'Mensen verwachten een 8. Ik geef ons een 4'

D66 leed in maart voor de tiende keer in twaalf jaar een verkiezingsnederlaag. 'Ik denk dat we te weinig een grens getrokken hebben.'

Foto Roel Rozenburg Lousewies van der Laan FOTO: Roel Rozenburg Rozenburg, Roel

Al jaren geleden had Lousewies van der Laan, sinds begin dit jaar fractievoorzitter van D66, zich voorgenomen wat zij zou doen als ze partijleider was en D66 opnieuw verkiezingen verloor. Zij zou niet, zoals ze haar voorgangers had horen doen, zeggen dat het de volgende keer vast beter zou gaan, omdat D66 zulke goede ideeën heeft. Die 'Amerikaanse peptalk' zou zij niet gaan gebruiken. Zij zou zeggen dat D66 bij zichzelf te rade moest gaan.

En dat deed Van der Laan op de avond dat de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen bekend werd. Die uitslag noemde ze 'ronduit pet'. D66 raakte op 7 maart ruim een derde van de raadszetels kwijt. Het was de tiende keer in twaalf jaar dat de partij verkiezingen verloor. Van der Laan zei: 'Ik ben niet van plan om de oorzaak ergens anders te zoeken dan bij onszelf.'

Wat D66 precies fout had gedaan, zei ze niet. Van der Laan zegt dat ze eerst de fractie wilde 'organiseren' op een manier die ze prettig vond. 'Ik heb mijn portefeuilles afgestoten om mijn werk als fractievoorzitter te kunnen doen.' Maar nu, vindt ze, is het tijd om uit te leggen wat ze op de verkiezingsavond precies bedoelde.

'We zijn een kleine partij met veel pretenties. Wij hadden de pretentie dat we op een andere manier politiek zouden bedrijven. We legden de lat hoog en dan is het logisch dat mensen een 8 van ons verwachten. Ik vind dat we niet eens een 6- halen, ik vind onszelf een 4. Als je in de peilingen op twee zetels staat (nu heeft D66 zes zetels in de Tweede Kamer, red.), moet je concluderen dat je je geloofwaardigheid als partij bent kwijtgeraakt.'

Wat ging er fout?

'Dat zijn geen afzonderlijke incidenten. We hebben beloftes gedaan aan de kiezer en die hebben we stuk voor stuk willen regelen. Die vinken we af. Maar bij mensen is het beeld ontstaan: waar staat die partij eigenlijk voor? Als mensen dat vroeger aan me vroegen, zei ik: dat staat in ons verkiezingsprogramma. Maar wat mensen bedoelen is: wanneer trekken jullie een grens? Ik denk dat we dat te vaak niet hebben gedaan.'

Welke voorbeelden heeft u daarvan?

'Het Paasakkoord, een jaar geleden. We wisten dat het risico bestond dat de PvdA de gekozen burgemeester zou torpederen (D66-minister De Graaf van Bestuurlijke Vernieuwing trad toen af, red.). Ik zou zeggen: take it like a man. Maar wat er gebeurde was: door een onbalans kwam er extra geld vrij voor milieu en onderwijs. Het beeld dat ontstond, was dat we de gekozen burgemeester hebben uitgeruild voor milieu en onderwijs. Hetzelfde gebeurde in de nacht van Wiegel (in 1999, red.), toen het correctief referendum niet doorging. We bleven toch in het kabinet. Het beeld was: wat je als partij echt belangrijk vindt, je unique selling point, is inwisselbaar.'

Gaat het om verkeerde beeldvorming of om verkeerde afwegingen?

'De afwegingen waren integer. Maar als we naar de resultaten kijken, waren die verkeerd. Het is een opeenstapeling van incidenten, waarvan ik de Afghanistan-missie het belangrijkste vind. Als je dreigt met een kabinetscrisis als de missie doorgaat, moet je dat waarmaken. Het is zo onwaarachtig als je dat niet doet.'

U was erbij. Vond u toen dat D66 het kabinet had moeten verlaten?

'Het gaat nu niet om een exegese van alles wat er is gebeurd. Het gaat erom dat we onze fouten erkennen en ervan leren. Bij beeldbepalende onderwerpen moeten we eerder op onze strepen gaan staan waardoor mensen weten wat ze aan ons hebben. Het Afghanistan-debat was een voorbeeld van ongeloofwaardige politiek. We hebben ervan geleerd, Boris Dittrich is erom afgetreden. Integere, eerlijke politiek moet weer ons handelsmerk worden.'

Op grond waarvan werden al die afwegingen, die volgens u verkeerde resultaten gaven, gemaakt?

'De sfeer in de partij is altijd heel inhoudelijk. We kijken naar wat we kunnen regelen of kunnen tegenhouden. Maar politiek heeft ook heel erg te maken met een gevoel van vertrouwen. We zijn een gewone Haagse partij geworden, terwijl we dat juist niet wilden zijn. Bij Afghanistan was onze afweging: die missie gaat toch wel door, ook als we uit het kabinet stappen. Dat is een Haagse redenering, die mensen buiten het Binnenhof niet snappen.'

Hoe gaat u kiezers de komende tijd laten zien dat D66 wel geloofwaardig kan zijn?

'We gaan ons niet profileren om het profileren. De katharsis moet zijn: fouten erkennen en leven wat je predikt. Ik weet zeker dat er ruimte is voor een linkse partij die durft te hervormen.'