemakkelijk afgerost en ingerekend konden worden. 'Ik vertrouwde het niet', zegt Hasan terwijl hij nog gloeit van de trots. 'Hij had een zonnebril op en toen ik nog eens goed keek, zag ik een pistool'. Toen Hasan, die als visverkoper in de buurt werkt, de portefeuille van de informant afpakte, zag hij naast een gewoon Turks identiteitsbewijs ook een papier van de geheime politie. 'Toen wisten we het zeker', vertelt Hasan terwijl het hele café geïnteresseerd meeluistert. 'We hebben hem totaal gelyncht.'

Velen binnen en buiten Turkije konden hun ogen niet geloven toen Diyarbakir en een aantal andere steden in het zuidoosten zo'n week geleden het toneel werden van de ergste rellen in tien jaar. Turkije heeft de Koerden de afgelopen jaren sociaal-culturele rechten gegeven zoals taalonderwijs in het Koerdisch en televisie-uitzendingen in die taal. Natuurlijk was het allemaal een eerste stap, en kon het veel beter, maar het ging in elk geval de goede kant op vergeleken met tien jaar geleden. Als de Koerden iets moesten zijn, dan was het hoopvol, was het idee.

Maar bij de begrafenis van 14 aanhangers van de Koerdische Arbeiderspartij van Abdullah -calan, die in een treffen met het Turkse leger om het leven waren gekomen, bleek dat veel Koerden bepaald niet dankbaar en blij waren. De vlam sloeg in de pan. In Diyarbakir werden winkels geplunderd en ramen van banken aan diggelen gegooid. In de hele regio kwamen bij confrontaties met de politie 17 mensen om het leven. De vrede in Zuidoost-Turkije was gruwelijk verstoord.

Maar waarom? Onmiskenbaar waren de rellen voor een groot deel geënsceneerd door sympathisanten van de PKK. 'Ik zag overal groepen jongeren die onder leiding stonden van een iemand die een masker op had', vertelt Huseyin (niet zijn echte naam), die in Diyarbakir geboren en getogen is en nu aan de universiteit van die stad studeert. 'Toen de groep een kledingwinkel wilde plunderen, zei de leider: nee, we moeten hem in de fik steken. En dat gebeurde.' In de Turkse media is uitgebreid gespeculeerd waarom haviken binnen de PKK onlusten willen - was het een boodschap aan meer verzoeningsgezinde Koerden die af willen van de strijd in de bergen of beseft de PKK dat haar bestaansrecht wegvalt als het conflict in Zuidoost-Turkije wordt opgelost?

Maar georganiseerd of niet, feit is dat in wijken als Huzurevleri de bevolking enthousiast inging op het aanbod van de PKK om de veldslag met de politie aan te gaan. 'Ik heb gezien dat de moeders daar brood aan hun kinderen kwamen brengen als ze op straat met de politie in de clinch lagen', zegt Huseyin. Maar waarom deed de bevolking dat? Hoe uitgebreid Hasan en zijn vrienden over de matpartij met de politie vertellen, zo beknopt zijn ze als het gaat over het waarom van de veldslag. 'De politie begon', zegt een tafelgenoot van Irfan. 'Die begrafenissen waren vreedzaam maar de politie provoceerde ons.' Hasan zelf geeft een politieke verklaring voor zijn gedrag. 'Het Turkse leger verminkt onze guerrillastrijders in de bergen', zegt hij. 'Zij snijden hun oren en ledematen eraf. Dat kan ik nooit accepteren, daarom ben ik woedend.'

Maar is dit de eerste begrafenis in Diyarbakir waarbij de politie tussenbeide komt? En is het de eerste keer dat Koerden denken dat het Turkse leger gruweldaden in de bergen verricht? 'Ik denk dat er iets anders aan de hand is', zegt student Huseyin. 'Als je kijkt waar de onlusten in Diyarbakir plaatshadden, dan zie je dat het vooral in arme wijken was, waar mensen wonen die van het platteland zijn gekomen.' Aytekin Sir, hoogleraar psychiatrie aan de universiteit van Diyarbakir, is het met hem eens. Eigenlijk maakt iedereen, zegt Sir, dezelfde fout - men ziet de problemen in het zuidoosten als een politiek probleem. Maar dat is het niet: de kern van de zaak is sociaal-economisch en misschien zelfs wel psycho-sociaal.

De afgelopen jaren kwamen honderdduizenden mensen vanuit het platteland naar Diyarbakir. Ze voelden zich daar onveilig of hun dorp werd platgebrand door het Turkse leger. Op het platteland hadden deze mensen nog een leven omdat ze voor de veestapel konden zorgen maar in de stad is die mogelijkheid er niet. En dus is er totale isolatie en gevoelsarmte. 'Je hebt het hier over gezinnen met tien, vijftien kinderen. Het is wel eens voorgekomen dat een kind kwijtraakte, bij de politie terechtkwam en zijn vader hem kwam ophalen. Na een paar uur kwam de vader weer terug: het was zijn kind helemaal niet maar hij had zoveel kinderen, dat pas thuis zijn vrouw dat doorhad.'

Te weinig liefde thuis, gebrek aan onderwijs en een uitzichtsloze sociale situatie maken vooral de gemigreerde kinderen een tikkende tijdbom. 'De enige manier die zij kennen om zich te uiten is geweld', zegt Aytekin Sir. Omdat de kinderen van het platteland komen, waar vaak nog feodale verhoudingen heersen en de zogeheten aga het voor het zeggen heeft, richten de woede en het geweld zich tegen alles en iedereen. 'In het dorp is alles van de aga dus als je die wil raken, hoef je niet te kiezen: elke daad van geweld raakt doel.' Evenzo kreeg bij de recente rellen in Diyarbakir alles het te verduren - niet alleen overheidsgebouwen zoals politiebureaus maar ook banken en zelfs een populair café als de Mado.

Volgens Sir werken er vier- tot vijfduizend kinderen op de straten van Diyarbakir. Om hen weer in het gareel te krijgen, is een onorthodoxe aanpak noodzakelijk, vindt hij. Zo moeten de autoriteiten kinderen die te veel rondzwerven op straat, oppakken en in speciale opvangtehuizen stoppen.

Binnen de risicogroep moeten tegelijkertijd talentvolle kinderen worden gestimuleerd. 'Als een kind goed in muziek is, moet ervoor worden gezorgd dat het daar ook echt een carrière in kan hebben en zo een rolmodel kan zijn voor de rest.' Zulke succesvolle kinderen kunnen iedereen in de risicogroep laten zien dat er meer manieren zijn in het leven om je te uiten - geweld is niet het enige.

Maar ook de psychiater beseft dat het niet gemakkelijk zal zijn. De regering heeft in het zuidoosten immers het systeem van de zogeheten burgerwachters ingesteld (deze moesten de plaatselijke bevolking 'beschermen' tegen de PKK maar worden vrij algemeen gehaat omdat ze hun positie misbruiken, red.) 'Als een politieagent overstuur raakt krijg ik het verzoek van de autoriteiten om te bepalen of hij nog een pistool mag dragen', zegt Sir. Maar bij de burgerwachters, aan wie massaal wapens zijn uitgedeeld, is zulke controle er niet. Het resultaat is dat een cultuur van geweld is ontstaan in Zuidoost-Turkije die op korte termijn niet gemakkelijk ongedaan te maken valt.

    • Bernard Bouwman