Controle door GGD bij tattoo en piercing

Voor het eerst zal in Nederland tatoeëren en piercen onder een vorm van wettelijke regeling worden gebracht. Een ruime meerderheid van de Tweede Kamer kon zich vandaag verenigen met een voorstel van minister Hoogervorst (Volksgezondheid) om de Warenwet zo te veranderen, dat tattoo- en piercingshops voortaan een vergunning nodig hebben van de GGD.

Deze moet toezien op de hygiënische werkwijze. Shops die niet aan de eisen voldoen, kunnen door de Voedsel- en Warenautoriteit worden gesloten en beboet. Personen die tatoeëren of piercen hebben zelf geen vergunning nodig.

De landelijke wettelijke regeling sluit aan bij de in enkele Nederlandse gemeenten, waaronder Amsterdam, reeds in de gemeenteverordening opgenomen voorschriften. Naar schatting 840.000 Nederlanders boven de twaalf jaar (zes procent van de bevolking) draagt een of meerdere tatoeages, en 5,1 miljoen Nederlanders (37 procent van de bevolking) heeft een piercing. Overigens blijven juweliers, waar de meeste piercings worden verricht in de vorm van gaatjes in oorlellen, buiten de door Hoogervorst bedoelde regeling, in die zin dat het toezicht door de GGD hier een meer incidenteel karakter zal dragen. Tattoo- en piercingshops zullen door de GGD jaarlijks worden bezocht.

Hoewel alle partijen zich met de voorgestelde maatregelen - die met name zijn gericht op het tegengaan van besmettingen met hepatitis B en C, en hiv - konden verenigen, verschilde vanochtend in de Kamer de mate van enthousiasme. Buys (CDA) liet weten dat zijn partij de voorkeur had gegeven aan zelfregulering van de branche, zoals dat in België is. Volgens de minister is de organisatiegraad van de Nederlandse tatoeëerders en piercers daarvoor te laag. Kant (SP) waarschuwde voor overdreven betutteling bij een verschijnsel dat voor veel Nederlanders heel gewoon is.

Van Miltenburg (VVD) stelde een amendement voor om in de voorschriften die de GGD moet toepasssen op te nemen dat piercings en tatoeages in shops alleen mogen worden gezet bij personen ouder dan zestien jaar, tenzij hun ouders of voogden aanwezig zijn en toestemming geven. In de thans voorgestelde richtlijnen is sprake van een leeftijdsgrens van 12 jaar voor 'normale' piercings, en van 16 jaar voor tatoeages en genitale piercings.