Woest slaan de vlammen over je sproetenkop

Je bent een jongen met rood haar en op een dag luistert de wereld naar je. Bericht uit Washington.

Christian D. Brose Foto Margriet Oostveen Oostveen, Margiet

Je bent een jongen met rood haar en je studeert in Ohio, je geboortestaat.

Je kan goed zwemmen. Je hebt een artistiek vriendinnetje dat Molly heet en oorbelletjes ontwerpt. Jij koos politieke wetenschappen maar leest liever literatuur. Zelf schrijf je ook wel eens wat. Je favoriete auteur is Philip Roth en zijn beste boek vind je The Human Stain, over een zwarte professor die zich voordoet als blank en in moeilijkheden komt, en dat allemaal in het politiek correcte Clinton-tijdperk.

Was dat echt je favoriete boek? Wat je tegenwoordig doet kleurt alles, ook je herinneringen. Als je nu zegt dat het je favoriete boek is, dan was het je favoriete boek.

Je heet Christian D. Brose. Je noemt 11 september 2001 de dag die je vorm gaf. Je bent dan tweeëntwintig jaar oud. Die dag besluit je: lezen kan altijd nog. Nu zo snel mogelijk afstuderen en naar Washington. Iets doen!

In Washington heb je geluk. Je vindt een baantje als assistent-redacteur van The National Interest, een tijdschrift over internationale betrekkingen. Je mag veel koffie halen en soms een stuk redigeren. Het is de beste introductie die je hier kunt hebben. Je leert mensen kennen die er toe doen.

De menselijkheid in travestie, noem je politiek Washington. Ja, je bent goed in soundbites.

Molly zal komen, uiteindelijk.

Jij, wonderkind, hebt alleen goede ervaringen. Een rooie die snel bloost beschouwt niemand als een concurrent. En jij bloost al op de vraag of je nog wel eens gezellig doorzakt. Woest slaan de vlammen over je sproetenkop.

Ja, je kan heel aardig schrijven. Je houdt van weidse vergezichten, historisch perspectief en een toefje persoonlijke geschiedenis.

Men pikt dat op. Zo rol je op een dag als junior der junioren het speechwriters-team van het ministerie van Buitenlandse Zaken binnen. Het Department of State, waar ik binnenduizel onder de grootste Amerikaanse vlag die ik ooit heb gezien. Hij zat een beetje om zijn mast gedraaid en er kwamen zes bewakers aan te pas om hem een stukje te laten zakken en recht te trekken en die bewakers leken daarbij net Playmobile-poppetjes. Ik moet mijn paspoort laten zien, word beklopt, bepiept, even antichambreren en dan kom jij gewoon aanwandelen, naar je schoenpunten turend.

Je bent als jongste bediende aangenomen in het team van minister van buitenlandse zaken Colin Powell, maar die vertrekt. Als Condoleezza Rice hem zal gaan opvolgen ben je vierentwintig en beleef je de spannendste dag van je leven.

Je team wordt op het Witte Huis ontboden. In de Situation Room. En jij mag mee! Naar de Situation Room! Het ondergrondse crisiscentrum waar alleen de ingewijden komen!

Met zijn vijftienen zitten jullie om haar heen. Iedereen is nerveus. Niemand weet wat Condi wil. Ze kan de hele meute evengoed ontslag aanzeggen en een eigen team benoemen.

Dat gebeurt niet. Zij wil brainstormen over de eerste toespraak die ze voor het Congres zal houden. Men komt er niet uit, zij blijft ontspannen. Daardoor durf jij uiteindelijk ook.

Wat precies, vertel je achteraf niet. Wel dat het te maken had met kolossale veranderingen in de wereld. En dat jullie je daaraan moeten aanpassen. En dan nog iets over offers.

Pas later begrijp je dat haar eigen speechwriter al is weggegaan en dat Condi een talentenjacht is begonnen. Die jij zal winnen.

Nu ben je dus zesentwintig jaar oud en hoofd-speechwriting van het Department of State. In het brein van de belangrijkste minister ter wereld resoneren jouw woorden. Wereldleiders luisteren naar jou.

Terwijl Colin Powell altijd in het vliegtuig stapte met zijn speeches in een map, vliegt Condoleezza Rice de wereld rond met jou. Geen toespraak zonder jou in haar buurt. Jij moet iedere nieuwe inval tot op het laatst vormgeven, versoepelen, hier even iets uit haar jeugd toevoegen, daar nog een snufje idealisme in het algemeen.

Je baas werd ooit opgeleid tot concertpianiste. Jij noemt speechwriting uitvoeringskunst. Aan lezen kom je niet meer toe. Jij maakt iets dat gehoord wil worden. Je denkt nu in klank en cadans. Jij vindt jou een dichter.

    • Margriet Oostveen