Bedreigd Tsjaad tempert ultimata

Tsjaad maakt vandaag geen einde aan de oliewinning in het land, zoals de regering zaterdag had gedreigd. De regering heeft een ultimatum dat vandaag afliep, verlengd tot eind april. Dat is gebeurd op verzoek van de Verenigde Staten, die hebben aangeboden als scheidsrechter op te treden in een conflict tussen Tsjaad en de Wereldbank.

De Tsjadische president, Idriss Déby, kwam afgelopen weekend ook terug op zijn dreigement om de 200.000 Soedanese vluchtelingen over de grens te zetten als er eind juni geen oplossing is voor het conflict in de West-Soedanese regio Darfur. Déby beloofde dat hij geen dwang zou gebruiken en dat hij zich zou houden aan het internationale vluchtelingenrecht.

Met de dreigementen heeft Tsjaad wel bereikt dat de internationale druk op Soedan toeneemt om een eind te maken aan het geweld in Darfur. Tsjaad heeft Soedan er al eerder van beschuldigd de strijd in Darfur naar Tsjaad te exporteren. De rebellen die donderdag de aanval openden op de Tsjadische hoofdstad N'Djamena, worden met geld en wapens door Soedan gesteund. VN-secretaris-generaal Kofi Annan waarschuwde gisteren dat een escalatie van de spanningen tussen Tsjaad en Soedan een domino-effect op de hele regio kan hebben. Als eerste zou de wankele stabiliteit in de Centraal Afrikaanse Republiek worden bedreigd.

Met het dreigement om de oliewinning te stoppen, probeert Tsjaad een doorbraak te forceren in een conflict met de Wereldbank dat de regering fataal dreigt te worden. De Wereldbank heeft begin januari de Londense bankrekening geblokkeerd, waarop de Tsjadische inkomsten uit olie worden bijgeschreven. Daardoor kampt de Tsjadische regering met een acuut geldgebrek en beschikt ze niet over middelen om de strijdkrachten te versterken, op een moment dat het bewind in zijn bestaan wordt bedreigd.

Aanleiding voor de Wereldbank om 125 miljoen dollar aan olietegoeden te blokkeren en 124 miljoen dollar aan leningen op te schorten, was de eenzijdige wijziging door Tsjaad van de afspraken die het land met de bank gemaakt had over besteding van de olie-inkomsten. Tsjaad behield zich het recht voor om geld voor armoedebestrijding te bestemmen voor nationale veiligheid.