Nederland triomfeert op WK baanwielrennen

De Nederlandse baanwielrenners hebben tijdens de WK in Bordeaux het medailleklassement gewonnen. Met drie gouden en één zilveren medaille bleven de Nederlanders de Fransen (twee keer goud) net voor. Theo Bos werd wereldkampioen sprint en keirin, Peter Schep won goud op de puntenkoers. Zilver was er voor Jens Mouris op de individuele achtervolging.

Dat Nederland een succesvol toernooi beleefde bleek ook uit vier vierde plaatsen: de teamsprint (Bos, Teun Mulder en Tim Veldt), de ploegachtervolging (Levi Heimans, Schep, Jens Mouris en Niki Terpstra), de kilometer tijdrit (Veldt) en de scratch (Wim Stroetinga).

'We hadden meer medailles kunnen halen', zei bondscoach Peter Pieters, die bij de vorige WK met acht medailles terugkwam. 'We moeten niet doen alsof dit een rampjaar is. We hebben drie gouden medailles. Als je vier keer vierde wordt zit je er goed bij. Teun had vorig jaar een superjaar. Nu was hij gewoon goed.'

Dat gold ook voor Veldt, die wel teleurgesteld was over zijn twee vierde plaatsen. 'Ik kom steeds dichter bij de top, maar ik stel hoge eisen aan mezelf.' Veldt reed het afgelopen jaar vier wereldbekers, en wil er komend jaar minder gaan rijden, zoals ook zijn maatje Theo Bos naast de EK en WK maar twee wereldbekers rijdt.

Mulder, vorig jaar nog wereldkampioen keirin in Los Angeles, kon niet verklaren waarom hij in Bordeaux buiten de prijzen viel. Op het onderdeel keirin werd hij vijfde. 'Ik had er nog nooit zo goed voorgestaan als nu', zei Mulder na zijn uitschakeling op de sprint. 'Maar dat is geen garantie voor resultaten. Zo'n toernooi moet je ook een keer meemaken.'

De jonge Friese renner Stroetinga verrichtte heel veel werk op het onderdeel scratch, een spectaculaire massakoers tussen 24 renners over zestig ronden, maar begon net te laat aan zijn eindsprint, die hem heel dichtbij bracht, maar uiteindelijk leverde het hem geen medaille op. De zege ging overigens verdiend naar de Fransman Neuville, die verreweg het meest aanvallend had gereden.

De ploegachtervolgers, vorig jaar nog goed voor zilver in Los Angeles, misten de kracht voor een medaille. In de strijd om het brons kon een vermoeid Nederland het team van de Oekraïne niet bijhouden. De finale op dit onderdeel werd een ware thriller, waarin Australië en Groot-Brittannië elkaar niets toegaven. De traditionele broederstrijd eindigde in een zege voor de Australiërs, maar hun voorsprong was bijna te verwaarlozen: driehonderdste van een seconde.

De koppelkoers eindigde in een teleurstelling voor het succesvolle duo Robert Slippens en Danny Stam, die de vorige twee WK's een zilveren en een bronzen medaille hadden gehaald. Zij konden geen indruk maken en eindigden als zevende.