De Bijlmers van morgen

Echt geschrokken zullen de Vinexwijkbewoners niet zijn, toen ze begin april de Volkskrant lazen. Ze zijn tenslotte wel wat gewend. 'Saai', 'monotoon' en 'schraal' zijn woorden die al snel vallen als journalisten en critici schrijven over de Vinexwijken, waarover de bewoners zelf in enquêtes altijd te kennen geven dat ze er prettig wonen.

Maar het artikel in de Volkskrant deed er nog een schepje bovenop. 'Vinexwijken worden Bijlmers van de toekomst', stond er boven een vet stukje over een onderzoekje van Bouwkennis, een adviesbureau in de bouw. Dit had begin april tijdens de BouwRai in Amsterdam gemeenteambtenaren en medewerkers van woningcorporaties en projectontwikkelaars gevraagd naar de toekomst van de Vinexwijken, de nieuwe generatie Nederlandse buitenwijken waarvan de meeste nu nog volop in aanbouw zijn.

Volgens het artikel was een ruime meerderheid van 63 procent van de ondervraagden ervan overtuigd dat grote delen van de Vinexwijken over twintig jaar moeten worden gesloopt, net zoals nu de flats in de Amsterdamse Bijlmermeer en vele andere naoorlogse buitenwijken.

Wie het Volkskrant-artikel heeft gelezen, kan niet anders dan concluderen dat het cynisme van de bouwers van de Vinexwijken grenzenloos is. Zeker, projectontwikkelaars zijn in de eerste plaats uit op geld, woningcorporaties zijn sinds hun verzelfstandiging twaalf jaar geleden nauwelijks nog te onderscheiden van commerciële woningbouwers en gemeentes verdienen aan Vinexwijken - maar dat ze allemaal zo gewetenloos zijn dat ze hun dagelijks brood verdienen met het herhalen van stedenbouwkundige rampen als de Bijlmer, is verbijsterend.

Het is dan ook niet waar. Wie de site van Bouwkennis opzoekt, ziet al gauw dat de begrippen 'Bijlmer' of 'sloop' helemaal niet worden genoemd in het onderzoekje. De vraag van Bouwkennis was niet of Vinexwijken over twintig jaar getto's zouden zijn, maar of ze dan toe zouden zijn aan herstructurering. En herstructurering is 'een heel ruim begrip', zo legt Bouwkennis uit op de website, geschrokken als het bureau was van het ronkende bericht dat ook RTL 4 uit de enquête destilleerde. 'RTL Nieuws heeft het bericht naar buiten gebracht onder de titel 'Vinexwijken binnen 20 jaar verpauperd' ', zo valt te lezen op de site van Bouwkennis. 'Dit geeft echter naar [onze] mening een te oppervlakkig beeld. Herstructurering is zeker niet alleen een gevolg van verpaupering. Het creëren van meer groenzones, meer parkeerplekken of het vergroten van de capaciteit van toegangswegen zijn enkele voorbeelden die ook als herstructurering gezien kunnen worden.'

Deze toelichting geeft de onzinnigheid aan van de vraag van Bouwkennis. Volgens deze definitie van herstructurering wordt elke wijk of stad vroeg of laat 'geherstructureerd', en is in bijvoorbeeld Amsterdam de laatste anderhalve eeuw sprake van een permanente herstructurering.

Het is niet de eerste keer dat Vinexwijken in verband worden gebracht met getto's en achterstandswijken. Acht jaar geleden, toen er nog bijna geen Vinex-woning was voltooid, wisten de critici Hilde de Haan en Ids Haagsma, ook in de Volkskrant, al zeker dat de Vinexwijken de 'getto's van morgen' zouden worden. Sindsdien is deze mening eindeloos herhaald door journalisten die zelf waarschijnlijk nooit in een Vinexwijk komen. Onderzoeken als het onlangs verschenen rapport van het Ruimtelijk Planbureau (RPB) over Vinexwijken, Vinex! Een morfologische verkenning, zullen daar niets aan veranderen. Het RPB kan nog zo hard roepen dat Vinexwijken zowel in stedenbouwkundig als in architectonisch opzicht een veel grotere variatie laten zien dan welke generatie buitenwijken uit de twintigste eeuw dan ook, het zal altijd een idée reçu van critici en journalisten blijven dat Vinex saai, schraal en monotoon is. Vinexwijkbewoners zullen er mee moeten leren leven dat ze voor eeuwig zitten opgesloten in 'de Bijlmers van morgen'.

Bernard Hulsman