Stad zoekt een centrum

Bomen groeien op de gebouwen in het oude vervallen centrum van Jakarta. Maar nu bestaan er concrete plannen om het voormalige Batavia grootscheeps te restaureren. 'De wijk mag geen monument worden.'

Straat langs de Kali Besar in de Kota. Foto Ben Knapen Knapen, Ben

Het oude Batavia is niets voor toeristen. Het is er smerig, heet en 's avonds niet zo veilig. Maar ze zijn er soms toch, vooral uit Nederland. Nergens is waarschijnlijk zo loepzuiver de term Vergane Glorie in beeld gebracht als hier. Adembenemend mooie architectuur, van late barok, neo-classicisme en vooral nieuwe zakelijkheid en art deco.

Maar voor praktisch elk gebouw geldt ook de waarschuwing 'Betreden op eigen risico'. Neem het statige gebouw van de Rotterdamsche Handelsvereeniging, uit 1913, architect Cuypers. Achter de rijzige entree hangt links een waslijn en achter de houten loketten van weleer - opschrift 'Kas' - heeft een aantal vrouwen met kleine kinderen slaapmatjes uitgerold. Het is er donker door de vette aanslag van jaren op de glas-in-loodramen. Op de eerste verdieping zijn een paar mensen de attributen voor een fotosessie van het blad Maxim aan het opbouwen: de flirt met de verpaupering is onder mode-fotografen sedert de West Side Story nu eenmaal een trend gebleven. De torens erboven zijn niet toegankelijk, ook niet op eigen risico, want de trappen zijn afgebroken.

Het vroegere Emma ziekenhuis ernaast brokkelt letterlijk af, stukken van het dak liggen op straat en in de entreehal. Iets verderop duidt de naam Virgin Club voor een smoezelige massagesalon er op dat gevoel voor humor de wijkbewoners niet heeft verlaten. Maar alles wat in deze wijk tot hoofdschudden leidt, gaat veranderen. Eindelijk. Een groep bevlogen bestuurders, architecten en stedenbouwkundigen wil het oude Batavia binnenstebuiten keren.

De 52-jarige architect Budi Lim is één van hen. Fonkelende ogen, rond brilletje, zwart montuur. In zijn atelier heeft hij een maquette van de hele wijk in elkaar gezet. Vanaf het oude station van Batavia en het hoofdkantoor van de Nederlandsche Handel Maatschappij tot aan het oude ophaalbruggetje aan het einde van de vroegere flaneerboulevard langs het water van de Kali Besar. Het is een gebied waar omstreeks 1800 amper 50.000 mensen woonden, van wie de helft slaven.

De architect wil verkeersaders verleggen, panden geschikt maken voor opleidingsinstituten, appartementen bouwen. 'Dit is mijn passie, hier werk ik nu al vijfentwintig jaar elke vrije dag aan', zegt hij, 'ik maakte al plannen toen ik nog in Oxford studeerde.'

Trieste restauratie

Af en toe is er de laatste dertig jaar een gebouw gerestaureerd. Dat was bijna onvermijdelijk, want de gebouwen smeken er als het ware om. Meestal gebeurde de restauratie met Nederlands of oud-Indisch geld. Zo werd het vroegere Stedelijk Museum in 1975 in oude glorie hersteld en gaat nu als Wajang museum door het leven. Op de binnenplaats verwijst een steen nog naar de, overigens verdwenen, stoffelijke resten van de stichter van Batavia, Jan Pieterszoon Coen. Ook het Toko Merah (het Rode Huis) aan de Kali Besar, in 1730 gebouwd door Willem van Imhoff, is opgeknapt. Hier woonde de voornaamste bestuurder van de Verenigde Oost Indische Compagnie. Aan de Kali Besar is een trottoir aangelegd, met gietijzeren bankjes en hier en daar een klein plantsoen.

Maar tot nu toe is het allemaal trieste restauratie gebleven. De gebouwen hebben geen functie van betekenis en het verval is weer druk doende zich er meester van te maken. Het water van de Kali Besar is grauw-grijs, vol afval en het stinkt. Op de hoek wordt het eens prachtige art deco-gebouw van het Nieuws van den Dag nog wel gebruikt. Beneden waar vroeger de koeriers zich verzamelden, is nu nachtclub Athene. Maar boven groeit het struikgewas uit de tweede verdieping en verzamelen zich 's nachts waarschijnlijk de ratten.

Af en toe een gebouw opknappen in een gribus is onbegonnen werk. De buurt verovert het gerestaureerde gebouw altijd weer terug. Al vóór maar in extreme mate na de onafhankelijkheid is Jakarta naar het zuiden uitgeweken. De betere wijken liggen nu zo'n tien kilometer zuidelijker. Daar staan de grote shopping malls, zijn de banken gehuisvest en woont de nieuwe middenklasse. De oude Kota is verweesd achtergebleven. Duizenden arme mensen wonen er boven op elkaar, in kleine golfplaten verzinsels of in de ontheemde gebouwen, bediend door de versleten waterleidingen uit de Nederlandse tijd. Er is handel in tweedehands autobanden, tweedehands mobieltjes, in potten, pannen en T-shirts. Je kunt er pool spelen en gokken en je kunt er zelfs nog een echte fietstaxi nemen, dus achterop de bagagedrager voor 30 eurocent. En zoals gezegd, je kunt er 's avonds beter wegblijven of je pal voor de deur van het heerlijk nostalgische grand-café Batavia, tegenover het oude stadhuis, laten afzetten.

De stichting Kota Baru heeft zich voorgenomen niet in de valkuil te lopen van weer een opknapbeurt voor een historisch pand. Het oudste deel van Batavia kan alleen tot leven worden gewekt als de hele wijk wordt gerevitaliseerd. Het gebied heeft 'prachtige monumenten, maar de wijk mag geen monument worden', is de stelling van de stichting waarvan de leden uit de kringen van bedrijfsleven, scholing en gemeentelijke infrastructuur komen. Architect Lim: 'Met het romantiseren van oude gebouwen los je het wijkprobleem niet op. Kota is ziek, heeft geen zelfvertrouwen en geen gemeenschap meer. Dat gaan we nu allemaal te lijf.'

De stichting heeft inmiddels met de eigenaren van tien gebouwen een intentie-overeenkomst gesloten om de panden op te knappen en meteen ook te zorgen voor een gevarieerd soort bewoners. Het design-centrum voor de Indonesische meubelbranche moet er komen, een centrum voor jonge kunstenaars en binnen twee jaar minstens tien galeries. De gemeente gaat zorgen voor riolering en is in beginsel bereid mee te werken om een paar straten te verleggen. Budi Lim: 'Ik wil geen autoloze wandelstraten, want dan komt de wijk niet meer tot leven.' Wat hem betreft strijkt straks ook het Nederlandse cultureel centrum, het Erasmus-huis, er neer. Het zit nu in een goed geoutilleerd, maar bijzonder lelijk gebouw elders in de stad.

Langs de Kali Besar heeft Budi Lim parkeerhavens getekend waarachter ruimte is voor stalletjes. 'Ruimte vullen met functies', heet dat in zijn ietwat holistische jargon. Zijn grote voorbeeld is Covent Garden in Londen, een wijk die van karakter is veranderd en weer tot bloei is gekomen.

Schade en schande

Waarom zou dit keer lukken wat tot nu toe altijd is mislukt? Daarvoor zijn geen garanties en het verleden maakt sceptisch. Maar er zou nu sprake kunnen zijn van een gelukkige samenloop van omstandigheden. De stad beseft, door schade en schande wijs geworden, dat een wijk niet is gered met hier en daar een opgeknapt monument. Bovendien begint de wijk iets meer op te vallen nu sinds kort een vrije busbaan vanuit het zuiden eindigt bij het oude station van Batavia. Duizenden mensen die amper nog van het bestaan van het oude Batavia wisten, hebben het laatste jaar overdag gezien wat de stad hier heeft laten gebeuren.

Het zielloze samenraapsel van wijken rondom shopping malls waartoe Jakarta met zijn twaalf miljoen inwoners inmiddels is ontaard, begint geleidelijk aan ongunstig op te vallen. Groot alleen is geen garantie voor aantrekkelijkheid. De meeste toeristen uit andere landen dan Nederland mijden de stad inmiddels veelal.

Plaatselijke kranten en televisiestations hebben hun verslaggevers de laatste tijd herhaaldelijk op pad gestuurd naar Singapore, naar het Maleisische eiland Penang en naar de oude havenstad Malacca, naar Shanghai, waar oude wijken en havenkades met succes weer tot leven zijn gewekt. Toeristen gaan er graag heen en zelfs in het bahasa Indonesia noemt men het inmiddels heritage trails. Ze markeren het verschil met de massaliteit van zoveel Aziatische metropolen die door de ongekende boom van de laatste decennia als vormeloze betongedrochten hun weg in het landschap vinden. Allemaal kopieën van Los Angeles, de eerste stad die bestaat uit buitenwijken op zoek naar een centrum. Misschien blijkt de tijd rijp om de noordelijke zelfkant van de metropool Jakarta opnieuw tot leven te wekken.

    • Ben Knapen